<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHAMS:2014:2428</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-21T11:00:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-06-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-06-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.144.078-01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2014:2428">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2014:2428</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-09-27T12:51:45</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-10-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHAMS:2014:2428 Gerechtshof Amsterdam , 10-06-2014 / 200.144.078-01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHAMS:2014:2428:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Vervolg van tussenarrest 3 feb 2015.</para>
        <para>Bewijs deels geleverd. Nadere bewijsopdracht aangaande omvang van één schadepost.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHAMS:2014:2428:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling civiel recht en belastingrecht, team II</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer 					: 200.144.078/01</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaak- en rolnummer rechtbank Noord-Holland	: C/15/185515/HA ZA 11-1001</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 10 juni 2014</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">HAVENMEESTER VIS BEHEER B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Overveen, gemeente Bloemendaal,</para>
    </parablock>
    <para>2. <emphasis role="bold">[appellant]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,</para>
      <para>appellanten in de hoofdzaak, </para>
      <para>eisers in het incident,</para>
      <para>advocaat: mr. M.P. Wolf te Breda,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [A] ,</title>
    <parablock>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>2. <emphasis role="bold">[geïntimeerde]</emphasis>,</para>
      <para>wonend te [woonplaats] ,</para>
      <para>geïntimeerde in de hoofdzaak,</para>
      <para>verweerders in het incident,</para>
      <para>advocaat: mr. M.R. Dill te Dordrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Appellanten worden hierna gezamenlijk Havenmeester Vis Beheer c.s. genoemd en geïntimeerden [geïntimeerden]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Havenmeester Vis Beheer c.s. zijn bij dagvaarding van 17 februari 2014 in hoger beroep gekomen van een vonnis van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem, van 18 december 2013, gewezen tussen [geïntimeerden] als eisers in conventie, tevens verweerders in reconventie en Havenmeester Vis Beheer c.s. als gedaagden in conventie tevens eisers in reconventie.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Havenmeester Vis Beheer c.s. hebben daarna een memorie grieven met producties ingediend. Zij hebben geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en alsnog - uitvoerbaar bij voorraad - de vorderingen van [geïntimeerden] zal afwijzen, met veroordeling van [geïntimeerden] in de proceskosten van beide instanties. Zij hebben bewijs van hun stellingen aangeboden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Havenmeester Vis Beheer c.s. hebben daarbij tevens op de voet van artikel 222 Rv jo. artikel 353 lid 1 Rv voeging gevorderd van de onderhavige zaak met de bij dit hof aanhangige zaak met zaaknummer 200.143.745/01, met veroordeling van [geïntimeerden] in de proceskosten van het door hen - volgens Havenmeester Vis Beheer c.s. -  nodeloos aanhangig gemaakte appel met voornoemd zaaknummer. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [geïntimeerden] hebben daarop geantwoord en zich gerefereerd aan het oordeel van het hof.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vervolgens is arrest gevraagd in het incident.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in het incident tot voeging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Havenmeester Vis Beheer c.s. hebben voeging gevorderd op de grond dat de beide zaken verknocht zijn. [geïntimeerden] zijn eveneens van oordeel dat de zaken verknocht zijn. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Uit hetgeen Havenmeester Vis Beheer c.s. hebben aangevoerd volgt dat aan de eisen van artikel 222 lid 1 Rv wordt voldaan. De zaken zullen derhalve worden gevoegd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>De beslissing over de kosten zal worden aangehouden. De hoofdzaak zal naar de rol worden verwezen voor memorie van antwoord door [geïntimeerden] </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in het incident tot voeging:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>voegt de onderhavige zaak met de zaak met zaaknummer 200.143.745/01;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt de beslissing over de proceskosten aan tot het eindarrest in de hoofdzaak;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in de hoofdzaak</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verwijst de zaak naar de rol van 22 juli 2014 voor het nemen van een memorie van antwoord door [geïntimeerden] ;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mrs. J.W. Hoekzema, W.J. van den Bergh en J.C. Toorman en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 10 juni 2014.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>