<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2018:81</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-01-15T12:46:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-01-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-01-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/7356 AWBZ</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2018:81">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2018:81</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-01-15T12:45:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-01-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2018:81 Centrale Raad van Beroep , 10-01-2018 / 16/7356 AWBZ</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2018:81:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak een juist oordeel gegeven over de aan de rechtbank voorgelegde beroepsgrond omtrent de weigering van CAK de proceskosten in bezwaar te vergoeden. De Raad heeft aan dit oordeel, noch aan de daaraan ten grondslag gelegde overwegingen iets toe te voegen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2018:81:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>16/7356 AWBZ </para>
  <para>Centrale Raad van Beroep</para>
  <para>Enkelvoudige kamer</para>
  <parablock>
    <para>Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland van </para>
    <para>18 oktober 2016, 15/4025 (aangevallen uitspraak)</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Partijen:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>de erfgenaam van [Appellant] te [woonplaats] (appellant)</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>CAK</title>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 10 januari 2018</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>PROCESVERLOOP</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Appellant, [A] , heeft hoger beroep ingesteld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>CAK heeft een verweerschrift ingediend. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 18 oktober 2017. Appellant is verschenen. CAK heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. T.N.F. van der Gaarden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>OVERWEGINGEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. De Raad gaat uit van de volgende feiten en omstandigheden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>CAK heeft bij besluit van 16 januari 2015 de eigen bijdrage voor zorg met verblijf (eigen bijdrage) voor [Appellant] per 1 januari 2015 vastgesteld op € 1.711,98 per kalendermaand. [Appellant] heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>CAK heeft dit bezwaar mede aangemerkt als verzoek om voorlopige aanpassing van de hoge eigen bijdrage voor het jaar 2015. Bij besluit van 6 mei 2015 heeft CAK dit verzoek toegewezen. Bij besluit van 29 mei 2015 heeft CAK de eigen bijdrage per 1 januari 2015 vastgesteld op € 776,54 per kalendermaand.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Op [datum van overlijden] 2015 is [Appellant] overleden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>Bij besluit van 28 juli 2015 (bestreden besluit) heeft CAK geoordeeld dat het bezwaar zich niet richt tegen het besluit van 29 mei 2015 en het bezwaar tegen het besluit van <?linebreak?>16 januari 2015 niet-ontvankelijk verklaard. Het bestreden besluit berust op het standpunt dat niet tijdig bezwaar is gemaakt en dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is. CAK heeft het verzoek om vergoeding van de proceskosten afgewezen, omdat het besluit van <?linebreak?>16 januari 2015 niet onrechtmatig was. </para>
      <para />
      <para>2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. Daartoe heeft zij, samengevat, overwogen dat CAK het verzoek om vergoeding van de proceskosten in bezwaar terecht heeft afgewezen. </para>
      <para />
      <para>3. Appellant heeft zich in hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak gekeerd. Daartoe heeft hij aangevoerd dat zijn belang bij deze procedure is gelegen in het verkrijgen van een vergoeding van de kosten van bezwaar en in de juiste toepassing van de ontvankelijkheidsregels die bij de bezwaarprocedure horen. De rechtbank is ten onrechte niet ingegaan op de beroepsgrond dat onduidelijk is of de bezwaartermijn is overschreden en dat, indien dit wel het geval is, deze termijnoverschrijding verschoonbaar is. CAK had naar aanleiding van het bezwaar tegen het besluit van 16 januari 2015 een ‘gewoon’ besluit op bezwaar moeten nemen, waarin het bezwaar gegrond werd verklaard, het primaire besluit werd herroepen, een nieuw primair besluit werd genomen en de proceskosten in bezwaar werden vergoed. Verder heeft de rechtbank ten onrechte geoordeeld dat het besluit van <?linebreak?>16 januari 2015 rechtmatig was. Dit besluit is onvoldoende zorgvuldig voorbereid, nu CAK hierbij geen rekening heeft gehouden met de op dat moment reeds aanwezige fiscale gegevens over het jaar 2014. De rechtbank heeft het beroep op een zorgvuldige belangenafweging ten onrechte geplaatst in de sleutel van de beoordelingsruimte bij het bestuursorgaan, terwijl een algemene belangenafweging in de zin van artikel 3:4 van de Algemene wet bestuursrecht was bedoeld. </para>
      <para />
      <para>4. De Raad komt tot de volgende beoordeling. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak een juist oordeel gegeven over de aan de rechtbank voorgelegde beroepsgrond omtrent de weigering van CAK de proceskosten in bezwaar te vergoeden. De Raad heeft aan dit oordeel, noch aan de daaraan ten grondslag gelegde overwegingen iets toe te voegen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Bij bespreking van de overige gronden van hoger beroep heeft appellant geen belang, nu het enige gevolg hiervan kan zijn dat appellant in een slechtere positie geraakt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Uit hetgeen onder 4.1 en 4.2 is overwogen volgt dat het hoger beroep niet slaagt. De aangevallen uitspraak zal worden bevestigd.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>5. Van voor vergoeding in aanmerking komende proceskosten is niet gebleken. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door J. Brand, in tegenwoordigheid van R.H. Budde als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 10 januari 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>					(getekend) J. Brand</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>					(getekend) R.H. Budde</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <bridgehead>SS</bridgehead>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>