<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2018:1188</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-04-16T13:03:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-04-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-03-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">001497-17</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#rekestprocedure">Rekestprocedure</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2018:1188">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2018:1188</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-04-16T13:02:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-04-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2018:1188 Gerechtshof Amsterdam , 23-03-2018 / 001497-17</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2018:1188:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Verzoek ex artikel 591a Sv </para>
        <para>Het hof acht gronden van billijkheid aanwezig tot toekenning van een vergoeding zoals verzocht. Voor matiging zoals door de advocaat-generaal is verzocht omdat in dit geval zowel volgens uurtarief is gewerkt als voor een zogeheten fixed fee, ziet het hof geen grond. Door de raadsman is genoegzaam toegelicht dat dit verschil verband houdt met het feit dat verzoeker in eerste aanleg en hoger beroep is bijgestaan door mr. L. Palanciyan, waarbij een vast tarief is afgesproken en dat verzoeker in cassatie en – na terugwijzing – opnieuw bij het gerechtshof is bijgestaan door mr. G. Palanciyan, waarbij volgens uurtarief is gewerkt en gefactureerd. Nu het hof deze kosten voor rechtsbijstand niet bovenmatig acht, komen zij voor vergoeding in aanmerking.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2018:1188:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking		</para>
    <para />
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="8ed3f05c-e233-4180-bf51-2c8de89f8e11" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="9ca3c33c-78f0-48fb-abac-81f48397d21c" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="3880f04e-b061-4416-be05-cd376bb63a22" depth="2" width="571" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
    </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling strafrecht</para>
      <para>rekestnummer: 001497-17 (591a Sv) </para>
      <para>parketnummer in hoger beroep: 23-000696-17</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Beschikking op het verzoekschrift op de voet van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker],</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1992,</para>
      <para>domicilie kiezende ten kantore van zijn advocaat,</para>
      <para>mr. G. Palanciyan, [adres].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Inhoud van het verzoekschrift</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoekschrift strekt tot het toekennen van een vergoeding op de voet van artikel 591a Sv ter zake van:</para>
    </parablock>
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand door mr. L. Palanciyan ten behoeve van de strafzaak met voormeld parketnummer ten bedrage van € 12.705,00;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand door mr. L. Palanciyan ten behoeve van de strafzaak met voormeld parketnummer ten bedrage van € 6.352,50;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand door mr. G. Palanciyan ten behoeve van de strafzaak met voormeld parketnummer ten bedrage van € 3.801,96;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand door mr. G. Palanciyan ten behoeve van de strafzaak met voormeld parketnummer ten bedrage van € 1.858,10.</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>2</nr>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoekschrift is op 26 oktober 2017 ingekomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 15 januari 2018 heeft de advocaat-generaal schriftelijk het standpunt ingenomen dat het verzoek op de voet van artikel 591a Sv gedeeltelijk kan worden toegewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft kennis genomen van de stukken in de strafzaak met voormeld parketnummer en heeft op 9 maart 2018 de advocaat-generaal ter gelegenheid van de openbare behandeling van het verzoekschrift in raadkamer gehoord. Met kennisgeving hiervan zijn verzoeker noch diens advocaat verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>Beoordeling van het verzoekschrift</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoekschrift is tijdig ter griffie van dit hof ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De strafzaak met voormeld parketnummer is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en onder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht (Sr).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ingevolge het bepaalde in artikel 90, eerste lid, Sv heeft de toekenning van een schadevergoeding steeds plaats, indien en voor zover daartoe naar het oordeel van de rechter, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof acht gronden van billijkheid aanwezig tot toekenning van een vergoeding zoals verzocht. Voor matiging zoals door de advocaat-generaal is verzocht omdat in dit geval zowel volgens uurtarief is gewerkt als voor een zogeheten <emphasis role="italic">fixed fee</emphasis>, ziet het hof geen grond. Door de raadsman is genoegzaam toegelicht dat dit verschil verband houdt met het feit dat verzoeker in eerste aanleg en hoger beroep is bijgestaan door mr. L. Palanciyan, waarbij een vast tarief is afgesproken en dat verzoeker in cassatie en – na terugwijzing – opnieuw bij het gerechtshof is bijgestaan door mr. G. Palanciyan, waarbij volgens uurtarief is gewerkt en gefactureerd. Nu het hof deze kosten voor rechtsbijstand niet bovenmatig acht, komen zij voor vergoeding in aanmerking.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof :</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wijst het verzochte toe.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Kent op de voet van artikel 591a Sv uit ’s Rijks kas aan verzoeker een vergoeding toe van € 24.717,56 (vierentwintigduizend zevenhonderdzeventien euro en 56 cent).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt de onverwijlde betekening van deze beschikking aan verzoeker.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mrs. R.D. van Heffen, P.C. Römer en A.M. Ruige, in tegenwoordigheid van mr. P.M. Groenenberg als griffier, is ondertekend door de voorzitter en de griffier en is uitgesproken op de openbare zitting van dit hof van 23 maart 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzitter beveelt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de tenuitvoerlegging van deze beschikking </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de tenuitvoerlegging van deze beschikking door overmaking van € 24.717,56 (vierentwintigduizend zevenhonderdzeventien euro en 56 cent) op bankrekeningnummer [rekeningnummer] t.n.v. [naam].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Amsterdam, 23 maart 2018,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Mr. R.D. van Heffen, voorzitter.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>