<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2014:3719</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-11T02:29:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-05-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-01-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.122.687-01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2014:3719">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2014:3719</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-05-14T10:25:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-05-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2014:3719 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 17-01-2014 / 200.122.687-01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2014:3719:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Benoeming van een bijzondere curator op grond van een belangenstrijd, als bedoeld in art. 1:250 BW.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2014:3719:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>locatie Leeuwarden</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>afdeling civiel recht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>zaaknummer gerechtshof: 200.122.687/01 </para>
    <para>(zaaknummer rechtbank Groningen 564634 DV VERZ 12-216)</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">beschikking van de tweede kamer voor burgerlijke zaken van 17 januari 2014</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <section>
    <title>
      [de vader],</title>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats] (Noord-Holland),</para>
      <para>appellant,</para>
      <para>hierna te noemen <emphasis role="bold">[de vader]</emphasis>,</para>
      <para>advocaat: mr. Q.J.A. Meijnen, advocaat te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [bewindvoerder]
    </title>
    <parablock>
      <para>in zijn hoedanigheid van testamentair bewindvoerder over </para>
      <para>de verkrijging van [minderjarige] als erfgenaam </para>
      <para>van zijn moeder [de moeder],</para>
      <para>		geïntimeerde,</para>
      <para>		in eerste aanleg: verzoeker,</para>
      <para>		hierna te noemen: <emphasis role="bold">[bewindvoerder]</emphasis>,</para>
      <para>		advocaat: mr. P. Koerts, advocaat te Groningen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het geding in eerste aanleg</emphasis>
      </para>
      <para>In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in de beschikking van <?linebreak?>17 december 2012 van de rechtbank Groningen, sector kanton, locatie Groningen, hierna te noemen de kantonrechter.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het geding in hoger beroep</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beroepschrift, ingekomen ter griffie op 1 maart 2013, is [de vader] in hoger beroep gekomen van genoemde beschikking van 17 december 2012.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [de vader] heeft bij het beroepschrift verzocht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>'bij beschikking in appèl de beschikking van de kantonrechter van de Rechtbank Groningen d.d. 17 december 2012, gewezen in de zaak met zaak-/rolnummer 564634 DV VERZ 12-216, te vernietigen en het verzoek van [bewindvoerder] af te wijzen en opnieuw beslissende uitvoerbaar bij voorraad te bepalen dat [bewindvoerder] het totaal opgenomen geldbedrag van 26 augustus 2011 tot aan de dag van dit arrest van de spaarrekening van [minderjarige], zijnde een bedrag van tenminste EUR 84.940,04 (…), althans een door u in goede justitie te betalen bedrag, met wettelijke rente vanaf 24 december 2012, althans een door u te bepalen datum, te storten op de spaarrekening van [minderjarige], ABN AMRO, rekening no. [rekeningnummer] binnen </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>3</nr>
      <para>dagen na betekening van het in dezen te wijze arrest, met veroordeling van [bewindvoerder] in de kosten van deze appèlprocedure.'</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          [bewindvoerder] heeft bij op 14 mei 2013 ter griffie ingekomen verweerschrift verzocht:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>'[de vader] niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep te verklaren, dan wel de door de kantonrechter gegeven beschikking te bekrachtigen, zo nodig onder verbetering van gronden, met veroordeling van [de vader] in de kosten van de procedure, zulks uitvoerbaar bij voorraad' </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verder zijn ter griffie ingekomen:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>-	op 14 mei 2013 een brief van mr. Meijnen van dezelfde datum met een bijlage;</para>
        <para>-	op 15 november 2013 per fax respectievelijk op 21 november 2013 per post een brief van mr. Meijnen d.d. 15 november 2013 met een bijlage;</para>
        <para>-	op 15 november 2013 per fax respectievelijk op 18 november 2013 per post een brief van mr. Koerts. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De grieven</emphasis>
        </para>
        <para>
          [de vader] heeft één grief opgeworpen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De beoordeling</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="underline">De feiten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.</nr>
      <parablock>
        <para>Voorshands is uit te gaan van het volgende:</para>
        <para>(i)	Op [datum] is te [plaats 1], haar laatste woonplaats, overleden [de moeder], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], hierna te noemen de erflaatster. De erflaatster was ten tijde van haar overlijden ongehuwd en niet geregistreerd als partner.</para>
        <para>(ii)	De erflaatster heeft [minderjarige], hierna verder te noemen de minderjarige, als haar enige kind achtergelaten, van wie [de vader] de vader is.</para>
        <para>(iii)	De minderjarige is ingevolge het openbaar testament, op 12 september 2003 verleden voor [notaris], notaris te [plaats 2], de enige erfgenaam van de erflaatster. Hetgeen door hem ten gevolge van het overlijden van de erflaatster is verkregen, staat onder een door de erflaatster bij het genoemde openbaar testament in het belang van de minderjarige ingesteld bewind. [bewindvoerder] treedt ter zake van dit testamentair bewind als bewindvoerder op. De erflaatster heeft ter zake van het bewind bepaald dat de bewindvoerder bepaalt of en in welke mate de inkomsten uit het onder bewind gesteld vermogen aan de eigenaar ter beschikking worden gesteld.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Het verzoek van [bewindvoerder] in eerste aanleg </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [bewindvoerder] heeft - naar het hof begrijpt - in eerste aanleg verzocht om: </para>
        <para>a.	'machtiging te verlenen de kosten van juridische bijstand te mogen voldoen uit het saldo op de BEM-rekening zoals hierboven aangeduid.'	</para>
        <para>           b.	voorts machtiging te verlenen om een bedrag van € 4.831,-- ter zake van de aanslag inkomstenbelasting 2011 te mogen voldoen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.</nr>
      <para>De kantonrechter heeft bij de bestreden beschikking het verzoek ingewilligd in die zin dat hij wat de kosten van rechtsbijstand betreft machtiging heeft verleend voor die kosten tot en met november 2012, terwijl de kantonrechter het verzoek op dit punt voor het overige (vooralsnog) heeft afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.</nr>
      <parablock>
        <para>Uit de gedingstukken van de eerste aanleg leidt het hof voorshands af:</para>
        <para>a.	dat de kosten van rechtsbijstand tot en met november 2012 de volgende declaraties omvatten:</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 19 oktober 2012, groot 	€ 18.472,37</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 28 november 2011, groot	€      504,56</para>
        <para>			- 	declaratie d.d. 22 december 2011, groot	€      504,56</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 24 februari 2012, groot	€      319,77</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 29 mei 2012, groot	€      611,15</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 22 juli 2011, groot		€   1.135,26</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 23 augustus 2011, groot	€   3.730,19</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 30 september 2011, groot	€   3.910,34</para>
        <para>   			-	declaratie d.d. 28 november 2011, groot	€   5.234,81</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 22 december 2011, groot	€      307,64					-	declaratie d.d. 24 februari 2012, groot	€   5.713,76					-	declaratie d.d. 30 maart 2012, groot	€   9.091,55</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 29 mei 2012, groot	€   1.553,41</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 29 juni 2012, groot	€   6.658,30</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 23 juli 2012, groot		€      418,16</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 31 augustus 2012, groot	€   4.374,54					-	declaratie d.d. 26 september 2012, groot	€   4.760,52					-	declaratie d.d. 31 oktober 2012, groot	€      804,15</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 31 oktober 2011, groot	€   1.292,94</para>
        <para>			-	declaratie d.d. 28 november 2012, groot	€ 29.183,43</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>b.	dat de declaraties verband houden met het geding tussen partijen dat geëindigd is met het arrest van de Hoge Raad van 18 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:983, waarbij een door [de vader] ingesteld cassatieberoep is verworpen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Belangenstrijd tussen [de vader] en de minderjarige?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.</nr>
      <para>Het geschil waarop het vorenstaande geding betrekking heeft, houdt het verband met het ouderlijk vruchtgenot van [de vader] als ouder en de eerder genoemde testamentaire bepaling dat de bewindvoerder bepaalt of en in welke mate de inkomsten uit het onder bewind gesteld vermogen aan de eigenaar ter beschikking worden gesteld.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.</nr>
      <parablock>
        <para>Het hof constateert dat - anders dan [de vader] ingang wenst te doen vinden - te dier	zake en bijgevolg ook ter zake daarvan gemaakte kosten van rechtsbijstand van een</para>
        <para>belangenstrijd, als bedoeld in art. 1:250 BW, tussen [de vader] en de minderjarige sprake is en mogelijk ook ter zake van de inkomstenbelasting(aangifte). Het hof zal daarom ambtshalve een bijzonder curator benoemen, zoals in het dictum van deze beschikking zal worden omschreven.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.</nr>
      <para>Het hof zal de te benoemen curator in de gelegenheid stellen om uiterlijk op de in het dictum van deze beschikking vermelde datum een verweerschrift in te dienen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.</nr>
      <para>Gelet op het hiervoor overwogene, zal het hof ieder verdere beslissing aanhouden.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De beslissing</emphasis>
        </para>
        <para>Het gerechtshof:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>benoemt tot bijzonder curator in de onderhavige aangelegenheid inzake van het vermogen van de minderjarige <emphasis role="underline">[bijzondere curator]</emphasis>, kantoorhoudende te Assen, ten einde hem zowel in of buiten rechte te vertegenwoordigen;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>stelt [bijzondere curator] in de gelegenheid om uiterlijk op <emphasis role="bold">vrijdag 28 februari 2014 </emphasis>een verweerschrift in te dienen;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beschikking is gegeven door mr. W. Breemhaar, mr. M.E.L. Fikkers en <?linebreak?>mr. G.K. Schipmölder is uitgesproken ter openbare terechtzitting van dit hof van vrijdag <?linebreak?>17 januari 2014 in bijzijn van de griffier.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>