<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2016:1585</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T20:17:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-04-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-04-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.084.531/01 OK</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_ondernemingsrecht">Civiel recht; Ondernemingsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0003045&amp;artikel=345&amp;g=2013-01-01">Burgerlijk Wetboek Boek 2 345</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0003045&amp;artikel=349&amp;g=2013-01-01">Burgerlijk Wetboek Boek 2 349</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>ARO 2016/121</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2016:1585">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2016:1585</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-05-09T13:54:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-05-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2016:1585 Gerechtshof Amsterdam , 25-04-2016 / 200.084.531/01 OK</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2016:1585:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>OK. Enquête. Beëindiging onderzoek en getroffen onmiddellijke voorziening.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2016:1585:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <mediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="7ed73416-6632-42c9-a288-8576de726066" depth="166" width="250" format="image/png" />
      </imageobject>
    </mediaobject>
    <parablock>
      <para>beschikking</para>
      <para>___________________________________________________________________ </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">ONDERNEMINGSKAMER</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 200.084.531/01 OK </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschikking van de Ondernemingskamer van 25 april 2016</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>de vennootschap naar het recht van de Marshall Eilanden</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">SEA RESOURCE CO. LTD</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Majuro, Marshall Eilanden,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERZOEKSTER</emphasis>,</para>
      <para>advocaat: <emphasis role="bold">mr. M.W.E. Evers, </emphasis>kantoorhoudende te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>t e g e n </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">RICKLEY INTERNATIONAL B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Rotterdam,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERWEERSTER</emphasis>,</para>
      <para>niet verschenen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>e n  t e g e n</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>de vennootschap naar het recht van Luxemburg</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">INVESTORS HOLDCO SÀRL.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Luxemburg,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">BELANGHEBBENDE,</emphasis>
      </para>
      <para>advocaat voorheen: 	<emphasis role="bold">mr. Y.A. van Bijsterveld, </emphasis>kantoorhoudende te Amsterdam,</para>
      <para>thans:<emphasis role="bold"> 	mr. A.G. de Neve</emphasis>, kantoorhoudende te Rotterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van het geding</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Partijen zullen hierna wederom Sea Resource, Rickley en IH genoemd worden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen in deze zaak van 15 en 21 juni 2011.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer – voor zover hier van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Rickley, mr. L.C.J.M. Spigt (hierna: de onderzoeker) benoemd teneinde voormeld onderzoek te verrichten en – bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van het geding – het stemrecht verbonden aan de aandelen genummerd 121 tot en met 400 in het kapitaal van Rickley geschorst.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4</nr>
      <para>Bij brief van 8 januari 2015 heeft de secretaris van de Ondernemingskamer partijen bericht dat het gelet op het feit dat het onderzoek (in verband met onderhandelingen over een minnelijke regeling) een aantal jaren heeft stilgelegen en van partijen ook niet nader is vernomen, in rede ligt het onderzoek te beëindigen en de getroffen onmiddellijke voorziening op te heffen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5</nr>
      <para>Mr. Evers heeft namens Sea Resource bij brieven van 30 januari 2015 en 16 februari 2015 toegelicht bezwaar gemaakt tegen beëindiging van de procedure en verzocht het besluit tot beëindiging in ieder geval voor een periode van zes maanden aan te houden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.6</nr>
      <para>De secretaris van de Ondernemingskamer heeft bij brief van 27 maart 2015 partijen bericht de zaak aan te houden en mr. Evers verzocht in oktober 2015 de Ondernemingskamer te berichten over de stand van zaken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.7</nr>
      <para>Bij brief van 16 oktober 2015 heeft mr. Evers de aanhouding in stand te laten. Bij brief van 22 oktober 2015 heeft de secretaris van de Ondernemingskamer bericht dat dit verzoek wordt ingewilligd en mr. Evers verzocht in april te berichten over de stand van zaken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.8</nr>
      <para>Bij brief van 14 april 2016 heeft mr. Evers namens Sea Resource de Ondernemingskamer bericht dat het liquidatie- en uitwinningsproces van Amber Land LLC is afgerond en verzocht de enquêteprocedure te beëindigen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.9</nr>
      <para>Mr. De Neve (namens IH) en de onderzoeker hebben desgevraagd te kennen gegeven (respectievelijk bij brief van 20 april 2016 en e-mail van 18 april 2016) in te kunnen stemmen met de verzochte beëindiging.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De gronden van de beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu verzoekster heeft verzocht het bij de beschikking van 15 juni 2011 bevolen onderzoek en de bij die beschikking getroffen onmiddellijke voorziening op te heffen, de verschenen belanghebbende en de door de Ondernemingskamer benoemde onderzoeker te kennen hebben gegeven in te stemmen met dit verzoek en de Ondernemingskamer voorts niet is gebleken van enig belang dat zich verzet tegen het verzochte, zal de Ondernemingskamer het verzoek inwilligen, een en ander met ingang van heden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Ondernemingskamer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beëindigt met ingang van heden het bij haar beschikking van 15 juni 2011 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Rickley International B.V., gevestigd te Rotterdam;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beëindigt met ingang van heden de bij haar beschikking van 15 juni 2011 getroffen onmiddellijke voorziening;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. A.C. Faber, voorzitter, mr. G.C. Makkink en mr. M.M.M. Tillema, raadsheren, G.A. Cremers en H. de Munnik, raden, in tegenwoordigheid van mr. H.H.J. Zevenhuijzen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 25 april 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>