<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2020:1999</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-08-26T14:10:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-08-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-08-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/1922 WWAJ-R</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2020:1999">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2020:1999</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-08-26T14:07:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-08-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2020:1999 Centrale Raad van Beroep , 26-08-2020 / 16/1922 WWAJ-R</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2020:1999:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 26-8-2020, zie ECLI:NL:CRVB:2020:2000 voor de gerectificeerde tekst.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2020:1999:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>16/1922 WWAJ-R</para>
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 6 april 2020,16/1922 WWAJ</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [appellant] te [woonplaats] (appellant)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de Staat der Nederlanden (ministerie van Justitie en Veiligheid) (Staat) </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 26 augustus 2020</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>PROCESVERLOOP</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Raad heeft, na hier door het Uwv op te zijn gewezen, vastgesteld dat in rechtsoverweging 3.6 en de beslissing van de uitspraak van de Raad van 6 april 2020 onjuiste bedragen aan schadevergoeding staan vermeld. Het betreft de bedragen van € 800,- waartoe zowel het Uwv als de Staat zijn veroordeeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Raad heeft daarom aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over een rectificatie van de uitspraak. Dit is bij brief van 9 juli 2020 aan partijen meegedeeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens appellant heeft mr. J. Brouwer bij brief van 13 juli meegedeeld geen bezwaar te hebben tegen rectificatie van de uitspraak. De Staat heeft bij brief van 15 juli eveneens bericht geen bezwaar te hebben tegen rectificatie. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>OVERWEGINGEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Rechtsoverweging 3.6 wordt als volgt gewijzigd:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>“Voor de berekening van het bedrag aan schadevergoeding dat voor rekening komt van het Uwv onderscheidenlijk van de Staat wordt de methode gevolgd die uiteen is gezet in het arrest van de Hoge Raad van 19 februari 2016 (ECLI:NL:HR:2016:252). Het Uwv wordt veroordeeld tot vergoeding van immateriële schade aan appellant tot een bedrag van € 750,- (8/16 deel van € 1.500,-). De Staat wordt veroordeeld tot vergoeding van immateriële schade aan appellant tot een bedrag van € 750,- (8/16 deel van € 1.500,-).”</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De nieuwe beslissing gaat luiden:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>“BESLISSING</title>
    <para>
      <?linebreak?>De Centrale Raad van Beroep </para>
    <para>- vernietigt de aangevallen uitspraak;</para>
    <para>- verklaart het beroep gegrond en vernietigt het besluit van 25 mei 2015;</para>
    <para>- bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven;</para>
    <para>- veroordeelt het Uwv tot betaling aan appellant van een vergoeding van schade tot een bedrag van € 750,-;</para>
    <para>- veroordeelt de Staat der Nederlanden (minister van Justitie en Veiligheid) tot betaling aan appellant van een vergoeding van schade tot een bedrag van € 750,-;</para>
    <para>- veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 2.778,65;</para>
    <para>- veroordeelt de Staat der Nederlanden (minister van Justitie en Veiligheid) in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 131,25;</para>
    <para>- bepaalt dat het Uwv aan appellant het in beroep en hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal € 169,- vergoedt.”</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 6 april 2020 als in de overwegingen is weergegeven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door J.P.M. Zeijen, in tegenwoordigheid van J.A. Achterberg als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 26 augustus 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>					(getekend) J.P.M. Zeijen</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>					(getekend) J.A. Achterberg </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>