<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2019:3236</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-12-22T11:13:45</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-09-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-09-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.260.318/01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroepKortGeding">Hoger beroep kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2019:3236">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2019:3236</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-12-22T11:13:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-12-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2019:3236 Gerechtshof Amsterdam , 03-09-2019 / 200.260.318/01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2019:3236:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Kortgedingzaak. Aan de eisen van artikel 222 lid 1 Rv is voldaan. Hof voegt de onderhavige zaak met de zaak met zaaknummer 200.258.257/01 KG.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2019:3236:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling civiel recht en belastingrecht, team I</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer 		: 200.260.318/01 KG</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaak-/rolnummer rechtbank Amsterdam	: C/13/664300 / KG ZA 19-342</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 3 september 2019  </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [appellante]
        </emphasis>, </para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] (Malta), </para>
      <para>appellante in de hoofdzaak, </para>
      <para>eiseres in het incident,</para>
      <para>advocaat: mr. W.H.A.M. van den Muijsenberg te Rotterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [geïntimeerde]
        </emphasis>, </para>
      <para>wonende te [woonplaats] , Florida (Verenigde Staten),</para>
      <para>geïntimeerde in de hoofdzaak,</para>
      <para>verweerder in het incident,</para>
      <para>advocaten: mr. M.E. Coenraads te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna [appellante] en [geïntimeerde] genoemd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [appellante] is bij dagvaarding van 27 mei 2019 in hoger beroep gekomen van het vonnis in kort geding van de voorzieningenrechter in de rechtbank Amsterdam van 29 april 2019 onder bovenvermeld zaak-/rolnummer, gewezen tussen [geïntimeerde] als eiser en [appellante] als gedaagde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In de appeldagvaarding heeft [appellante] tevens incidenteel op de voet van artikel 222 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) gevorderd dat de onderhavige zaak wordt gevoegd met de bij dit hof onder zaaknummer 200.258.257/01 KG tussen [appellante] als appellante en [geïntimeerde] als geïntimeerde aanhangige zaak, met veroordeling van [geïntimeerde] in de kosten van het incident.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op de dienende dag heeft [appellante] in het incident geconcludeerd overeenkomstig voormeld exploot en is tegen [geïntimeerde] verstek verleend, welk verstek later is gezuiverd. </para>
      <para>Bij H-formulier van 29 juli 2019 heeft [geïntimeerde] zich in het incident gerefereerd aan het oordeel van het hof.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vervolgens is arrest gevraagd in het incident.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in het incident tot voeging:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>
        [appellante] heeft voormelde voeging gevorderd onder meer op de grond dat de onderhavige zaken tussen dezelfde partijen aanhangig zijn en zien op hetzelfde feitencomplex. Zonder de veroordeling van [appellante] bij het in de zaak met het zaaknummer 200.258.257/01 KG bestreden (kortgeding) vonnis van 11 maart 2019 om, kort gezegd, [geïntimeerde] 25% van de aandelen in het kapitaal van Lanius Holding te leveren, zou de tweede kortgeding procedure, die heeft geleid tot het bestreden vonnis van 29 april 2019, nimmer zijn geïnitieerd. [geïntimeerde] heeft zich ten aanzien van de incidentele vordering tot voeging gerefereerd aan het oordeel van het hof. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Uit hetgeen [appellante] heeft aangevoerd volgt dat aan de eisen van artikel 222 lid 1 Rv is voldaan. De zaken zullen derhalve worden gevoegd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>De beslissing over de kosten zal worden aangehouden. De hoofdzaak zal naar de rol van 10 september 2019 worden verwezen voor het nemen van een memorie van antwoord door [geïntimeerde] , aangezien de zaak 200.258.257/01 KG op die datum voor het nemen van een memorie van antwoord door [geïntimeerde] staat. Omdat een termijn van een week (natuurlijk) erg kort is, ligt het echter in de rede dat een uitstelverzoek van [geïntimeerde] zal worden gehonoreerd.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in het incident tot voeging:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>voegt de onderhavige zaak met de zaak met zaaknummer 200.258.257/01 KG;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt de beslissing over de proceskosten aan tot het eindarrest in de hoofdzaak;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in de hoofdzaak</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verwijst de zaak naar de rol van 10 september 2019 voor het nemen van een memorie van antwoord door [geïntimeerde] ; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mrs. R.J.M. Smit, J.C.W. Rang en J.C. Toorman en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 3 september 2019. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>