<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2021:1857</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T14:54:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-06-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-06-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.271.377/01 OK</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_ondernemingsrecht">Civiel recht; Ondernemingsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0003045&amp;artikel=350&amp;g=2013-01-01">Burgerlijk Wetboek Boek 2 350</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>ARO 2021/130</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2021:1857">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2021:1857</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-08-06T09:16:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-08-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2021:1857 Gerechtshof Amsterdam , 11-06-2021 / 200.271.377/01 OK</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2021:1857:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>OK; enquêterecht; bepaling van de vergoeding van de onderzoeker</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2021:1857:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <mediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="42e0c976-e73d-490b-b812-da4b1b315dc3" depth="166" width="250" format="image/png" />
      </imageobject>
    </mediaobject>
    <parablock>
      <para>beschikking</para>
      <para>___________________________________________________________________ </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">ONDERNEMINGSKAMER</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 200.271.377/01 OK</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschikking van de Ondernemingskamer van 11 juni 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>de vennootschap naar het recht van Hongkong, China,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">WINPLEX PACIFIC LIMITED</emphasis>, </para>
      <para>gevestigd te Hongkong, China,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERZOEKSTER</emphasis>,</para>
      <para>advocaat: voorheen mr. A.J. Tekstra, thans <emphasis role="bold">mr. M.R.C. van Zoest</emphasis>, kantoorhoudende te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>t e g e n</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">PERMANENTO BEHEER B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Venhuizen,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERWEERSTER</emphasis>,</para>
      <para>advocaat:<emphasis role="bold"> mr. M.J. Meermans</emphasis>, kantoorhoudende te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>e n  t e g e n</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">ROFIN B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Hoorn,</para>
      <para>verschenen bij haar bestuurder [A] ,</para>
    </parablock>
    <para>2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [B]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [....] ,</para>
      <para>verschenen bij haar bestuurder [C] ,</para>
    </parablock>
    <para>3. de stichting</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR PERMANENTO BEHEER</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Drechterland,</para>
      <para>verschenen bij haar bestuurders [C] , [A] en [D] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">BELANGHEBBENDEN</emphasis>. </para>
    </parablock>
    <para>1. <emphasis role="bold">Het verloop van het geding</emphasis></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.1 In het vervolg zal verweerster worden aangeduid met Permanento Beheer.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.2 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 2 en 7 september 2020, 23 oktober 2020 en 19 mei 2021 in deze zaak.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.3 Bij de beschikkingen van 2 en 7 september 2020 heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Permanento Beheer over de periode vanaf 1 januari 2016, mr. H. de Coninck-Smolders te Amsterdam (hierna: de onderzoeker) benoemd teneinde het onderzoek te verrichten en de vaststelling van het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten aangehouden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.4 Bij de beschikking van 23 oktober 2020 heeft de Ondernemingskamer het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 35.750, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.5 Bij brief van 17 mei 2021 heeft de onderzoeker het verslag met bijlagen van het in 1.3 bedoelde onderzoek aan de Ondernemingskamer doen toekomen. Tevens heeft de onderzoeker bij die brief een einddeclaratie van 17 mei 2021 met specificatie van de in deze zaak in verband met het onderzoek gemaakte kosten aan de Ondernemingskamer gezonden. De daarin genoemde kosten bedragen in totaal € 35.669 exclusief btw. De onderzoeker heeft de Ondernemingskamer verzocht de kosten van het onderzoek op dit bedrag vast te stellen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.6 Bij de beschikking van 19 mei 2021 heeft de Ondernemingskamer bepaald dat het ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegde onderzoeksverslag aldaar ter inzage ligt voor belanghebbenden en partijen in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de in 1.5 genoemde einddeclaratie met kostenspecificatie.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.7 Geen van partijen heeft van de in 1.6 genoemde geboden gelegenheid tot uitlating gebruik gemaakt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De gronden van de beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De onderzoeker heeft, zo overweegt de Ondernemingskamer, de in verband met het onderzoek gemaakte kosten voldoende toegelicht door middel van de in 1.5 genoemde stukken. Daartegen zijn geen bezwaren aangevoerd. Het bedrag aan onderzoekskosten komt de Ondernemingskamer ook niet onredelijk voor. De Ondernemingskamer zal de vergoeding van de onderzoeker overeenkomstig artikel 2:350 lid 3 BW dan ook bepalen als hierna te vermelden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Ondernemingskamer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt de vergoeding van de onderzoeker op € 35.669, de daarover verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. A.W.H. Vink, voorzitter, mr. C.C. Meijer en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en prof. dr. M.N. Hoogendoorn RA en prof. drs. E. Eeftink RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 11 juni 2021.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>