<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2025:2950</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-08T10:01:43</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-31</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-07-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">23-000289-25</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>NJFS 2025/327</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2025:2950">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2025:2950</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-03T14:33:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2025:2950 Gerechtshof Amsterdam , 23-07-2025 / 23-000289-25</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2025:2950:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Het hoger beroep is te laat ingesteld en het verzuim van de termijn waarbinnen het hoger beroep tijdig kon worden ingesteld kan niet worden verontschuldigd. De verdachte zal daarom in dat beroep niet-ontvankelijk worden verklaard.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2025:2950:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>afdeling strafrecht</para>
    <para>parketnummer eerste aanleg	: 96-085035-23</para>
    <para>parketnummer hoger beroep	: 23-000289-25 </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 23 juli 2025 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van <?linebreak?>11 januari 2024 in de zaak tegen de verdachte:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>naam: [verdachte]</para>
    <para>voornamen: [verdachte]</para>
    <para>geboren: op [geboortedag] 1996 te [geboorteplaats] ( [geboorteland] )</para>
    <para>adres: [adres] .</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 11 januari 2024 heeft de politierechter vonnis gewezen en de verdachte bij verstek veroordeeld tot een geldboete ter hoogte van € 1.000,00 subsidiair 20 dagen hechtenis en een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 6 maanden. Op 17 januari 2024 om 13.36 uur heeft de officier van justitie deze uitspraak aan de verdachte gezonden door plaatsing van de uitspraak op MijnOverheid. Uit het dossier volgt dat diezelfde dag om 16.40 uur is ingelogd op MijnOverheid op basis van tweefactorauthenticatie. Hierna is een bevestiging verzonden aan de verdachte, die is geplaatst in de BerichtenBox van MijnOverheid. In deze bevestiging is de verdachte geïnformeerd over de elektronische overdracht van de gerechtelijke mededeling. Op 5 februari 2025 is namens de verdachte hoger beroep ingesteld tegen het vonnis. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof dient de vraag te beantwoorden of het hoger beroep tijdig is ingesteld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ingevolge artikel 408, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering (Sv) dient het hoger beroep in deze zaak te worden ingesteld binnen 14 dagen nadat zich een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de einduitspraak de verdachte bekend is. Betekening via elektronische overdracht geldt als betekening in persoon als de geadresseerde zich voor de toegang tot de elektronische voorziening op de voorgeschreven wijze heeft geïdentificeerd (artikel 36f, tweede, lid Sv). Identificatie geschiedt bij gebruik van de BerichtenBox van MijnOverheid met DigiD. Gelet op het voorgaande was de mededeling van de uitspraak op 17 januari 2024 op de juiste wijze aan de verdachte betekend zodat het hoger beroep uiterlijk op 31 januari 2024 had moeten worden ingesteld, hetgeen pas op 5 februari 2025 is gebeurd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De door de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep van 23 juli 2025 naar voren gebrachte omstandigheid dat niet hijzelf maar zijn boekhouder heeft ingelogd op MijnOverheid zodat – zo begrijpt het hof – hij niet reeds op 17 januari 2024 bekend was met de einduitspraak en de termijnoverschrijding derhalve verontschuldigbaar is, wordt verworpen. Zelfs indien een ander dan hijzelf heeft ingelogd op MijnOverheid en kennis heeft genomen van het vonnis, blijft het de verantwoordelijkheid van de verdachte zelf om zich te informeren over de – voor hem belangrijke – inhoud van zijn BerichtenBox. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het voorgaande voert tot de slotsom dat het hoger beroep te laat is ingesteld en dat het verzuim van de </para>
      <para>termijn waarbinnen het hoger beroep tijdig kon worden ingesteld niet kan worden verontschuldigd. De verdachte zal daarom in dat beroep niet-ontvankelijk worden verklaard.    </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gewezen door mr. B.E. Dijkers, in bijzijn van mr. N.M. Simons, griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> mr. B.E. Dijkers</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>