<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2015:1506</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-16T10:02:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-04-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-04-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.081.785-01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2015:1506">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2015:1506</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-07-14T12:11:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-07-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2015:1506 Gerechtshof Amsterdam , 21-04-2015 / 200.081.785-01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2015:1506:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vervolg van tussenarrest 17 juni 2014. Nadere vragen aan de deskundige.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2015:1506:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling civiel recht en belastingrecht, team II</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer 			: 200.081.785/01</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer rechtbank Alkmaar	: 57724/ HA ZA 02-92</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 21 april 2015</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [APPELLANT],</para>
      <para>wonend te [woonplaats],</para>
      <para>appellant,</para>
      <para>advocaat: mr. P. Ingwersen te Haarlem,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [GEÏNTIMEERDE],</para>
      <para>wonend te [woonplaats],</para>
      <para>geïntimeerde,</para>
      <para>advocaat: mr. T. Teke te Amsterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het verdere procesverloop<?linebreak?></title>
    <parablock>
      <para>In het tussenarrest van 17 juni 2014 heeft het hof een deskundigenbericht gelast.</para>
      <para>
        <?linebreak?>De door het hof benoemde deskundige D. Hamburger heeft op 1 september 2014 zijn rapport, gedateerd op 30 augustus 2014, aan het hof doen toekomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vervolgens heeft [geïntimeerde] een memorie na deskundigenbericht, met producties, genomen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hierna heeft [appellant] een memorie na deskundigenbericht genomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tenslotte hebben partijen wederom arrest gevraagd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Het hof heeft de deskundige de volgende vragen voorgelegd:</para>
      <para>1. Wat is, gelet op de werkzaamheden die West Friese Jachtbouw feitelijk 		heeft uitgevoerd aan en ten behoeve van het jacht 'Akka', een redelijke 		prijs voor die werkzaamheden?</para>
      <para>Wilt u daarbij buiten beschouwing laten werkzaamheden die moeten worden aangemerkt als herstel van eerdere fouten door West Friese Jachtbouw.</para>
      <para>2. Heeft u verder nog opmerkingen die voor deze zaak van belang zijn?</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <parablock>
        <para>De deskundige heeft in zijn rapportage onder meer het volgende vermeld.</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">"(...)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Op 25 juni 2014 heeft appellant aan mij persoonlijk het procesdossier (2 ordners) en een ordner met urenstaten en inkoopverantwoording, met een korte toelichting daarop overhandigt. (...)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Op 6 augustus 2014 ontvang ik van de heer Gensch een mail met opmerkingen ten aanzien van het onderzoek (bijlage II). (...)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Op 14 augustus 2014 heeft appellant mij nog een map met gedetailleerde urenstaten persoonlijk overhandigd, vergezeld van een toelichting.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">(...)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het werk is onder te verdelen in:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>a. <emphasis role="italic">a) metaalwerk</emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="italic">b) monteurswerk</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">c) schilderwerk</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">d) timmerwerk</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">e) diversen.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">Wij zijn uitgekomen op de volgende totalen uren voor deze verschillende groepen:</emphasis>
      </para>
      <para>a. <emphasis role="italic">a) 1250 uur</emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="italic">b) 635 uur</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">c) 735 uur</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">d) 1086 uur</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">e) 156 uur</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Totaal: 3862 uur</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De gehanteerde prijs van Hfl. 75,-- per uur achten wij als redelijk voor de tijd waarin de werkzaamheden zijn uitgevoerd en valt binnen marges wat voor deze tijd gebruikelijk was. Als gevolg hiervan kan in totaal arbeid gerekend worden: 3862 uur x Hfl 75,-- = Hfl. 289.650,--.</emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">Er is een gedetailleerde opgave van inkoopkosten overhandigd door appellant.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wij menen dat de inkopen inclusief 10% marge gewaardeerd kunnen worden op </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Hfl. 110.000,--.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De conclusie is dat deskundige en adviseur de totale prijs van Hfl. 399.650,00 als redelijk achten voor de werkzaamheden die feitelijk door de West Friese Jachtbouw zijn uitgevoerd.</emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">Er is door geïntimeerde reeds betaald. DM 130.000,00 zijnde Hfl. 145.600,00.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Er is dan onbetaald gebleven Hfl. 254.050,00. excl. BTW."</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          [geïntimeerde] heeft in zijn memorie van deskundigenbericht het volgende aangevoerd.</para>
        <para>De deskundige heeft het beginsel van hoor en wederhoor geschonden door hem niet te informeren over de stukken die hij op 25 juni 2014 en 14 augustus 2014 in ontvangst heeft genomen van [appellant], en door hem niet te informeren over de korte toelichting die hij kennelijk op diezelfde data van [appellant] heeft gekregen.</para>
        <para>Voorts vermeldt de deskundige in zijn rapport niet het faxbericht van West Friese Jachtbouw van 29 november 1999 hoewel hij daarop uitdrukkelijk is gewezen bij de mail van de raadsman van [geïntimeerde], V. Genscher, van 6 augustus 2014. De deskundige had de fax van 29 november 1999, waarin verwachtingen zijn gewekt ten aanzien van de vermoedelijke prijs, bij zijn beoordeling moeten betrekken. Dat hij dat had moeten doen, volgt ook uit art 7:752 BW. Door dit na te laten heeft de deskundige niet juist gehandeld. Ook heeft de deskundige verzuimd iets te zeggen over de door West Friese Jachtbouw gewoonlijk bedongen prijzen. Dit klemt te meer omdat West Friese Jachtbouw destijds een uurprijs van Hfl. 70 hanteerde voor woodwork. De deskundige had daarvan uit moeten gaan of daarvan gemotiveerd moeten afwijken.</para>
        <para>Bovendien, zo stelt [geïntimeerde], heeft de deskundige geen rekening gehouden met het tweede deel van de vraagstelling, namelijk dat buiten beschouwing moeten worden gelaten werkzaamheden die moeten worden uitgevoerd als herstel van eerdere fouten door West Friese Jachtbouw. [geïntimeerde] geeft in zijn memorie vervolgens een opsomming van laatstbedoelde werkzaamheden. </para>
        <para>Volgens [geïntimeerde] is het deskundigenbericht niet bruikbaar en moet een andere deskundige worden benoemd.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          [appellant] stelt in zijn memorie na deskundigenbericht het volgende.</para>
        <para>Hij is bezorgd dat de deskundige de verwijzing naar art. 7:752 BW, zoals opgenomen in de e-mail van Genscher van 6 augustus 2014, heeft meegewogen in zijn oordeel, met name nu de deskundige in zijn rapport schrijft: 'Met dit verzoek is rekening gehouden.' [appellant] is het hiermee niet eens.<?linebreak?>Voorts stelt [appellant] dat de deskundige met een aantal uren komt dat grofweg 30% lager ligt dan vermeld is in de urenregistratie, maar zonder dit te onderbouwen. [appellant] acht een correctie van 30% ridicuul. Verder heeft de deskundige ook de verantwoorde inkopen met een fors bedrag verminderd. [appellant] heeft de deskundige telefonisch gevraagd hoe hij daartoe gekomen is. De deskundige heeft daarop geantwoord, zo begrijpt het hof, dat deze bijstelling op inkopen in de lijn lag, nu ook de uren naar beneden zijn bijgesteld. Deze redenering is volgens [appellant] onzin.</para>
        <para>Ondanks dat [appellant] het op genoemde punten niet eens is met de deskundige, wil hij graag dat er een einde komt aan de procedure.  Hij wil daarom het rapport niet verwerpen, maar wenst wel dat het hof de toegepaste korting met maximaal 15% bijstelt.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <parablock>
        <para>Het hof overweegt het volgende.<?linebreak?>In de eerste plaats is door [geïntimeerde] geklaagd over het niet in acht nemen van het beginsel van hoor en wederhoor door de deskundige, doordat de deskundige van [appellant] stukken of informatie heeft aangenomen, zonder hem, [geïntimeerde], daarvan in kennis te stellen.</para>
        <para>Het hof acht dit een serieuze tekortkoming, omdat het van essentieel belang is dat beide partijen bekend zijn met de informatie op grond waarvan de deskundige zijn rapportage uitbrengt en dat beiden de gelegenheid krijgen zich daarover uit te laten. </para>
        <para>Overigens ligt het ook op de weg van partijen om jegens hun wederpartij volledig transparant te zijn met betrekking tot de informatie die zij aan de deskundige verstrekken. Het hof merkt hierbij nog op dat voor zover [appellant] meent dat het verzoek aan de deskundige om nadere stukken te verstrekken (aangeduid onder C, p. 6 deskundigenbericht) eerst aan het hof is voorgelegd en dat het hof die verzoeken 'klaarblijkelijk als redelijk [heeft] beoordeeld', dit een onjuiste veronderstelling is. Het hof heeft geen verzoeken gekregen of beoordeeld over het verstrekken door partijen van nadere stukken aan de deskundige. Dit was ook niet de bedoeling, zoals volgt uit het feit dat de deskundige is opgedragen zijn onderzoek zelfstandig, dat wil zeggen niet onder leiding van het hof, te verrichten.</para>
        <para>Voorts constateert het hof dat het deskundigenrapport zeer summier is gemotiveerd. Met name is uit het rapport niet af te leiden welke uren door de deskundige buiten beschouwing zijn gebleven, omdat die werkzaamheden betroffen die moeten worden aangemerkt als herstel van eerdere fouten door West Friese Jachtwerf. Het deskundigenrapport is daardoor niet inzichtelijk en controleerbaar gemotiveerd. Het hof begrijpt uit de stellingname van [geïntimeerde] dat hij er vanuit gaat dat álle werkzaamheden door de deskundige zijn meegenomen; uit de stellingname van [appellant] volgt dat hij er vanuit gaat dat op de feitelijk gewerkte uren 30% in mindering is gebracht.</para>
        <para>Ten slotte overweegt het hof dat onvoldoende duidelijk is of de deskundige bij zijn beoordeling heeft betrokken het faxbericht van West Friese Jachtwerf van 29 november 1999, dat door [geïntimeerde] nogmaals bij de deskundige onder de aandacht is gebracht. Zulks blijkt niet uit de inhoud van het deskundigenbericht, maar anderzijds heeft de deskundige op het verzoek van [geïntimeerde] wel geschreven: 'Met dit verzoek is rekening gehouden.'</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Voor zover [geïntimeerde] bepleit dat een ander uitgangspunt had moeten worden genomen dan het bepalen van een redelijke prijs voor de werkzaamheden die aan en ten behoeve van de ‘Akka’, gaat het hof daaraan voorbij. Partijen hebben eerder ingestemd met de vraagstelling die aan de deskundige is voorgelegd en het hof acht het in strijd met de goede procesorde om daarvan thans terug te komen. Met betrekking tot de betekenis van het faxbericht van 29 november 1999 verwijst het hof naar hetgeen daarover is overwogen en beslist in eerdere tussenarresten. Het hof ziet geen aanleiding daarvan thans terug te komen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6</nr>
      <parablock>
        <para>De situatie is thans dat het hof zich geconfronteerd ziet met een deskundigenbericht waaraan zodanige gebreken kleven - zowel wat betreft het nalaten van hoor en wederhoor als wat betreft de motivering van het oordeel van de deskundige - dat dit bericht thans niet aan een eindoordeel van het hof ten grondslag kan worden gelegd. Een mogelijkheid is een nieuw deskundigenbericht in te winnen, maar gelet op de daarmee gemoeide kosten voor partijen zal het hof dat niet doen.<?linebreak?>In plaats daarvan zal het hof de door partijen opgeworpen vraagpunten aan de deskundige voorleggen.</para>
        <para>Dat leidt dan tot de volgende vragen:</para>
      </parablock>
      <para>a.	Wilt u alsnog de door [appellant] verstrekte urenstaten en inkoopverantwoording </para>
      <para>aan [geïntimeerde] ter hand stellen en hem in de gelegenheid stellen daarop te reageren?</para>
      <para>b. 	Wilt u aangeven of u in de reactie van [geïntimeerde], zoals hierboven onder 2.2 weergegeven, aanleiding ziet voor aanpassing van uw rapport?</para>
      <para>c. 	Hoe bent u tot het oordeel gekomen dat – naar het hof begrijpt – een aftrek van 30% in de urenregistratie dient plaats te vinden? Wilt u nader motiveren in welke mate sprake is geweest van herstel van eerdere fouten door West Friese Jachtwerf?</para>
      <para>d. 	Op welke grond bent u tot het oordeel gekomen dat – naar het hof begrijpt – eveneens op de inkoop een correctie van 30% dient plaats te vinden?</para>
      <para>e. 	Als het juist is dat West Friese Jachtwerf destijds een uurprijs van Hfl. 70,-- per uur rekende voor woodwork, op welke grond bent u dan van die uurprijs afgeweken en hebt u gerekend met een uurprijs van Hfl. 75,-- per uur? </para>
      <para>f. 	Heeft u verder nog opmerkingen die voor deze zaak van belang zijn?</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7</nr>
      <para>Het hof zal dit arrest na uitspraak toezenden aan de deskundige, D. Hamburger. Hij zal worden verzocht op de genoemde vragen antwoord te geven in een rechtstreeks aan het hof te richten schrijven. Voor zover de deskundige nadere informatie van een partij nodig heeft, moet hij steeds nauwkeurig bewaken dat ook de andere partij weet welke informatie hij krijgt aangeleverd en de gelegenheid krijgt zich daarover uit te laten.<?linebreak?>Een concept-beantwoording van de vragen dient de deskundige voor te leggen aan partijen. Zij hebben dan de gelegenheid daarop te reageren. Daarna dient de deskundige de definitieve beantwoording van de vragen aan het hof te zenden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8</nr>
      <para>Het hof gaat ervan uit dat de deskundige twee maanden na arrest de vragen definitief kan beantwoorden. Na het uitbrengen van het nadere rapport zullen partijen de gelegenheid krijgen een memorie na aanvullend deskundigenbericht te nemen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9</nr>
      <para>Het hof zal iedere nadere beslissing aanhouden.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat beide partijen vóór 12 mei 2015 kopieën van de gedingstukken die dateren van na het tussenarrest van 17 juni 2014 (alsmede de eerdere stukken voor zover de deskundige daarover niet meer de beschikking heeft) aan de deskundige zullen doen toekomen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat de deskundige een schriftelijk, ondertekend nader bericht (beantwoording van de nadere vragen van het hof) zal inleveren ter griffie van het hof vóór </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">14 juli 2015</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verwijst de zaak naar de rol van 14 juli 2015 voor deskundigenbericht;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mrs. R.H. de Bock, C.C. Meijer en R.H.C. van Harmelen en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 21 april 2015.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>