<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2019:3150</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-09-09T13:02:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-08-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-08-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">23-001927-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2019:3150">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2019:3150</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-09-09T13:01:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-09-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2019:3150 Gerechtshof Amsterdam , 07-08-2019 / 23-001927-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2019:3150:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bevestiging van het vonnis waarvan beroep met dien verstande dat het hof de bewijsmiddelen uitwerkt. Diefstal van een TomTom en daarbij horend kabeltje uit een bedrijfsauto.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2019:3150:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>afdeling strafrecht</para>
    <para>parketnummer: 23-001927-18 </para>
    <para>datum uitspraak: 7 augustus 2019 </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsvrouw)</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 25 mei 2018 in de strafzaak onder de parketnummers 13-701767-18 en 13-701492-18 (TUL) tegen</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [verdachte]
      </emphasis>,</para>
    <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1990, </para>
    <para>zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland.</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Onderzoek van de zaak</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 24 juli 2019 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsvrouw naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Vonnis waarvan beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat het hof de bewijsmiddelen uitwerkt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Bewijsmiddelen</title>
    <para />
    <para>1. <emphasis role="bold">Een proces-verbaal van aangifte met nummer PL1300-2018093498-1 van 10 mei 2018, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 1] (doorgenummerde pagina’s 4 t/m 5).</emphasis></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als <emphasis role="bold">verklaring van [verbalisant 2]</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ik doe namens [bedrijf] aangifte van diefstal, gepleegd tussen 9 mei te 18:00 uur en 10 mei 2018 te 11:00 uur, uit een bedrijfsauto met kenteken [kenteken], die stond geparkeerd op het bedrijfsterrein van [bedrijf] in Amsterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. <emphasis role="bold">Een proces-verbaal van aangifte met nummer PL1300-2018093194-18 van 14 mei 2018, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 3] (doorgenummerde pagina’s 6 t/m 7).</emphasis></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als <emphasis role="bold">verklaring van [naam]</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ik ben medewerker van automaterialenbedrijf [bedrijf], gelegen aan de [adres]. Tussen woensdag 9 mei 2018 om 18:00 uur en donderdag 10 mei 2018 om 11:00 uur heeft een inbraak plaatsgevonden in een bedrijfsauto voorzien van het kenteken [kenteken].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op eerdergenoemde (het hof begrijpt: eerstgenoemde) datum en tijdstip had ik privé eigendommen achtergelaten in de bedrijfsauto voorzien van kenteken [kenteken]. In de bedrijfsauto zat een (het hof begrijpt: mijn) navigatiesysteem van het merk TOMTOM. Daarnaast zat er een kabel die voor de TOMTOM diende. Ik zag dat na de inbraak deze goederen er niet meer waren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3. <emphasis role="bold">Een proces-verbaal met nummer PL1300-2018093498-19 van 14 mei 2018, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 4], inclusief fotobijlagen (doorgenummerde pagina’s 13 t/m 33).</emphasis></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als <emphasis role="bold">verklaring van verbalisant</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op de camerabeelden, gemaakt op 05/09/2018 (het hof begrijpt: 9 mei 2018) is een verdachte te zien met het volgende signalement: man, blank, smal gezicht, ongeveer 1.70 – 1.80 meter, 25-30 jaar, dragend een donkerkleurige broek met een rood kleurig T-shirt met korte mouwen en op zijn hoofd een donkerkleurige muts met een cap. Verder heeft de verdachte een blauwkleurige plastic boodschappentas in zijn hand.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op de camerabeelden is te zien dat de verdachte loopt in de richting van de bedrijfsauto van firma [bedrijf]. De verdachte loopt naar de bijrijdersportier kennelijk om te controleren of de ruit niet in de onderste stand staat. Hij heeft zijn hand naar binnen weten te brengen en opent dan de portier. Vervolgens stapt hij in de bedrijfsauto, doorzoekt de auto en sluit dan weer de portier. De verdachte loopt weer met de spullen in de tas weg in de richting alwaar hij was gekomen. De verdachte haalt een zwart kleurig zakje uit zijn tas. Hij kijkt erin en gooit het naar boven. Het zakje is op de dak van de auto terecht gekomen. De verdachte voelt wederom in zijn tas. Vervolgens loopt hij weer terug en opent hij de bijrijdersportier. Op dat moment arriveert handhaving met een vrachtauto. De handhavers spreken de verdachte aan. Een handhaver loopt terug naar de vrachtwagen. De verdachte loopt vervolgens met versnelde pas van de handhavers weg. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>4. <emphasis role="bold">Een proces-verbaal van bevindingen met nummer PL1300-2018093498-20 van 14 mei 2018, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 4], inclusief fotobijlagen (doorgenummerde pagina’s 34 t/m 38).</emphasis></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als <emphasis role="bold">verklaring van verbalisant</emphasis>: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ik heb foto’s gemaakt van de kledingstukken welk de verdachte tijdens zijn aanhouding aan had. Tevens zijn foto’s gemaakt van de verdachte met de kledingstukken aan. Toen de verdachte zijn kleding aan had getrokken herkende ik hem als een en dezelfde persoon van de diefstal welke ik op beelden had waargenomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bevestigt het vonnis waarvan beroep, met inachtneming van het bovenstaande.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. P.F.E. Geerlings, mr. H.A. van Eijk en mr. M.R. Cox, in tegenwoordigheid van C.N. Aalders, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 7 augustus 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mr. M.R. Cox is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        […]
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>