<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2017:5291</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-02-05T10:36:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-12-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-12-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.190.925/01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#verwijzingNaHogeRaad">Verwijzing na Hoge Raad</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2017:5291">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2017:5291</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-02-05T10:31:43</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-02-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2017:5291 Gerechtshof Amsterdam , 19-12-2017 / 200.190.925/01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2017:5291:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>verzoek om herstelarrest vanwege proceskostenveroordeling afgewezen. Zie ECLI:NL:GHAMS:2017:4327.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2017:5291:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling civiel recht en belastingrecht, team I</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer 						: 200.190.925/01 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaak- en rolnummer rechtbank Middelburg	 		: 224115/11-3204 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 19 december 2017   </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [appellant] ,  </emphasis>
      </para>
      <para>wonend te [woonplaats] , </para>
      <para>appellant, </para>
      <para>advocaat: mr. A.A.M. Knol te Den Haag,     </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [geïntimeerde] ,  </emphasis>
      </para>
      <para>wonend te [woonplaats] ,  </para>
      <para>geïntimeerde, </para>
      <para>advocaat: mr. P.S. Kamminga te Den Haag.    </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna aangeduid als [appellant] en [geïntimeerde] .   </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft in deze zaak op 24 oktober 2017 een arrest uitgesproken. Bij faxbericht  van 22 november 2017 heeft mr. Knol voornoemd zich namens partij [appellant] op het standpunt gesteld dat het arrest een kennelijke fout bevat en herstel daarvan verzocht. Bij e-mail van 30 november 2017 heeft mr. Kamminga voornoemd zich namens partij [geïntimeerde] verzet tegen toewijzing van dit verzoek. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <parablock>
        <para>In voornoemd arrest van 24 oktober 2017 is aan salaris advocaat, met inbegrip van de kosten van de procedure bij het hof Den Haag, een bedrag toegekend van </para>
        <para>€ 22.841,=. [appellant] verzoekt dit bedrag te wijzigen en vast te stellen op € 2.682,=. Nu het hof de eiswijziging na verwijzing heeft gehonoreerd, was de (resterende) vordering van onbepaalde waarde en diende tarief II van het liquidatietarief te worden toegepast (€ 894,= per punt). Nu in tarief II het maximum aantal punten drie bedraagt, dient een bedrag van € 2.682,= te worden toegekend, aldus [appellant] . [geïntimeerde] voert gemotiveerd verweer tegen het verzoek tot herstel van het arrest en concludeert tot afwijzing hiervan. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [appellant] heeft in hoger beroep in zijn appeldagvaarding en memorie van grieven zijn in eerste aanleg ingestelde vordering tot veroordeling van [geïntimeerde] tot betaling van een bedrag van € 231.246,10, vermeerderd met rente, gehandhaafd. Dit brengt met zich dat zijn vorderingen in hoger beroep vallen in tarief VI van het liquidatietarief (€ 3.263,= per punt). Het gegeven dat het hof Den Haag voormelde vordering bij arrest van 18 februari 2014 heeft afgewezen, [appellant] hiertegen geen cassatie heeft ingesteld en deze vordering vervolgens heeft ingetrokken bij zijn eisvermindering in zijn memorie na verwijzing, laat de toepasselijkheid van tarief VI op de (gehele) appelprocedure onverlet. De advocaat van [geïntimeerde] heeft (in de hoofdzaak) de volgende proceshandelingen verricht: aanwezigheid comparitie hof ’s-Hertogenbosch (1 punt), nemen memorie van antwoord (1 punt), aanwezigheid pleidooi hof Den Haag (2 punten), nemen memorie na verwijzing (1 punt) en aanwezigheid pleidooi hof Amsterdam (2 punten). Het totale aantal punten van zeven vermenigvuldigd met € 3.263,=, levert een salaris advocaat op van € 22.841,=. Deze berekening brengt met zich dat het door het hof in het arrest van 24 oktober 2017 toegekende salaris van € 22.841,= klopt, zodat het verzoek van [appellant] zal worden afgewezen.  </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het verzoek tot verbetering af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mrs. L.A.J. Dun, C. Uriot en L.R. van Harinxma thoe Slooten en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 19 december 2017. </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>