<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2020:1187</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T23:53:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-05-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-04-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.264.592/01 OK</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_ondernemingsrecht">Civiel recht; Ondernemingsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>ARO 2020/101</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2020:1187">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2020:1187</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-05T13:02:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2020:1187 Gerechtshof Amsterdam , 28-04-2020 / 200.264.592/01 OK</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2020:1187:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>OK; enquête; verhoging van het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2020:1187:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <mediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="041c8fdc-ec1c-4cd4-b494-db584deb315f" depth="166" width="250" format="image/png" />
      </imageobject>
    </mediaobject>
    <parablock>
      <para>beschikking</para>
      <para>___________________________________________________________________ </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">ONDERNEMINGSKAMER</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 200.264.592/01 OK</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschikking van de Ondernemingskamer van 28 april 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">CHEVRAYNE MANAGEMENT B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Zeist,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERZOEKSTER</emphasis>,</para>
      <para>advocaten: <emphasis role="bold">mr. R.G.J. de Haan</emphasis>,<emphasis role="bold"> mr. W.M. Smelt </emphasis>en<emphasis role="bold"> mr. D.H. Tilanus</emphasis>, allen kantoorhoudende te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>t e g e n</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RSW PROPERTY B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Amsterdam, </para>
    </parablock>
    <para>2. de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RSW PROPERTY I B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Amsterdam, </para>
    </parablock>
    <para>3. de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RSW PROPERTY VIII B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Amsterdam, </para>
    </parablock>
    <para>4. de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">CR MARITIME B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Amsterdam, </para>
    </parablock>
    <para>5. de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RSW MANAGEMENT B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Amsterdam, </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERWEERSTERS</emphasis>,</para>
      <para>advocaten: <emphasis role="bold">mr. I.A.J. Deijkers </emphasis>en<emphasis role="bold"> mr. A. de Buck</emphasis>, beiden kantoorhoudende te Den Haag,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>e n  t e g e n </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">STAAL ’28 B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Harderwijk,</para>
    </parablock>
    <para>2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">PEMET B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Naarden,</para>
    </parablock>
    <para>3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">NAFEMA B.V.</emphasis>, </para>
      <para>gevestigd te Harderwijk,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">BELANGHEBBENDEN,</emphasis>
      </para>
      <para>advocaten: <emphasis role="bold">mr. I.A.J. Deijkers </emphasis>en<emphasis role="bold"> mr. A. de Buck</emphasis>, beiden kantoorhoudende te Den Haag.  </para>
    </parablock>
    <para>1. <emphasis role="bold">Het verloop van het geding</emphasis></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.1 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 9, 10 en 14 januari 2020 in deze zaak.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.2 Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van RSW Property B.V., RSW Property I B.V., RSW Property VIII B.V. en RSW Management B.V. (hierna gezamenlijk ook: de vennootschappen) over de periode vanaf 11 oktober 2013, mr. dr. C.B. Schutte (hierna: de onderzoeker) benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, bepaald dat het onderzoek ten hoogste € 35.000 mag kosten, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen, en bepaald dat de kosten van het onderzoek ten laste komen van RSW Property B.V. en RSW Management B.V. Voorts heeft de Ondernemingskamer bij die beschikkingen, bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van het geding, voor zover nodig in afwijking van de statuten, mr. P.J. Colijn (hierna: de bestuurder) benoemd tot bestuurder van RSW Management B.V. met doorslaggevende stem en bepaald dat deze bestuurder zelfstandig bevoegd is RSW Management B.V. te vertegenwoordigen en dat zonder deze bestuurder RSW Management B.V. niet vertegenwoordigd kan worden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.3 Bij e-mail van 15 april 2020 heeft de onderzoeker de Ondernemingskamer verzocht het onderzoeksbudget te verhogen met € 40.000 tot in totaal € 75.000 (exclusief btw), onder bijvoeging van een urenspecificatie van de tot en met 14 april 2020 verrichte werkzaamheden, die tot 1 april 2020 sluit op een totaalbedrag van € 33.823 (exclusief btw). De in de periode 1 tot en met 14 april 2020 gewerkte uren (33,7 uur door de onderzoeker en 11,2 uur door zijn medewerkers) zijn door de onderzoeker nog niet gedeclareerd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.4 Bij e-mail van 17 april 2020 heeft de secretaris van de Ondernemingskamer partijen in de gelegenheid gesteld zich over voormeld verzoek uit te laten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.5 Bij e-mail van 18 april 2020 heeft mr. De Buck de Ondernemingskamer bericht dat bij belanghebbenden geen bezwaren tegen de verzochte verhoging van het onderzoeksbudget bestaan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.6 Bij e-mail van 20 april 2020 heeft de bestuurder de Ondernemingskamer bericht akkoord te zijn met de door de onderzoeker verzochte verhoging van het onderzoeksbudget. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.7 Bij e-mail van 24 april 2020 heeft mr. Smelt de Ondernemingskamer namens Chevrayne Management B.V. bericht akkoord te zijn met de door de onderzoeker verzochte verhoging van het onderzoeksbudget. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De gronden van de beslissing</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Ter toelichting van zijn verzoek heeft de onderzoeker gewezen op de gebleken complexiteit van de zaak en het tijdens het onderzoek gebleken belang voor alle betrokkenen om zoveel mogelijk klaarheid en transparantie te bereiken met betrekking tot alle economische omstandigheden en transacties binnen de vennootschappen om een door partijen gewenste ontvlechting te bespoedigen. De complexiteit van de zaak volgt volgens de onderzoeker onder meer uit de complexe achtergrond van en de sterke onderlinge verwevenheid tussen de vennootschappen en de complexe rekening-courantverhoudingen tussen de vennootschappen, gecombineerd met de omstandigheid dat de jaarrekeningen van de vennootschappen niet door een externe accountant gecontroleerd en niet eerder gedeeld zijn met Chevrayne Management B.V. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De Ondernemingskamer overweegt als volgt. Nu de onderzoeker zijn verzoek gemotiveerd heeft onderbouwd, geen van partijen bezwaar heeft gemaakt tegen de verzochte verhoging en het verzochte bedrag de Ondernemingskamer niet onredelijk voorkomt, zal het verzoek van de onderzoeker worden ingewilligd. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Ondernemingskamer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verhoogt het bedrag dat het bij de beschikking van 9 januari 2020 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van RSW Property B.V., RSW Property I B.V., RSW Property VIII B.V. en RSW Management B.V.  ten hoogste mag kosten tot € 75.000 (exclusief btw); </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat de kosten van het onderzoek ten laste komen van RSW Property B.V. en RSW Management B.V. en dat zij ten behoeve van de onderzoeker op zijn verzoek en op de door hem te bepalen wijze (aanvullende) zekerheid dienen te stellen voor de betaling van (de verhoging van) dit bedrag; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. A.J. Wolfs, voorzitter, mr. C.C. Meijer en mr. A.W.H. Vink, raadsheren, P.G. Boumeester, en mr. drs. G. Boon RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. B.J. Blok, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 28 april 2020.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>