<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2024:1525</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-06-07T10:22:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-06-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-06-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">000663-23</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2024:1525">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2024:1525</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-06-07T10:08:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-06-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2024:1525 Gerechtshof Amsterdam , 04-06-2024 / 000663-23</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2024:1525:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>art 530 Sv  - Gronden van billijkheid</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2024:1525:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking 		 </para>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="748556e8-7a27-40fc-85b4-01b61bcd8341" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="78c08c23-f0f5-4655-85e9-e60391082764" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="0520d5cd-dc65-4bc4-aef3-65e89a82a5bb" depth="2" width="571" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
    </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling strafrecht</para>
      <para>rekestnummer(s): 000663-23 (530 Sv)</para>
      <para>parketnummer in eerste aanleg: 81-170833-22</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beschikking op het hoger beroep tegen de beschikking van de raadkamer van de rechtbank Amsterdam van 23 augustus 2023 op het verzoekschrift op de voet van artikel 530 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker],</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1983,</para>
      <para>domicilie kiezende ten kantore van zijn advocaat, mr. J.J. Mul,</para>
      <para>Langestraat 61, 1015 AK Amsterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hoger beroep is op 31 augustus 2023 ingesteld door verzoeker (hierna appellant).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 16 april 2024 heeft de advocaat-generaal het advies van het Openbaar Ministerie kenbaar gemaakt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft kennis genomen van de stukken in de strafzaak met voormeld parketnummer en heeft op 23 april 2024 de advocaat-generaal, appellant en de advocaat van appellant ter gelegenheid van de openbare behandeling van het verzoekschrift in raadkamer gehoord. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Inhoud van het verzoek</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoek - zoals aangevuld in raadkamer in hoger beroep - strekt tot het verkrijgen van een vergoeding ter zake van:</para>
    </parablock>
    <orderedlist numeration="loweralpha">
      <listitem>
        <para>kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand ten behoeve van de strafzaak met voormeld parketnummer ten bedrage van € 6.056,05;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand ten behoeve van onderhavige verzoekschriftprocedure in eerste aanleg ten bedrage van € 680,00;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand ten behoeve van onderhavige verzoekschriftprocedure in hoger beroep ten bedrage van € 340,00.</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>Beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hoger beroep is tijdig ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft het verzoek afgewezen omdat de zaak onmiskenbaar tot een veroordeling zou hebben geleid.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof overweegt dat het door de rechtbank gehanteerde criterium niet bruikbaar is omdat dit in strijd is met de onschuldpresumptie. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ingevolge het bepaalde in artikel 534, eerste lid, Sv heeft de toekenning van een schadevergoeding steeds plaats, indien en voor zover daartoe naar het oordeel van de rechter, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Niet is gebleken dat (het voortduren van) de vervolging aan handelen van verzoeker te wijten is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gronden van billijkheid zijn aanwezig voor toekenning van een vergoeding voor kosten van rechtsbijstand in de strafzaak ten bedrage van € 6.056,05.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gronden van billijkheid zijn aanwezig voor toekenning van een vergoeding voor kosten van rechtsbijstand in de onderhavige verzoekschriftprocedure ten bedrage van € 1.020,00.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof zal de beschikking waarvan beroep vernietigen en opnieuw recht doen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vernietigt de beschikking waarvan beroep en doet opnieuw recht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wijst het verzochte toe.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Kent op de voet van artikel 530 Sv uit ’s Rijks kas aan appellant een vergoeding toe van € 7.076,05 (zevenduizend zesenzeventig euro en vijf cent).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt de onverwijlde betekening van deze beschikking aan appellant.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mrs. A.M.P. Geelhoed, P.F.E. Geerlings en P.C. Verloop, in tegenwoordigheid van mr. P.M. Groenenberg als griffier, is ondertekend door de voorzitter en de griffier en is uitgesproken op de openbare zitting van dit hof van 4 juni 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzitter beveelt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de tenuitvoerlegging van deze beschikking door overmaking van € 7.076,05 (zevenduizend zesenzeventig euro en vijf cent) op bankrekeningnummer [rekeningnummer] t.n.v. derdenrekening mr. J.J. Mul o.v.v. schadevergoeding [verzoeker].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Amsterdam, 4 juni 2024,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>mr. A.M.P. Geelhoed, voorzitter.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>