<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2014:6633</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T23:43:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-08-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-08-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.122.195-01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>PJ 2014/129</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2014:6633">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2014:6633</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-08-26T11:48:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-08-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2014:6633 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 26-08-2014 / 200.122.195-01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2014:6633:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoek om tussentijdse cassatie toe te staan. Er is nog geen inhoudelijk tussenarrest gewezen en de hoofdzaak staat inmiddels voor pleidooi. Tussentijdse cassatie zal tot aanzienlijke vertraging leiden. Verzoek afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2014:6633:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN</bridgehead>
    <parablock>
      <para>locatie Leeuwarden</para>
      <para>afdeling civiel recht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer gerechtshof 200.122.195/01</para>
      <para>(zaaknummer rechtbank Midden-Nederland, locatie Lelystad C/07/173767 HL ZA 10-973)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">beschikking van de eerste kamer voor burgerlijke zaken van 26 augustus 2014 op het verzoek om alsnog te bepalen dat tussentijds beroep in cassatie kan worden ingesteld tegen het arrest van 22 april 2014, in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [appellant],</bridgehead>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>appellant,</para>
      <para>tevens eiser in de incidenten,</para>
      <para>in eerste aanleg gedaagde in conventie, eiser in reconventie,</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">[appellant]</emphasis>,</para>
      <para>advocaat: mr. J.V. van Ophem, kantoorhoudende te Leeuwarden,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [geïntimeerde],</bridgehead>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>geïntimeerde,</para>
      <para>tevens verweerster in de incidenten,</para>
      <para>in eerste aanleg eiseres in conventie, verweerster in reconventie </para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">[geïntimeerde]</emphasis>,</para>
      <para>advocaat: mr. I.M.G. Maste, kantoorhoudende te Almere.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof neemt over hetgeen in het arrest van 22 april 2014 is overwogen en beslist. </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het verdere procesverloop</title>
    <para>Bij verzoekschrift (faxbericht) van18 juli 2014 heeft [appellant] het hof verzocht om tussentijds cassatieberoep te mogen instellen tegen het arrest van 22 april 2014.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [geïntimeerde] verzet zich blijkens haar bericht van 18 augustus 2014 tegen inwilliging van dit verzoek. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling van het verzoek</title>
    <paragroup>
      <nr>1.</nr>
      <para>In het arrest van 22 april 2014 zijn de incidentele vorderingen van [appellant] tot schorsing tenuitvoerlegging ex art. 351 Rv en tot inzage of afschrift van bescheiden ex art. 843a Rv in samenhang met art. 21/22 Rv, afgewezen. De hoofdzaak is naar de rol verwezen om voort te procederen. Nu het dictum van het arrest van 24 april 2014 geen definitieve beslissing bevat over de toewijsbaarheid van de vordering(en) in de hoofdzaak, betreft het hier een tussenarrest (vgl. o.a. HR 9 juli 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO8706).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.</nr>
      <para>Tegen een tussenarrest kan op grond van het bepaalde in art. 398 Rv geen beroep in cassatie worden ingesteld. Art. 401a lid 2 Rv opent evenwel de mogelijkheid dat de rechter (ook achteraf) kan bepalen dat tegen een tussenuitspraak beroep in cassatie kan worden opengesteld.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.</nr>
      <para>Het onderhavige verzoek is tijdig, dat wil zeggen binnen de cassatietermijn, aan het hof gedaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.</nr>
      <para>Het hof vindt in hetgeen door [appellant] is aangevoerd, mede gelet op de reactie van [geïntimeerde], onvoldoende aanleiding om het verzoek toe te wijzen, waarbij het hof erop wijst dat nog geen inhoudelijk tussenarrest is gewezen, de hoofdzaak inmiddels voor pleidooi staat en de vraag of in deze stand van de procedure partijen nog nadere informatie dienen te verstrekken, nog steeds in volle omvang aan het hof voorligt. Tussentijdse cassatie zal tot aanzienlijke vertraging leiden, hetgeen het hof niet in het belang van beide partijen acht.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>Het gerechtshof:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het verzoek van [appellant] om tussentijds cassatieberoep in te mogen stellen tegen het arrest van 22 april 2014 af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. K.E. Mollema, mr. J.H. Kuiper en mr. A.M. Koene, en is door de voorzitter in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op dinsdag 26 augustus 2014.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>