<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2021:3217</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-10-27T17:44:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-10-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-10-05</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">23-001627-21</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2021:3217">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2021:3217</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-10-27T17:43:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-10-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2021:3217 Gerechtshof Amsterdam , 05-10-2021 / 23-001627-21</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2021:3217:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vonnis bevestigen met aanpassing van de bewijsmiddelen. Verdachte veroordeeld wegens medeplegen opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder A Opiumwet gegeven verbod (invoer cocaïne Schiphol d.m.v. drugskoerier). Straf: GS 12 mnd m.a.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2021:3217:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>afdeling strafrecht</para>
    <para>parketnummer: 23-001627-21 </para>
    <para>datum uitspraak: 5 oktober 2021 </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">TEGENSPRAAK </emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland (locatie Haarlemmermeer) van 26 mei 2021 in de strafzaak onder parketnummer 15-282564-20 tegen</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [verdachte]
      </emphasis>,</para>
    <para>geboren te [geboorteplaats] ([geboorteland]) op [geboortedag] 1988, </para>
    <para>adres: [adres], </para>
    <para>thans gedetineerd in P.I. Lelystad te Lelystad.</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Onderzoek van de zaak</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van <?linebreak?>21 september 2021 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straffen als door de rechter in eerste aanleg opgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Vonnis waarvan beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat het hof de hierna opgenomen bewijsmiddelen in hoger beroep aanpast.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof neemt <emphasis role="underline">niet</emphasis> over de hierna te noemen zinnen en zinsdelen uit het bewijsmiddel <emphasis role="bold">Een proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige] van 15 april 2021 door de rechter-commissaris (los opgenomen):</emphasis></para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="italic">pagina 10, derde alinea van het vonnis:</emphasis><?linebreak?>U vraagt wie dat tegen mij zei. </para>
    <parablock>
      <para>Ze waren samen in de auto. Ze waren naar een plek toegereden, waar we zijn gestopt. Ik zat </para>
      <para>op de achterbank. [medeverdachte] pakte uit de achterbak van de auto een koffer en gaf die aan mij. </para>
      <para>
        [medeverdachte] zei dat ik die moest openmaken. Toen ik dat deed, zag ik een rode of witte plastic zak. </para>
      <para>Ik moest die zak openmaken. Toen zag ik iets dat ik niet kende, [verdachte] zei dat het cocaïne was. </para>
      <para>Ik vroeg wat ik daarmee moest doen. [verdachte] zei dat ik me geen zorgen moest maken en dat dit </para>
      <para>het klusje was dat ze voor mij hadden. Ik vroeg waarom ze dat niet eerder hadden gezegd, </para>
      <para>want dan had ik kunnen beslissen of ik dat wel wilde. [verdachte] zei dat ik me geen zorgen moest </para>
      <para>maken. Ze deden dit al veel langer en alles zou goedkomen. Ik was heel bang. [verdachte] probeerde </para>
      <para>het goed te praten. Na ongeveer 5 minuten zei [medeverdachte] dat ik 2500 euro zou krijgen. Hij vroeg </para>
      <para>of ik geld nodig had. Toen had ik geen keus meer, want ik had inderdaad geld nodig. [verdachte] zei </para>
      <para>dat ik die cocaïne moest eten als Pufu, dat is Nigeriaans eten. Ik gaf mijzelf 5 of 10 minuten </para>
      <para>om er over na te denken. Ik dacht aan het geld.<?linebreak?></para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="italic">pagina 10, derde alinea, laatste zin van het vonnis:</emphasis></para>
    <para>[…] in de auto. […]</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof wijzigt het paginanummer van het bewijsmiddel <emphasis role="bold">Een proces-verbaal van verhoor van verdachte [medeverdachte], opgemaakt door de Koninklijke Marechaussee op 23 december 2020 </emphasis>in <emphasis role="bold">dossierpagina 111 e.v.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.W.T. Klappe, mr. C.J. van der Wilt en mr. D. Radder, in tegenwoordigheid van <?linebreak?>mr. B.K.M. Pouw, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van <?linebreak?>5 oktober 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>=========================================================================</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          […]
        </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>