<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2016:1500</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-07-12T09:21:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-04-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-04-15</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">23-003502-15</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:HR:2017:1316" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/cassatie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/latereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#bekrachtiging/bevestiging">Cassatie: ECLI:NL:HR:2017:1316, Bekrachtiging/bevestiging</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2016:1500">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2016:1500</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-04-20T07:43:58</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-04-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2016:1500 Gerechtshof Amsterdam , 15-04-2016 / 23-003502-15</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2016:1500:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Hof verklaart verdachte niet ontvankelijk in hoger beroep nu rechtsmiddel is ingesteld -welk moment doorslaggevend is voor de beoordeling van de ontvankelijkheid- inzake N.N. zonder opgave van echte persoonsgegevens (in plaats daarvan wordt -bovendien- naast duiding N.N. valse geboortedatum vermeld in de akte) terwijl inmiddels wel de juiste identiteit van de verdachte bekend was geworden</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2016:1500:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>parketnummer: 23-003502-15 </para>
    <para>datum uitspraak: 15 april 2016 </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 28 augustus 2015 in de strafzaak onder parketnummer </para>
    <para>13-702718-15 tegen</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">- NN AD20001 M 150826 1805</emphasis>,</para>
    <para>geboren te onbekend (Land onbekend) op 1 januari 1950, </para>
    <para>zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande,</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">ter terechtzitting in eerste aanleg opgevende te zijn:</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [verdachte]
      </emphasis>,</para>
    <para>geboren te [geboorteplaats] (Suriname) op [geboortedag] 1974,</para>
    <para>zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande.</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van </para>
      <para>15 april 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Ontvankelijkheid van het ingestelde hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman heeft bepleit dat de verdachte dient te worden ontvangen in het namens hem ingestelde hoger beroep. De verdachte noemt zich [verdachte] en de raadsman meent dat hij laatstgenoemde naam tevens in de volmacht tot instellen van hoger beroep van [geboortedag] 2015 heeft opgenomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft geconstateerd dat in de volmacht tot het instellen van hoger beroep d.d. [geboortedag] 2015 uitsluitend staat vermeld dat het rechtsmiddel wordt ingesteld inzake N.N. (AD 20001 M 150826 1805) en dat het grievenformulier d.d. 3 september 2015 ook slechts de N.N. duiding vermeldt als naam van de verdachte, welk document  -naar het zich laat aanzien gelet op de door de raadsman op de begeleidende brief geplaatste handtekening- door de raadsman is ondertekend als verdachte. Op de akte instellen rechtsmiddel staat daarenboven als geboortedatum van de verdachte 01 januari 1950 te Onbekend vermeld, terwijl dat minst genomen dan had moeten zijn [geboortedag] 1974 te [geboorteplaats] (Suriname).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof ziet onder de gegeven omstandigheden geen aanleiding af te wijken van het arrest van de Hoge Raad van 27 februari 2001 (ECLI:NL:HR:2001:AB0259) en nadien gewezen arresten, recentelijk op 7 oktober 2014 (ECLI:NL:HR:2014:2915). De artikelen 449-452 van het Wetboek van Strafvordering regelen de wijze waarop rechtsmiddelen dienen te worden aangewend. Uit deze bepalingen moet worden afgeleid dat een verdachte te wiens laste een rechterlijke beslissing is gewezen waarin hij op andere wijze dan bij name is aangeduid, geen rechtsmiddel tegen een einduitspraak kan aanwenden, anders dan onder bekendmaking van zijn persoonsgegevens. </para>
      <para>Blijkens de aan de akte instellen hoger beroep van [geboortedag] 2015 gehechte volmacht tot instellen van hoger beroep van [geboortedag] 2015 heeft de raadsman namens de verdachte onder meer kenbaar gemaakt dat hij door de verdachte, geregistreerd onder kenmerk AD20001 M 150826 1805, gevolmachtigd was om namens hem  hoger beroep in te (laten) stellen tegen het vonnis van 28 augustus 2015 van de politierechter in de rechtbank Amsterdam in de strafzaak met parketnummer 13-702718-15. De raadsman heeft in voormelde volmacht niet (tevens) de door de verdachte bij de politie en ter terechtzitting van de politierechter inmiddels opgegeven personalia opgenomen, te weten [verdachte], geboren te [geboorteplaats] (Suriname) op [geboortedag] 1974, zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande. De bij die gelegenheid verstrekte gegevens oordeelt het hof als doorslaggevend bij de beoordeling van de ontvankelijkheid in hoger beroep. Ten overvloede merkt het hof op dat de geboortedatum van </para>
      <para>NN AD20001 M 150826 1805, te weten 1 januari 1950, welke in de akte instellen hoger beroep is opgenomen, niet overeenkomt met de door de verdachte ter voornoemde terechtzitting opgegeven geboortedatum, te weten [geboortedag] 1974. Het hof is derhalve van oordeel dat de verdachte, nu hij dan wel zijn raadsman heeft nagelaten (tevens naast de N.N. duiding) de echte persoonsgegevens bekend te maken, en in plaats daarvan een valse geboortedatum, geen rechtsmiddel tegen voormeld vonnis kan aanwenden, zodat hij niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in het namens hem ingestelde hoger beroep. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M.L. Leenaers, mr. J.D.L. Nuis en mr. P.C. Römer, in tegenwoordigheid van mr. D. Zeiss, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 15 april 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Mr. P.C. Römer is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>