<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2019:1591</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T09:08:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-05-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-05-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.247.798/03 OK</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_ondernemingsrecht">Civiel recht; Ondernemingsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>ARO 2019/118</rdf:li>
          <rdf:li>JOR 2019/217 met annotatie van Josephus Jitta, M.W.</rdf:li>
          <rdf:li>OR-Updates.nl 2019-0061</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2019:1591">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2019:1591</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-05-23T14:56:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-05-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2019:1591 Gerechtshof Amsterdam , 02-05-2019 / 200.247.798/03 OK</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2019:1591:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>OK; enquêterecht; beschikking van de raadsheer-commissaris; niet-ontvankelijkheid.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2019:1591:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <mediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="57f2b9a8-4348-4d33-95d2-ce5f1c492fc9" depth="166" width="250" format="image/png" />
      </imageobject>
    </mediaobject>
    <parablock>
      <para>beschikking</para>
      <para>___________________________________________________________________ </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">ONDERNEMINGSKAMER</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 200.247.798/03 OK</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschikking van de raadsheer-commissaris van 2 mei 2019</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">TORNADO BEHEER B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Volendam,</para>
    </parablock>
    <para>2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [A]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [....] ,</para>
    </parablock>
    <para>3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [B]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [....] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERZOEKSTERS</emphasis>,</para>
      <para>advocaat: <emphasis role="bold">mr. F.M.Y. Semil-Wertenbroek</emphasis>, kantoorhoudende te Tilburg,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>t e g e n</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">STEELFRAME BEHEER B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Tilburg,</para>
    </parablock>
    <para>2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">STEELFRAME GROUP B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Tilburg,</para>
    </parablock>
    <para>3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">STEELFRAME B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Tilburg,</para>
    </parablock>
    <para>4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">TTB STAAL B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Tilburg,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERWEERSTERS</emphasis>,</para>
      <para>advocaten: <emphasis role="bold">mr. M.W.E. Evers</emphasis> en <emphasis role="bold">mr. R.A. Marres</emphasis>, beiden kantoorhoudende te Amsterdam (voorheen: mr. F.B. Keulen), </para>
      <para>e n   t e g e n </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">LINNAEUSPARK BELEGGINGEN B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para>2. <emphasis role="bold">[C]</emphasis>,</para>
    <para>wonende te [....] .</para>
    <para>3. <emphasis role="bold caps">[D]</emphasis><emphasis role="caps">,</emphasis></para>
    <parablock>
      <para>gevestigd te [....] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">BELANGHEBBENDEN,</emphasis>
      </para>
      <para>Advocaat:<emphasis role="bold"> mr. J.L.J. Leijendekker, </emphasis>kantoorhoudende te Wijk bij Duurstede,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>e n   t e g e n </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [E]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [....] ,</para>
    </parablock>
    <para>5. <emphasis role="bold caps">Stichting Continuïteit Steelframe Group</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>gevestigd te Volendam,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">BELANGHEBBENDEN,</emphasis>
      </para>
      <para>niet bij advocaat verschenen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>e n   t e g e n </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">6 COÖPERATIEVE RABOBANK U.A.,</bridgehead>
    <parablock>
      <para>gevestigd te Utrecht,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">BELANGHEBBENDE,</emphasis>
      </para>
      <para>advocaat: <emphasis role="bold">mr. B.J. Boutellier</emphasis>, kantoorhoudende te Amsterdam.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van het geding</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>In het vervolg zullen partijen en andere (rechts)personen (ook) als volgt worden aangeduid:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>verweersters sub 1 en sub 4 respectievelijk met Steelframe Beheer en TTB Staal, en verweersters gezamenlijk met Steelframe c.s.;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>belanghebbenden sub 2 en sub 3 respectievelijk met Van [C] en [D] ;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>Stichting Continuïteit Steelframe Group met de Stak.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Voor het verloop van het geding verwijst de raadsheer-commissaris naar de beschikkingen van de Ondernemingskamer van 19 en 20 december 2018 en 19 februari 2019 in deze zaak.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>Bij de beschikkingen van 19 en 20 december 2018 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Steelframe c.s. over de periode vanaf 1 januari 2017, mr. R. Mulder (hierna: onderzoeker) benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, alsmede – bij wijze van onmiddellijke voorzieningen en vooralsnog voor de duur van het geding – Van [C] geschorst als bestuurder van Steelframe Beheer en TTB Staal, mr. P.J. Colijn (hierna: bestuurder) tot bestuurder van Steelframe Beheer en TTB Staal benoemd en bepaald dat aan artikel 9.5 van de statuten van Steelframe Beheer geen werking toekomt. Mr. A.W.H. Vink is benoemd tot raadsheer-commissaris. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4</nr>
      <para>Bij brief van 15 april 2019 heeft mr. Leijendekker namens Van [C] en [D] de raadsheer-commissaris – zakelijk weergegeven – verzocht het ertoe te leiden dat Van [C] en [D] door de bestuurder worden geïnformeerd met betrekking tot de stand van zaken bij Steelframe c.s., met name ten aanzien van de liquiditeitsprognose voor 2019. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5</nr>
      <para>Bij e-mail van 17 april 2019 heeft de secretaris van de Ondernemingskamer mr. Leijendekker geïnformeerd dat, ingevolge artikel 2:350 lid 4 BW, de raadsheer-commissaris desverzocht aanwijzingen kan geven over de wijze waarop een door de Ondernemingskamer bevolen onderzoek wordt uitgevoerd, maar dat de raadsheer-commissaris niet de bevoegdheid heeft om aanwijzingen te geven aan een door de Ondernemingskamer benoemde tijdelijk bestuurder. Aan mr. Leijendekker is verzocht kenbaar te maken of hij het verzoek wenste te handhaven. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.6</nr>
      <para>Bij e-mail van 18 april 2019 heeft mr. Leijendekker namens Van [C] en [D] zijn verzoek gehandhaafd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.7</nr>
      <para>Steelframe c.s. en de onderzoeker zijn bij e-mail van de secretaris van de Ondernemingskamer van 19 april 2019 in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over voornoemd verzoek van Van [C] en [D] .  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.8</nr>
      <para>Bij e-mails van 29 april 2019 hebben de onderzoeker en Steelframe Beheer de raadsheer-commissaris bericht dat zij menen dat Van [C] en [D] in hun verzoek niet kunnen worden ontvangen, althans dat het verzoek afgewezen dient te worden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.9</nr>
      <para>Van de overige  partijen zijn geen reacties binnengekomen. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De gronden van de beslissing</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Van [C] en [D] hebben ter toelichting op hun verzoek naar voren gebracht dat zij van de door de Ondernemingskamer benoemde tijdelijk bestuurder geen enkel bericht hebben ontvangen over de gang van zaken binnen Steelframe c.s., ook niet na verzoeken daartoe. [D] heeft als houder van certificaten van aandelen in Steelframe Beheer recht en belang bij informatie over Steelframe c.s. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>De onderzoeker en Steelframe Beheer achten het niet op zijn plaats dat de verzochte aanwijzing aan de bestuurder wordt gegeven. De raadsheer-commissaris kan ingevolge artikel 2:350 lid 4 BW slechts aanwijzingen geven over de wijze waarop een door de Ondernemingskamer bevolen onderzoek wordt uitgevoerd. Het verzoek van Van [C] en [D] , inhoudende dat de raadsheer-commissaris een aanwijzing geeft aan een door de Ondernemingskamer benoemde tijdelijk bestuurder, kan niet worden toegewezen nu dit valt buiten de reikwijdte van de bevoegdheid van de raadsheer-commissaris zoals opgenomen in artikel 2:350 lid 4 BW. Steelframe Beheer heeft daaraan toegevoegd dat ook anderszins geen wettelijke grondslag bestaat, op grond waarvan de raadsheer-commissaris aan een door de Ondernemingskamer benoemde tijdelijk bestuurder een aanwijzing kan geven. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>De raadsheer-commissaris verstaat dat hem verzocht wordt om op grond van artikel 2:350 lid 4 BW een aanwijzing te geven aan de door de Ondernemingskamer benoemde tijdelijk bestuurder. Artikel 2:350 lid 4 BW bepaalt dat de raadsheer-commissaris, indien de goede gang van zaken van het onderzoek dit vereist, op verlangen van verzoekers of belanghebbenden aanwijzingen kan geven over de wijze waarop het onderzoek wordt uitgevoerd. De raadsheer-commissaris kan op grond van genoemd artikellid echter geen aanwijzingen geven aan een door de Ondernemingskamer benoemde tijdelijk bestuurder. Ook overigens komt de raadsheer-commissaris een dergelijke bevoegdheid niet toe.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>De slotsom is dat Van [C] en [D] niet ontvankelijk zijn in hun verzoek. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsheer-commissaris:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart Van [C] en [D] niet ontvankelijk in hun verzoek. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. A.W.H. Vink, raadsheer-commissaris, in tegenwoordigheid van mr. B.J. Blok, griffier, op 2 mei 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>