<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2016:1501</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T17:35:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-04-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">ECLI:NL:GHAMS:2016:1740</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-04-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.180.053/01 OK</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_ondernemingsrecht">Civiel recht; Ondernemingsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0003045&amp;artikel=201a&amp;g=2013-01-01">Burgerlijk Wetboek Boek 2 201a</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>AR 2016/1283</rdf:li>
          <rdf:li>ARO 2016/129</rdf:li>
          <rdf:li>JONDR 2016/946</rdf:li>
          <rdf:li>OR-Updates.nl 2016-0149</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2016:1501">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2016:1501</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-05-09T14:03:58</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-05-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2016:1501 Gerechtshof Amsterdam , 26-04-2016 / 200.180.053/01 OK</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2016:1501:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>OK. Uitkoop. Eiser niet-ontvankelijk: de Ondernemingskamer kan niet vaststellen dat eiser voldoet aan het kapitaals- en stemvereiste  van artikel 2:201a BW. Ook overigens verzuimd gevraagde stukken in het geding te brengen en nadere toelichting niet gegeven.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2016:1501:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <mediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="68b7e536-392a-4dec-ae1d-3f7c72897684" depth="166" width="250" format="image/png" />
      </imageobject>
    </mediaobject>
    <parablock>
      <para>arrest</para>
      <para>___________________________________________________________________ </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">ONDERNEMINGSKAMER</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 200.180.053/01 OK</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>arrest van de Ondernemingskamer van 26 april 2016</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [A]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [....] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">EISER</emphasis>,</para>
      <para>advocaat: <emphasis role="bold">mr. R.W. de Pater</emphasis>, kantoorhoudende te Breda,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>t e g e n</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [B]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [....] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">GEDAAGDE</emphasis>,</para>
      <para>niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van het geding</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Eiser zal hierna opnieuw [A] worden genoemd en gedaagde  [B] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Voor het eerdere verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar tussenarrest in deze zaak van 16 februari 2016. In dit tussenarrest heeft de Ondernemingskamer [A] in de gelegenheid gesteld om bij akte bepaalde stukken over te leggen en zich uit te laten over in het tussenarrest genoemde onderwerpen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>
        [A] heeft op 15 maart 2016 een akte met vier producties genomen en opnieuw arrest gevraagd.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De gronden van de beslissing</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Om ambtshalve te kunnen vaststellen of [A] voldoet aan het in artikel 2:201a BW genoemde kapitaals- en stemvereiste, heeft de Ondernemingskamer in het tussenarrest [A] in de gelegenheid gesteld om een verklaring van een notaris of registeraccountant in het geding te brengen, inhoudende dat uit door deze verricht onderzoek blijkt dat [A] voldoet aan het kapitaals- en stemrechtvereiste van artikel 2:201a lid 1 BW en dat de overige aandelen worden gehouden door [B] . De Ondernemingskamer heeft daarbij overwogen dat uit deze verklaring moet blijken in hoeverre de gebruikte informatie is gecontroleerd en op welke wijze de opsteller van de verklaring tot zijn conclusie is gekomen en dat de verklaring in beginsel betrekking dient te hebben op de stand van zaken op de datum van de dagvaarding.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>
        [A] heeft bij de akte een verklaring overgelegd van [C] (hierna: [C] ), <emphasis role="italic">certified public accountant</emphasis> verbonden aan MK Strategic Consultancy. Deze verklaring luidt, voor zover hier van belang:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“<emphasis role="italic">I herewith declare that as the result of our researches, the number of shares of Mr. [A] and Mr. [B] are as follows:</emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">The number of all shares:			67,681</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">The number of shares of [A] :	64,297 (&gt; % 95)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">The number of shares of [B] :	3,384 (&lt; % 5)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">I also herewith declare that [A] meets the capital requirements and the requirement of voting rights</emphasis>.”</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit deze verklaring blijkt niet welke informatie [C] heeft gebruikt voor deze verklaring, welk onderzoek hij heeft verricht en hoe hij tot de conclusie is gekomen. Uit de verklaring blijkt ook niet dat deze betrekking heeft op de stand van zaken ten tijde van de dagvaarding. Deze verklaring voldoet derhalve niet aan de daaraan gestelde eisen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Op basis van de stellingen van [A] en de door hem ingebrachte producties kan de Ondernemingskamer niet ambtshalve vaststellen dat [A] ten minste 95% van het geplaatste kapitaal van Venidero verschaft, hij ten minste 95% van de stemrechten in de vergadering kan uitoefenen en dat de vordering is ingesteld tegen de gezamenlijke andere aandeelhouders. De Ondernemingskamer zal [A] daarom niet-ontvankelijk verklaren in zijn vordering.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Ten overvloede constateert de Ondernemingskamer dat [A] in zijn akte na tussenarrest zonder uitleg heeft verzuimd: </para>
      <para>- de volledige jaarrekeningen van Venidero over 2014 en 2015 in het geding te brengen;</para>
      <para>- toe te lichten welk belang hij bij de gevorderde overdracht heeft nu de waarde van de aandelen naar zijn mening nihil is;</para>
      <para>- zich uit te laten over de vraag of de waarde van de aandelen kan worden gerelateerd aan de compensabele verliezen van Venidero,</para>
      <para>terwijl de Ondernemingskamer in het tussenarrest om overlegging van deze gegevens respectievelijk het geven van deze toelichting heeft verzocht. Ook dit verzuim staat aan toewijzing van de vordering in de weg.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Ondernemingskamer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart eiser niet-ontvankelijk in zijn vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. J. den Boer en mr. M.M.M. Tillema, raadsheren, en prof. dr. R.A.H. van der Meer RA en drs. J.B.M. Streppel, raden, in tegenwoordigheid van mr. H.H.J. Zevenhuijzen, griffier, en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 26 april 2016.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>