<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2015:2104</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T18:23:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-06-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-05-29</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.137.535/01 OK</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_ondernemingsrecht">Civiel recht; Ondernemingsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0003045&amp;artikel=353&amp;g=2015-06-04">Burgerlijk Wetboek Boek 2 353</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JONDR 2014/784</rdf:li>
          <rdf:li>AR 2015/1101</rdf:li>
          <rdf:li>ARO 2015/143</rdf:li>
          <rdf:li>ARO 2015/144</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2015:2104">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2015:2104</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-07-15T14:46:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-07-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2015:2104 Gerechtshof Amsterdam , 29-05-2015 / 200.137.535/01 OK</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2015:2104:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>OK; Enquêterecht; verzoek om onderzoeksverslag voor een ieder ter inzage te leggen afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2015:2104:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschikking</para>
      <para>___________________________________________________________________ </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">ONDERNEMINGSKAMER</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 200.137.535/01 OK</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beschikking van de Ondernemingskamer van 29 mei  2015</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [verzoeker]
        <emphasis role="bold"> BARANOV</emphasis>,</para>
      <para>wonende te [....],</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERZOEKER</emphasis>,</para>
      <para>advocaten: <emphasis role="bold">mrs. F.M. Peters </emphasis>en<emphasis role="bold"> M.D. Hazenberg</emphasis>, kantoorhoudende te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>t e g e n</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <para>
      <emphasis role="bold">LEADERLAND TTM B.V.</emphasis>,</para>
    <para>2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <para>
      <emphasis role="bold">LEADERLAND TTM I B.V.</emphasis>,</para>
    <para>3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <para>
      <emphasis role="bold">LEADERLAND TTM II B.V.</emphasis>,</para>
    <para>4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">LEADERLAND TTM III B.V.</emphasis>,</para>
      <para>allen gevestigd te Hilversum,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERWEERSTERS</emphasis>,</para>
      <para>advocaten: voorheen <emphasis role="bold">mrs. E.M. Soerjatin </emphasis>en<emphasis role="bold"> M.C. Leijten</emphasis>, kantoorhoudende te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>e n    t e g e n </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1 </nr>
      [belanghebbende sub 1],</title>
    <parablock>
      <para>wonend te [....],</para>
      <para>2. <emphasis role="bold">[belanghebbende sub 2]</emphasis>, </para>
      <para>wonende te [....],</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">BELANGHEBBENDEN,</emphasis>
      </para>
      <para>advocaten: <emphasis role="bold">mrs. I.S. Oosterhoff, R.J.T. Kamstra </emphasis>en <emphasis role="bold">C.J. Jager, </emphasis>allen kantoorhoudende te Amsterdam, </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3 </nr>
      [belanghebbende sub 3],</title>
    <parablock>
      <para>wonende te [....],</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">BELANGHEBBENDE</emphasis>,</para>
      <para>advocaten: <emphasis role="bold">mrs. J.A. Meijer </emphasis>en<emphasis role="bold"> K. ter Hart</emphasis>, kantoorhoudende  te Den Haag.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van het geding</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Partijen en andere personen zullen hierna als volgt worden aangeduid:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>verzoeker als [verzoeker];</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>verweersters 1 tot en met 4 ieder afzonderlijk als respectievelijk Leaderland TTM, Leaderland I, Leaderland II en Leaderland III en gezamenlijk als Leaderland c.s.; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>belanghebbende 1 als [belanghebbende sub 1] ;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>belanghebbende 2 als [belanghebbende sub 2];</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>belanghebbende 3 als [belanghebbende sub 3].</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Voor het eerdere verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen in deze zaak van 18 maart 2014, 11 juli 2014, 24 juli 2014, 5 december 2014, 15 december 2014, 3 februari 2015. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <parablock>
        <para>Bij haar beschikking van 18 maart 2014 heeft de Ondernemingskamer onder andere en voor zover thans van beang: </para>
        <para>- een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Leaderland c.s. over de periode vanaf 1 oktober 2012;</para>
        <para>- Mr. F.D. Stibbe te Amsterdam en drs. N. van der Noll te Oosthuizen benoemd tot onderzoekers.  </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4</nr>
      <para>Het verslag van het door mr. Stibbe en drs. Van der Noll verrichte onderzoek met bijlagen (hierna het onderzoeksverslag te noemen) is op 28 april 2015 ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegd. Bij de op die dag gegeven beschikking heeft de Ondernemingskamer onder andere bepaald dat het onderzoeksverslag ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5</nr>
      <para>Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie van de Ondernemingskamer op 29 april 2015, heeft [verzoeker] de voorzitter van de Ondernemingskamer verzocht om hem te machtigen het onderzoeksverslag, zonder bijlagen, in te brengen als productie in de procedure bij de rechtbank Midden Nederland (locatie Lelystad), met zaaknummer C/16/368244.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.6</nr>
      <para>Bij brief van dezelfde datum heeft de griffier van de Ondernemingskamer partijen in de gelegenheid gesteld diezelfde dag op het in 1.5 genoemde verzoek te reageren. Deze termijn is nadien verlengd tot 7 mei 2015.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.7</nr>
      <parablock>
        <para>Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie van de Ondernemingskamer op 4 mei 2015, heeft Baranov0 zijn verzoek van 29 april 2015 ingetrokken, een nieuw verzoek ingediend en – naar de Ondernemingskamer begrijpt (i) primair de Ondernemingskamer verzocht het onderzoeksverslag voor een ieder ter inzage te leggen en (ii) subsidiair de voorzitter van de Ondernemingskamer verzocht hem te machtigen het onderzoeksverslag, inclusief bijlagen, in te brengen en daaruit mededelingen te mogen doen in de volgende procedures: </para>
        <para>- een procedure in Rusland (hof St. Petersburg); </para>
        <para>- procedures tussen Peter Inc. en [verzoeker] in België en in Nederland;</para>
        <para>- een bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure bij de rechtbank Amsterdam tussen Leaderland TTM B.V. en [verzoeker]. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.8</nr>
      <para>Bij brief van 6 mei 2015 van mr. Meijer heeft  [belanghebbende sub 3] – voor zover hier relevant – zich op het standpunt gesteld dat aan hem een redelijke termijn moet worden gesteld om op het verzoek van [verzoeker] van 4 mei 2015 te reageren.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.9</nr>
      <para>Bij brief van 7 mei 2015 heeft mr. Jager namens [belanghebbende sub 1] verzocht [verzoeker] in zijn verzoek strekkende tot het voor een ieder ter inzage te leggen van het onderzoeksverslag niet ontvankelijk te verklaren, althans de verzoeken af te wijzen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.10</nr>
      <para>Bij brief van 7 mei 2015 heeft mr. Kamstra de Ondernemingskamer bericht dat [belanghebbende sub 2] de standpunten en argumenten van [belanghebbende sub 1] in de brief van 7 mei 2015 van mr. Jager onderschrijft.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De gronden van de beslissing</title>
    <para>Omdat [verzoeker] zijn verzoek om het onderzoeksverslag voor een ieder ter inzage te leggen niet nader heeft toegelicht en de Ondernemingskamer geen aanleiding ziet om terug te komen van de eerdere beslissing in de beschikking van 28 april 2015 tot ter inzagelegging van het onderzoeksverslag voor belanghebbenden, zal de Ondernemingskamer het primaire verzoek afwijzen en het vervolgens ter behandeling van en beslissing op het subsidiaire verzoek in handen van de voorzitter van de Ondernemingskamer stellen.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Ondernemingskamer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het verzoek af;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt het verzoek ter behandeling van en beslissing op het subsidiaire verzoek in handen van de voorzitter van de Ondernemingskamer; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar en mr. M.M.M. Tillema, raadsheren, en, drs. P.R. Baart en H. de Munnik, raden, in tegenwoordigheid van mr. B.E. Meerdink-Schenau, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 29 mei  2015</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>