<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2022:3394</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-02T12:43:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-11-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-11-15</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">23-003968-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2022:3394">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2022:3394</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-02T12:40:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-12-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2022:3394 Gerechtshof Amsterdam , 15-11-2022 / 23-003968-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2022:3394:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Profijtontneming diefstal met valse sleutel en witwassen. Schatting wederrechtelijk verkregen voordeel € 242.310,67</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2022:3394:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<uitspraak.info>
<para />
<parablock>
<para>
afdeling strafrecht
</para>
<para>
parketnummer: 23-003968-18
</para>
<para>
datum uitspraak: 15 november 2022
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
TEGENSPRAAK
</para>
</parablock>
<para />
<para />
<parablock>
<para>
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 22 oktober 2018 op de vordering van het openbaar ministerie ingevolge artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht in de ontnemingszaak met nummer 15-870105-18 tegen de betrokkene:
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
[verdachte01]
</emphasis>
,
</para>
<para>
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 1960,
</para>
<para>
adres: [adres01] .
</para>
</parablock>
<para />
<para />
</uitspraak.info>
<section role="procesverloop">
<title>
Procesgang
</title>
<para />
<parablock>
<para>
Het openbaar ministerie heeft in eerste aanleg gevorderd dat aan de betrokkene de verplichting zal worden opgelegd tot betaling van € 320.884,78 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De betrokkene is bij vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 22 oktober 2018 veroordeeld ter zake van -kort gezegd- diefstal met een valse sleutel, gewoontewitwassen en het voorhanden hebben van een vuurwapen.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Voorts heeft de rechtbank Noord-Holland bij vonnis van 22 oktober 2018 de betrokkene de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 242.510,67 ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Namens de betrokkene is hoger beroep ingesteld tegen beide vonnissen.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De betrokkene is bij arrest van het gerechtshof Amsterdam van 15 november 2022 veroordeeld ter zake van -kort gezegd- diefstal met een valse sleutel, gewoontewitwassen en het voorhanden hebben van een vuurwapen.
</para>
</parablock>
<para />
<para />
</section>
<section>
<title>
Onderzoek van de zaak
</title>
<para />
<parablock>
<para>
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
</para>
<para>
4 november 2020, 28 september 2022 en 1 november 2022, alsmede overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de betrokkene en zijn raadsman naar voren hebben gebracht.
</para>
</parablock>
<para />
<para />
</section>
<section>
<title>
Vonnis waarvan beroep
</title>
<para />
<parablock>
<para>
Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere beslissing komt
</para>
<para>
dan de rechtbank.
</para>
</parablock>
<para />
<para />
</section>
<section>
<title>
Grondslag van de ontneming
</title>
<para />
<parablock>
<para>
Het hof heeft in de strafzaak - voor zover in de onderhavige zaak van belang - bewezenverklaard
</para>
<para>
dat de betrokkene zich van 19 augustus 2010 tot en met 30 april 2018 schuldig heeft gemaakt aan diefstal met een valse sleutel, door onbevoegd gebruik te maken van een pinpas en de bijbehorende pincode. Voorts heeft het hof bewezenverklaard dat de verdachte van 1 januari 2007 tot en met 30 april 2018
</para>
<para>
een gewoonte heeft gemaakt van witwassen van in totaal €250.241,75. Het te ontnemen wederrechtelijk verkregen voordeel vloeit voort uit voornoemde bewezenverklaarde feiten.
</para>
</parablock>
<para />
<para />
</section>
<section>
<title>
Schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel
</title>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Standpunt van de advocaat-generaal
</emphasis>
</para>
<para>
De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting in hoger beroep gevorderd dat aan de betrokkene de verplichting wordt opgelegd tot betaling van € 242.510,67 aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Standpunt van de verdediging
</emphasis>
</para>
<para>
Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de raadsman van de betrokkene bepleit dat de betrokkene geen wederrechtelijk verkregen voordeel heeft genoten. Hij heeft daartoe aangevoerd dat in de berekening
</para>
<para>
van het wederrechtelijk verkregen voordeel volledig buiten beschouwing is gelaten dat door aangevers en getuigen wordt bevestigd dat de betrokkene wel degelijk werkzaamheden voor hen of hun familie heeft verricht.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Oordeel van het hof
</emphasis>
</para>
<para>
Op 19 september 2018 is door verbalisant [slachtoffer01] een rapport met de berekening van het
</para>
<para>
door de betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel opgesteld (hierna: ontnemingsrapportage).
<footnote-ref linkend="_9c88c18c-acc5-49a4-a729-07e9ef016206" />
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Op pagina 9 en 10 van de ontnemingsrapportage wordt uiteengezet welke bedragen vermoedelijk
</para>
<para>
door de betrokkene zijn verkregen door het in de strafzaak onder 1 bewezenverklaarde en wat het
</para>
<para>
totale wederrechtelijk verkregen voordeel is dat de betrokkene hierdoor heeft genoten.
<footnote-ref linkend="_d378e57c-5b66-442e-99c5-95ae78d40a6f" />
</para>
<para>
Het hof neemt voornoemde berekening over, behalve voor wat betreft het overgeboekte bedrag
</para>
<para>
van de rekening van [naam01] en de contante stortingen. Waar de ontnemingsrapportage uitgaat
</para>
<para>
van een bedrag van € 31.085,20 dat is overgeboekt van de rekening van [naam01] naar de rekening van de betrokkene, gaat het hof conform het proces-verbaal van bevindingen omtrent de rekening van
</para>
<para>
[naam01] , uit van een overgeboekt bedrag van € 30.885,20.
<footnote-ref linkend="_4cc38c85-6379-40e9-99a9-fa2acd366f30" />
Voorts neemt het hof de contante stortingen van € 72.250,- niet mee in de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel, omdat naar het oordeel van het hof onvoldoende blijkt dat dit bedrag uit misdrijf afkomstig is.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Gezien het voorgaande komt het hof tot de volgende berekening.
</para>
</parablock>
<para />
<informaltable>
<tgroup cols="2">
<colspec colname="colA" />
<colspec colname="colB" />
<tbody>
<row>
<entry>
<para>
<emphasis role="bold">
Naam aangever
</emphasis>
</para>
</entry>
<entry>
<para>
<emphasis role="bold">
Overschrijving per bank
</emphasis>
</para>
</entry>
</row>
<row>
<entry>
<para>
[naam02]
</para>
</entry>
<entry>
<para>
€ 145.308,46
</para>
</entry>
</row>
<row>
<entry>
<para>
[naam01]
</para>
</entry>
<entry>
<para>
€ 30.885,20
</para>
</entry>
</row>
<row>
<entry>
<para>
[naam03]
</para>
</entry>
<entry>
<para>
€ 16.694,20
</para>
</entry>
</row>
<row>
<entry>
<para>
[naam04]
</para>
</entry>
<entry>
<para>
€ 53.526,-
</para>
</entry>
</row>
<row>
<entry>
<para>
[naam05]
</para>
</entry>
<entry>
<para>
€ 9.955,-
</para>
</entry>
</row>
<row>
<entry>
<para>
<emphasis role="bold">
Totaal
</emphasis>
</para>
</entry>
<entry>
<para>
<emphasis role="bold">
€256.368,86
</emphasis>
</para>
</entry>
</row>
</tbody>
</tgroup>
</informaltable>
<para />
<parablock>
<para>
Uit het proces-verbaal van bevindingen van 10 april 2018 blijkt dat
<emphasis role="bold">
€ 6.127,11
</emphasis>
van
</para>
<para>
de rekening van de betrokkene naar de rekening van [naam04] is teruggeboekt.
<footnote-ref linkend="_55f459aa-cd39-4c01-9ab0-511c94affb98" />
Het hof zal in overeenstemming met de ontnemingsrapportage dit bedrag in mindering brengen op het wederrechtelijk verkregen voordeel.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Voorts brengt het hof in overeenstemming met de ontnemingsrapportage het bedrag dat de betrokkene aan kosten heeft gemaakt, te weten
<emphasis role="bold">
€ 7.931,08
</emphasis>
, in mindering op het wederrechtelijk verkregen voordeel.
<footnote-ref linkend="_5a22017e-0cd7-47c9-bbb6-a950f8b1e3bb" />
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Naar het oordeel van het hof heeft de betrokkene naar aanleiding van voornoemde berekening, afkomstig uit de ontnemingsrapportage, niet inzichtelijk weten te maken wat de grondslag is van de overgeboekte aanzienlijke geldbedragen. De betrokkene heeft geen nota’s, facturen of anderszins enige vorm van boekhouding overgelegd om de berekening in de ontnemingsrapportage gemotiveerd te betwisten. De inhoud van de ontnemingsrapportage is daarmee niet weersproken, althans onvoldoende gemotiveerd dat het geen wederrechtelijk verkregen voordeel betreft.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Het hof schat het wederrechtelijk verkregen voordeel aldus op:
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
€ 256.368,86 – € 6.127,11 – € 7.931,08
<emphasis role="bold">
= €242.310,67
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<para />
</section>
<section>
<title>
Verplichting tot betaling aan de Staat
</title>
<para />
<parablock>
<para>
Aan de betrokkene dient, ter ontneming van het door hem wederrechtelijk verkregen voordeel,
</para>
<para>
de verplichting te worden opgelegd tot betaling van € 242.310,67 aan de Staat.
</para>
</parablock>
<para />
<para />
</section>
<section>
<title>
Toepasselijk wettelijk voorschrift
</title>
<para />
<parablock>
<para>
De op te leggen maatregel is gegrond op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.
</para>
</parablock>
<para />
<para />
</section>
<section role="beslissing">
<title>
BESLISSING
</title>
<para />
<parablock>
<para>
Het hof:
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Stelt het bedrag waarop het door de betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vast op €
<emphasis role="bold">
242.310,67 (tweehonderdtweeënveertigduizend driehonderdtien euro en zevenenzestig cent)
</emphasis>
.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Legt de betrokkene de verplichting op tot
<emphasis role="bold">
betaling
</emphasis>
van
<emphasis role="bold">
€ 242.310,67 (tweehonderdtweeënveertigduizend driehonderdtien euro en zevenenzestig cent)
</emphasis>
</para>
<para>
<emphasis role="bold">
aan de Staat
</emphasis>
ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Bepaalt de duur van de gijzeling die ten hoogste kan worden gevorderd op
<emphasis role="bold">
1.080 dagen
</emphasis>
.
</para>
</parablock>
<para />
<para />
<para />
<parablock>
<para>
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin
</para>
<para>
zitting hadden mr. A.D.R.M. Boumans, mr. S. Clement en mr. F.A. Hartsuiker, in tegenwoordigheid
</para>
<para>
van mr. S. Geensen, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof
</para>
<para>
van 15 november 2022.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
mr. S. Clement is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
=========================================================================
</para>
<para>
<emphasis role="bold">
[…]</emphasis></para>

</parablock>






<para />
<para />




<para />








<para />
<para />




<para />
<para />
<para />


</section>
<footnote id="_9c88c18c-acc5-49a4-a729-07e9ef016206" label="1">
<para>
Rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel van 19 september 2018, opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [slachtoffer01] [ongenummerd].
</para>
</footnote>
<footnote id="_d378e57c-5b66-442e-99c5-95ae78d40a6f" label="2">
<para>
Idem, p. 9 en 10.
</para>
</footnote>
<footnote id="_4cc38c85-6379-40e9-99a9-fa2acd366f30" label="3">
<para>
Proces-verbaal van bevindingen van 17 april 2018, p. 143.
</para>
</footnote>
<footnote id="_55f459aa-cd39-4c01-9ab0-511c94affb98" label="4">
<para>
Proces-verbaal van bevindingen van 10 april 2018, p. 40.
</para>
</footnote>
<footnote id="_5a22017e-0cd7-47c9-bbb6-a950f8b1e3bb" label="5">
<para>
Rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel van 19 september 2018, opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [slachtoffer01] , p. 10.
</para>
</footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>