<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2015:1289</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T12:16:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-02-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-02-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">21-002968-14</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0003245">Wet milieubeheer</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0003245&amp;artikel=1.1">Wet milieubeheer 1.1</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0003245&amp;artikel=10.45">Wet milieubeheer 10.45</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001854">Wetboek van Strafrecht</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001854&amp;artikel=14a">Wetboek van Strafrecht 14a</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001854&amp;artikel=14b">Wetboek van Strafrecht 14b</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001854&amp;artikel=14c">Wetboek van Strafrecht 14c</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001854&amp;artikel=23">Wetboek van Strafrecht 23</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001854&amp;artikel=24">Wetboek van Strafrecht 24</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001854&amp;artikel=24c">Wetboek van Strafrecht 24c</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001854&amp;artikel=63">Wetboek van Strafrecht 63</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0002063">Wet op de economische delicten</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0002063&amp;artikel=2">Wet op de economische delicten 2</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0002063&amp;artikel=6">Wet op de economische delicten 6</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Milieurecht Totaal 2015/6000</rdf:li>
          <rdf:li>JM 2015/44 met annotatie van T. van der Meulen</rdf:li>
          <rdf:li>JAF 2015/507 met annotatie van mr. M.A. Toepoel</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2015:1289">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2015:1289</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-02-24T14:24:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-02-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2015:1289 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 25-02-2015 / 21-002968-14</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2015:1289:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Het hof veroordeelt verdachte voor opzettelijke overtreding van een voorschrift gesteld bij art. 10.45 lid 1, onderdeel a, van de Wet Milieubeheer tot een geheel voorwaardelijke geldboete van 500 euro. </para>
        <para>Uitleg begrip ‘bedrijfsafvalstoffen’.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2015:1289:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>Afdeling strafrecht</para>
  <parablock>
    <para>Parketnummer:	21-002968-14 </para>
    <para>Uitspraak d.d.:	25 februari 2015 </para>
    <para>TEGENSPRAAK</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Arrest van de economische kamer</title>
    <para>gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de economische politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 20 mei 2014 met parketnummer 81-066641-13 in de strafzaak tegen</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verdachte],</title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], </para>
      <para>wonende te [woonplaats].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Onderzoek van de zaak</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 11 februari 2015 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.</para>
      <para>Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd. Het hof heeft voorts kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman, mr. G.J.M. Kruizinga, naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het vonnis waarvan beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof zal het vonnis waarvan beroep om proceseconomische redenen vernietigen en daarom opnieuw rechtdoen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is tenlastegelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 6 november 2012, althans in de maand november 2012, in de gemeente [plaats], althans in Nederland, al dan niet opzettelijk, bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen, te weten 26, althans een aantal (gebruikte en/of defecte) wasmachines en/of wasdrogers, heeft ingezameld, zonder vermelding op een lijst van inzamelaars.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Bewijsoverwegingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunt van het openbaar ministerie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat de door verdachte ingezamelde wasmachines en wasdrogers bedrijfsafvalstoffen zijn en dat een bewezenverklaring van het tenlastegelegde feit kan volgen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman heeft betoogd dat de ingezamelde wasmachines en wasdrogers niet zijn aan te merken als bedrijfsafvalstoffen dan wel gevaarlijke afvalstoffen en dat verdachte moet worden vrijgesproken van het tenlastegelegde.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Oordeel hof</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is tenlastegelegd dat hij bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen heeft ingezameld, zonder vermelding op een lijst van inzamelaars. Voor een bewezenverklaring dient vast te staan dat de door verdachte ingezamelde wasmachines en wasdrogers zijn aan te merken als bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 1.1 van de Wet Milieubeheer definieert in het eerste lid het begrip ‘bedrijfsafvalstoffen’ als: <emphasis role="italic">‘afvalstoffen, niet zijnde huishoudelijke afvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen’. </emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het begrip ‘afvalstoffen’ wordt gedefinieerd als: <emphasis role="italic">‘alle stoffen, preparaten of voorwerpen, waarvan de houder zich ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen’</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het begrip ‘huishoudelijke afvalstoffen’ wordt gedefinieerd: <emphasis role="italic">‘afvalstoffen afkomstig uit particuliere huishoudens, behoudens voor zover het ingezamelde bestanddelen van die afvalstoffen betreft, die zijn aangewezen als gevaarlijke afvalstoffen’</emphasis>. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het begrip ‘gevaarlijke afvalstof’ wordt gedefinieerd als: <emphasis role="italic">‘afvalstof die één of meer van de in bijlage III bij de kaderrichtlijn afvalstoffen genoemde gevaarlijke eigenschappen bezit’.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het begrip ‘inzameling’ wordt gedefinieerd als: <emphasis role="italic">‘verzameling van afvalstoffen, met inbegrip van de voorlopige sortering en de voorlopige opslag van afvalstoffen, om deze daarna te vervoeren naar een afvalverwerkingsinstallatie’</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof is van oordeel dat de door verdachte ingezamelde wasmachines en wasdrogers zijn aan te merken als bedrijfsafvalstoffen. Doordat verdachte op meer of minder bedrijfsmatige schaal de apparaten inzamelde bij particuliere huishoudens en ze op zijn terrein opsloeg en “stripte”, verloren de apparaten hun status als afkomstig uit particuliere huishoudens. </para>
      <para>Naar het oordeel van het hof passen deze uitleg en toepassing van de desbetreffende begrippen het beste bij de strekking van de onderhavige regeling van de Wet Milieubeheer.<footnote-ref linkend="_125c0d69-6509-46fa-bfb5-88e5ac7feec5" /> Het hof verwerpt het verweer. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Door wettige bewijsmiddelen, waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 6 november 2012, althans in de maand november 2012, <emphasis role="strike-through">in de gemeente [plaats], althans</emphasis> in Nederland<emphasis role="strike-through">, al dan niet</emphasis> opzettelijk<emphasis role="strike-through">,</emphasis> bedrijfsafvalstoffen <emphasis role="strike-through">of gevaarlijke afvalstoffen</emphasis>, te weten 26<emphasis role="strike-through">, althans een aantal (</emphasis>gebruikte en/of defecte<emphasis role="strike-through">)</emphasis> wasmachines en/of wasdrogers<emphasis role="strike-through">,</emphasis> heeft ingezameld, zonder vermelding op een lijst van inzamelaars.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Strafbaarheid van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen verklaarde levert op:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 10.45, eerste lid, onderdeel a, van de Wet Milieubeheer, opzettelijk begaan.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Oplegging van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal heeft geëist dat verdachte wordt veroordeeld tot een geldboete van 1.000 euro subsidiair 20 dagen vervangende hechtenis.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte en zijn draagkracht, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het opzettelijk inzamelen van bedrijfsafvalstoffen zonder vermelding op een lijst van inzamelaars (een zogenaamde VIHB-lijst). Het handelen van verdachte werkt concurrentievervalsend ten aanzien van bonafide ondernemingen die wel staan ingeschreven op de VIHB-lijst en kosten hebben gemaakt om aan de eisen te voldoen om op deze lijst te mogen worden vermeld.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep verklaard dat het met zijn financiële situatie zeer slecht gesteld is. Het hof acht dit aannemelijk. Het hof volstaat daarom met de oplegging van een geheel voorwaardelijke geldboete van 500 euro, met een proeftijd van 2 jaar. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24c en 63 van het Wetboek van Strafrecht, de artikelen 1a, 2 en 6 van de Wet op de economische delicten en artikel 10.45 van de Wet milieubeheer.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vernietigt het vonnis waarvan beroepen en doet opnieuw recht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vernietigt de eerder uitgevaardigde strafbeschikking.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">geldboete</emphasis> van <emphasis role="bold">€ 500,00 (vijfhonderd euro)</emphasis>, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door <emphasis role="bold">10 (tien) dagen hechtenis</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt dat de geldboete niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van <emphasis role="bold">2 (twee) jaren</emphasis> aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gewezen door</para>
      <para>mr. J.A.W. Lensing, voorzitter,</para>
      <para>mr. M.L.H.E. Roessingh-Bakels en mr. A. van Waarden, raadsheren,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. R. Jansen, griffier,</para>
      <para>en op 25 februari 2015 ter openbare terechtzitting uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>mr. M.L.H.E. Roessingh-Bakels is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_125c0d69-6509-46fa-bfb5-88e5ac7feec5" label="1">
    <para>Het hof verwijst naar Kamerstukken II, 1998-1999, 26 638, nr. 3, o.m. p. 22: “Voor de goede orde wordt opgemerkt dat de gemeentelijke verantwoordelijkheid betrekking heeft op niet ingezamelde of afgegeven huishoudelijke afvalstoffen, op afvalstoffen dus die zich nog bij een particulier huishouden</para>
    <para>bevinden. Ingezamelde of afgegeven huishoudelijke afvalstoffen worden in de wet behandeld als bedrijfsafvalstoffen.” </para>
    <para />
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>