<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2024:1949</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-24T11:38:58</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-10-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">23/3418 WAJONG</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#herziening">Herziening</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2024:1949">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2024:1949</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-22T17:16:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2024:1949 Centrale Raad van Beroep , 10-10-2024 / 23/3418 WAJONG</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2024:1949:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoek herziening afgewezen. Er zijn geen nieuwe feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 8:119 lid 1 Awb. Gelet op e-mailwisselingen tussen verzoeker en toenmalige gemachtigde is er destijds bewust voor gekozen om medische informatie niet in de procedure bij de Raad in te brengen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2024:1949:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>23/3418 WAJONG</para>
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Uitspraak op het verzoek om herziening van de uitspraak van de Raad van 26 oktober 2023, 22/2031</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Partijen:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      [verzoeker] te Turkije (verzoeker)</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Datum uitspraak: 10 oktober 2024 </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">PROCESVERLOOP</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Namens verzoeker heeft [gemachtigde] verzocht om herziening van de uitspraak van de Raad van 26 oktober 2023 (ECLI:NL:CRVB:2023:1980).</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Het Uwv heeft op het verzoek een reactie gegeven.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>De zaak is verwezen naar een enkelvoudige kamer. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Onder toepassing van artikel 8:57, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is een (nader) onderzoek ter zitting achterwege gebleven, waarna de Raad het onderzoek met toepassing van artikel 8:57, derde lid, van de Awb heeft gesloten.</para>
  </parablock>
  <bridgehead>
    <?linebreak?>OVERWEGINGEN</bridgehead>
  <section>
    <title>Inleiding </title>
    <para>1. Voor de van belang zijnde feiten en omstandigheden wordt verwezen naar de hiervoor vermelde uitspraak van 26 oktober 2023 (ECLI:NL:CRVB:2023:1980).</para>
    <para>2. Bij de uitspraak waarvan herziening wordt verzocht, was in geschil of het Uwv zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat verzoeker vanaf 1 januari 2017 in Turkije is gaan wonen. Vervolgens was de vraag aan de orde of het Uwv, vanaf het moment waarop verzoeker buiten Nederland is gaan wonen, terecht zijn Wajong-uitkering en toeslag heeft ingetrokken en in redelijkheid heeft kunnen weigeren om de hardheidsclausule uit artikel 3:19 van de Wajong toe te passen. De Raad heeft (kort gezegd) geoordeeld dat het Uwv terecht heeft aangenomen dat verzoeker in ieder geval vanaf 1 januari 2017 buiten Nederland woont en het Uwv in redelijkheid heeft kunnen weigeren om toepassing te geven aan de hardheidsclausule. Appellant heeft vanaf die datum daarom geen recht meer op een Wajong-uitkering.</para>
    <para>3. Verzoeker heeft in zijn verzoekschrift naar voren gebracht dat zijn vorige gemachtigde medische informatie van het UMCG niet heeft overgelegd in hoger beroep, terwijl verzoeker in de veronderstelling verkeerde dat dit wel het geval was. Uit deze informatie volgt dat hij al sinds zijn kinderjaren ernstig ziek is.</para>
  </section>
  <section>
    <title>Het oordeel van de Raad</title>
    <para>4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.</para>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Op grond van artikel 8:119, eerste lid, van de Awb kan de Raad op verzoek van een partij een onherroepelijk geworden uitspraak herzien op grond van feiten en omstandigheden die:<?linebreak?>a. hebben plaatsgevonden vóór de uitspraak,<?linebreak?>b. bij de indiener van het verzoekschrift vóór de uitspraak niet bekend waren en redelijkerwijs niet bekend konden zijn, en<?linebreak?>c. waren zij bij de bestuursrechter eerder bekend geweest, tot een andere uitspraak zouden hebben kunnen leiden.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Met wat verzoeker tegen de uitspraak van de Raad van 26 oktober 2023 heeft aangevoerd wordt in essentie beoogt de juistheid van die uitspraak te betwisten. Volgens vaste rechtspraak<footnote-ref linkend="_6d4a99aa-735b-4405-b483-2f28009305a6" /> is het (bijzondere) rechtsmiddel van herziening niet bedoeld om, anders dan op grond van enig nieuw feit of enige nieuwe omstandigheid als hiervoor bedoeld, een hernieuwde discussie te voeren over de betrokken zaak. Wat verzoeker in het verzoek om herziening heeft aangevoerd, zijn geen feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 8:119, eerste lid, van de Awb, nu verzoeker dit ook naar voren had kunnen brengen in de procedure die heeft geleid tot de uitspraak waarvan herziening is verzocht. Verzoeker beschikte al tijdens de procedure bij de Raad over de medische informatie van het UMCG, die hij nu aan zijn verzoek ten grondslag heeft gelegd. Gelet op de e-mailwisseling tussen verzoeker en zijn toenmalige gemachtigde is er destijds bewust voor gekozen die medische informatie niet in de procedure bij de Raad in te brengen. Het gaat hier dus om feiten en omstandigheden die hebben plaatsgevonden vóór de uitspraak waarvan herziening is verzocht. Verzoeker was daarmee toentertijd bekend of had daarmee redelijkerwijs bekend kunnen zijn. De Raad laat dan nog daar de vraag of die medische gegevens, waren zij eerder bij de Raad bekend geweest, tot een andere uitspraak zouden hebben geleid.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <parablock>
        <para>Uit 4.2 volgt dat het verzoek om herziening moet worden afgewezen.</para>
        <para>5. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.<?linebreak?></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para>De Centrale Raad van Beroep wijst het verzoek om herziening af.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door E.J.J.M. Weyers, in tegenwoordigheid van S. Pouw als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 10 oktober 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>					(getekend) E.J.J.M. Weyers</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>					(getekend) S. Pouw</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_6d4a99aa-735b-4405-b483-2f28009305a6" label="1">
    <para> Zie bijvoorbeeld de uitspraken van 10 januari 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:77 en van 13 januari 2005, ECLI:NL:CRVB:2005:AS3516.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>