<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2024:2455</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-01-09T10:08:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-01-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-12-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">24/862 WIA-PV</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#procesverbaal">Proces-verbaal</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2024:2455">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2024:2455</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-01-09T10:00:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-01-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2024:2455 Centrale Raad van Beroep , 11-12-2024 / 24/862 WIA-PV</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2024:2455:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Weigering toekenning uitkering op grond van de Wet WIA omdat appellant de wachttijd van 104 weken niet heeft volgemaakt. Partijen zijn het hierover eens. Het door het Uwv opgestelde advies indicatie beschut werk, waar appellant het niet mee eens is,  ligt niet aan het bestreden besluit ten grondslag en maakt dan ook geen onderdeel uit van deze procedure.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2024:2455:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>
      <nr>24</nr>862 WIA-PV</title>
    <parablock>
      <para>Centrale Raad van Beroep</para>
      <para>Enkelvoudige kamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 4 maart 2024, 22/8305 (aangevallen uitspraak)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [appellant] te [woonplaats] (appellant)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 11 december 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zitting heeft: J.P. Loof, lid van de enkelvoudige kamer</para>
      <para>Griffier: C.M. Snellenberg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 11 december 2024. Appellant is ter zitting verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. M.C. Puister. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant tegen de beslissing op bezwaar van 22 november 2022 (bestreden besluit) ongegrond verklaard. Bij dat besluit heeft het Uwv het bezwaar tegen de beslissing van 21 juli 2022, waarbij appellant een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) is geweigerd, ongegrond verklaard. Op 14 juli 2022 heeft het Uwv een Advies indicatie beschut werk opgesteld (het adviesrapport) waarin wordt geconcludeerd dat appellant niet is aangewezen op intensieve begeleiding of permanent toezicht om te kunnen werken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank wordt gevolgd in het oordeel dat het Uwv terecht heeft geweigerd appellant een WIA-uitkering toe te kennen omdat hij de wachttijd van 104 weken niet heeft volgemaakt. Appellant erkent dat hij de wachttijd van 104 weken niet heeft volgemaakt. Appellant is het niet eens met het door het Uwv uitgebrachte adviesrapport. Omdat dit adviesrapport niet aan het bestreden besluit ten grondslag ligt, maakt het geen onderdeel uit van deze procedure en kan de Raad hierover in deze procedure ook geen oordeel geven. Zoals ter zitting aan appellant uitgelegd en ook in de uitspraak van de rechtbank is vermeld, beslist niet het Uwv over het toekennen van een indicatie voor beschut werk, maar het college van burgemeester en wethouders (college) van de gemeente Gouda, waar appellant woont. Het Uwv brengt hierover alleen advies uit aan het college.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hoger beroep slaagt dus niet. De aangevallen uitspraak wordt daarom bevestigd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Geheel ten overvloede en alleen ter voorlichting geeft de Raad appellant in overweging zich te melden bij de gemeente Gouda om te informeren op welke manieren hij kan worden ondersteund bij het vinden van een voor hem geschikte werkplek.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Waarvan proces-verbaal.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier	Het lid van de enkelvoudige kamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(getekend) C.M. Snellenberg	(getekend) J.P. Loof </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor eensluidend afschrift</para>
      <para>de griffier van de</para>
      <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>