<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2021:1921</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T18:38:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-07-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-06-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.263.490/01 OK</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_ondernemingsrecht">Civiel recht; Ondernemingsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>ARO 2021/123</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2021:1921">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2021:1921</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-01-06T14:56:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-01-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2021:1921 Gerechtshof Amsterdam , 30-06-2021 / 200.263.490/01 OK</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2021:1921:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>OK; Enquete; beeindiging onderzoek en onmiddellijke voorzieningen; minnelijke regeling; 2:345, 249a en 350 lid 1 BW</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2021:1921:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <mediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="24f0a9e7-6986-4392-bf0b-abd9a32eb58c" depth="166" width="250" format="image/png" />
      </imageobject>
    </mediaobject>
    <parablock>
      <para>beschikking</para>
      <para>___________________________________________________________________ </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">ONDERNEMINGSKAMER</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 200.263.490/01 OK</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschikking van de Ondernemingskamer van 30 juni 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. de stichting </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">MUTSAERSSTICHTING</emphasis>,</para>
      <para>	gevestigd te Venlo,</para>
    </parablock>
    <para>2. de stichting</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">	ONDERWIJSSTICHTING DE WIJNBERG</emphasis>,</para>
      <para>	gevestigd te Venlo,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERZOEKSTERS</emphasis>,</para>
      <para>advocaat: <emphasis role="bold">mr. D.C.M.H. Vielvoye, </emphasis>kantoorhoudende te Tilburg,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>t e g e n</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>de ontbonden coöperatie</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">COÖPERATIE REGIONAAL KENNIS- EN EXPERTISECENTRUM ROERMOND U.A.</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Roermond,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERWEERSTER</emphasis>,</para>
      <para>advocaten: <emphasis role="bold">mr. M. Mussche </emphasis>en<emphasis role="bold"> mr. W.B. Fonville</emphasis>, beiden kantoorhoudende te Utrecht,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>e n t e g e n </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>1. de stichting </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">ALOYSIUS STICHTING ONDERWIJS JEUGDZORG</emphasis>,</para>
      <para>	gevestigd te Voorhout,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">BELANGHEBBENDE</emphasis>,</para>
      <para>advocaat:<emphasis role="bold"> mr. F. Eikelboom</emphasis>, kantoorhoudende te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">2 Marjolijntje Christina KEESMAAT,</bridgehead>
    <parablock>
      <para>wonende te Ochten,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">BELANGHEBBENDE</emphasis>,</para>
      <para>verschenen in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van het geding</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>In het vervolg zullen verzoeksters, verweerster en belanghebbenden (ook) als volgt worden aangeduid:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>verzoeksters ieder afzonderlijk met Mutsaers en De Wijnberg;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>verweerster met de Coöperatie;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>belanghebbenden ieder afzonderlijk met Aloysius en Keesmaat.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 29 augustus 2019, 31 oktober 2019 en 1 november 2019.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>Bij de beschikking van 29 augustus 2019 heeft de Ondernemingskamer bij wijze van onmiddellijke voorziening de benoeming van Keesmaat tot bestuurder van de Coöperatie gehandhaafd. Bij de beschikking van 31 oktober 2019 heeft de Ondernemingskamer - voor zover thans van belang - een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van de Coöperatie over de periode vanaf 1 december 2015 en bij wijze van onmiddellijke voorziening een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd tot commissaris van de Coöperatie. Bij de beschikking van 1 november 2019 heeft de Ondernemingskamer drs. E.A. Marseille RA (verder: Marseille) aangewezen als commissaris.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4</nr>
      <para>Bij e-mail met bijlagen van 16 juli 2021, met kopie aan [A] , [B] , [C] , Marseille en mr. Mussche, heeft Keesmaat, de Ondernemingskamer verzocht om de enquêteprocedure per 30 juni 2021 te beëindigen. De e-mail vermeldt dat het verzoek wordt gedaan op <emphasis role="italic">“verzoek van procespartijen en mede namens de tijdelijk aangestelde commissaris</emphasis>.<emphasis role="italic">”</emphasis> In de e-mail staat dat partijen bij de enquêteprocedure, alsmede de gemeente Roermond, op 10 december 2020 een vaststellingsovereenkomst hebben ondertekend ter beslechting van de geschilpunten die onderwerp waren van de procedure, dat partijen onder andere zijn overeengekomen dat de Coöperatie wordt ontbonden, dat Keesmaat tot vereffenaar wordt benoemd en dat het pand van waaruit partijen speciaal onderwijs en jeugdzorg verzorgen zal worden overgedragen aan de gemeente Roermond. De ontbinding van de Coöperatie en levering van het pand aan de gemeente Roermond heeft inmiddels plaatsgevonden. De vereffening zal naar verwachting op of omstreeks 30 juni 2021 worden afgerond. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5</nr>
      <para>Bij e-mail van 17 juni 2021 heeft mr. Eikelboom bericht dat Aloysius instemt met beëindiging van de enquêteprocedure en de in dat kader getroffen onmiddellijke voorzieningen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.6</nr>
      <para>Bij e-mail van 18 juni 2021 heeft mr. Vielvoye aan de Ondernemingskamer bericht dat Mutsaers en De Wijnberg instemmen met beëindiging van de enquêteprocedure en de in dat kader getroffen onmiddellijke voorzieningen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.7</nr>
      <para>Bij e-mail van 25 juni 2021 heeft mr. Mussche aan de Ondernemingskamer bericht dat door de Coöperatie wordt ingestemd met het verzoek bedoeld onder 1.4.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De gronden van de beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu er geen bezwaren zijn ontvangen tegen het verzoek tot – zo verstaat de Ondernemingskamer – beëindiging van het bevolen onderzoek en de getroffen onmiddellijke voorzieningen en de Ondernemingskamer voorts niet is gebleken van enig belang dat zich tegen de toewijzing van het verzoek verzet, zal de Ondernemingskamer het verzoek inwilligen aldus dat zij het bij beschikking van 31 oktober 2019 bevolen onderzoek en de bij de beschikkingen van 29 augustus 2019 en 31 oktober 2019 getroffen onmiddellijke voorzieningen zal beëindigen, een en ander met ingang van heden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Ondernemingskamer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beëindigt met ingang van heden het bij haar beschikking van 31 oktober 2019 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Coöperatie Regionaal Kennis- en Expertisecentrum Roermond U.A. alsmede de bij de beschikking van 29 augustus 2019 en 31 oktober 2019 getroffen onmiddellijke voorzieningen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.W.H. Vink en mr. M.P. Nieuwe Weme, raadsheren, en prof. dr. M.N. Hoogendoorn RA en mr. drs. G. Boon RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. M.A. Sterk, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 30 juni 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>