<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2018:3934</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-11-19T12:50:58</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-10-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-10-24</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/665421-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2018:3934">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2018:3934</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-11-19T12:50:21</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-11-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2018:3934 Gerechtshof Amsterdam , 24-10-2018 / 13/665421-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2018:3934:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Voorlopige hechtenis; invulling vluchtgevaar</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2018:3934:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>13/665421-18</para>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM,  </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="bold">MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">BESCHIKKING</emphasis> in raadkamer op het hoger beroep in de zaak van</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">	[verdachte],</emphasis>
    </para>
    <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1977,</para>
    <para>	zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande,</para>
    <para>	thans verblijvende in het huis van bewaring PI Rijnmond, De Schie te Rotterdam, </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam van 8 oktober 2018, voor zover houdende bevel tot zijn gevangenhouding.</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>De feiten en de rechtsgang</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank Amsterdam van </para>
      <para>11 oktober 2018, waarbij namens de verdachte hoger beroep is ingesteld tegen voormelde beschikking van die rechtbank.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsman mr. M.A.I. Witlox. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij de behandeling in raadkamer heeft de raadsman namens de verdachte een mondeling schorsingsverzoek gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof verenigt zich met de beschikking waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en de gronden waarop deze berust. Het hof sluit zich voor wat betreft de gronden aan bij de motivering van de rechter-commissaris bij het bevel inbewaringstelling. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof acht niet op voorhand evident dat er sprake is geweest van een noodweer(exces)-situatie die tot strafvermindering of het achterwege blijven van strafoplegging zou moeten leiden, zodat er thans geen sprake is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 67a, derde lid, Sv. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu de verdachte geen vaste woon- of verblijfplaats heeft in Nederland noch een legale verblijfsstatus is het hof van oordeel dat er gronden zijn om te vrezen dat de verdachte zich aan berechting in Nederland zal onttrekken, dan wel niet voor justitie vindbaar zal zijn. Daar komt bij dat de voorlopige hechtenis mede gegrond is op de geschokte rechtsorde, hetgeen zich niet verdraagt met een schorsing van die voorlopige hechtenis, tenzij er sprake is van uitzonderlijke zwaarwegende persoonlijke belangen van de verdachte bij invrijheidstelling. Daarvan is niet gebleken. Onder deze omstandigheden is schorsing van de voorlopige hechtenis niet aan de orde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>13/665421-18</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>WIJST AF het beroep tegen de bestreden beschikking, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>WIJST AF het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven op 24 oktober 2018 in raadkamer van dit hof door</para>
      <para>mr. J.L. Bruinsma, voorzitter,</para>
      <para>mrs. P.F.E. Geerlings en D.J.P. van Barneveld, raadsheren,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. D. Boessenkool als griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.</para>
      <para>Amsterdam, 24 oktober 2018,</para>
      <para>de advocaat-generaal</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>