<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2016:4224</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-11-08T12:19:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-11-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-11-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">14/4830 Wajong</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2016:4224">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2016:4224</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-11-08T12:15:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-11-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2016:4224 Centrale Raad van Beroep , 04-11-2016 / 14/4830 Wajong</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2016:4224:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bij nader besluit alsnog Wajong-uitkering toegekend. Gezien art. 2:39, lid 1, en art. 2:15 lid 2, Wajong kon appellantes recht niet eerder ontstaan dan zestien weken na haar aanvraag.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2016:4224:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>14/4830 Wajong,  16/6307 Wajong </para>
  <parablock>
    <para>Datum uitspraak: 4 november 2016</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para>Meervoudige kamer</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant van </para>
    <para>24 juli 2014, 13/5772 (aangevallen uitspraak)</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Partijen:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      [appellante] te [woonplaats] (appellante)</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>PROCESVERLOOP</para>
    <para>Namens appellante heeft mr. M.A.L. Timmermans, advocaat, hoger beroep ingesteld. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Op 12 oktober 2015 heeft onderzoek ter zitting van een enkelvoudige kamer plaatsgevonden. Appellante is daar verschenen, bijgestaan door mr. Timmermans. Namens het Uwv is </para>
    <para>M.J.H. Maas verschenen. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Na de zitting is het onderzoek heropend voor het instellen van een onderzoek door een deskundige. De deskundige, psychiater dr. O. de Klerk, heeft op 17 mei 2016 rapport uitgebracht.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>De enkelvoudige kamer heeft het geding verwezen naar een meervoudige kamer.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Voorafgaand aan de zitting van de meervoudige kamer heeft het Uwv nieuwe stukken ingezonden, waaronder een besluit van 22 september 2016.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Het geding is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 23 september 2016. Partijen zijn – met voorafgaand bericht – niet verschenen. </para>
  </parablock>
  <section role="overwegingen">
    <title>OVERWEGINGEN</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Appellante is geboren op [geboortedatum] 1989. Zij heeft op 15 april 2013 een aanvraag ingediend voor een uitkering op grond van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wet Wajong), zoals die wet toen luidde.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Bij besluit van 9 juli 2013 heeft het Uwv appellante een uitkering geweigerd. Appellantes bezwaar tegen dit besluit is bij besluit van 18 november 2013 (besluit 1) ongegrond verklaard.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Bij de aangevallen uitspraak is het beroep tegen besluit 1 ongegrond verklaard.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>Hangende het hoger beroep heeft het Uwv op 22 september 2016 een nieuwe beslissing op bezwaar genomen (besluit 2). Bij besluit 2 is aan appellante met ingang van 5 augustus 2013, zestien weken na de aanvraag van 15 april 2013, een uitkering op grond van de Wet Wajong toegekend naar de arbeidsongeschiktheidsklasse 80 tot 100%.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De Raad overweegt het volgende.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Nu niet kan worden vastgesteld of met besluit 2 geheel aan het beroep van appellante is tegemoetgekomen, moet dit besluit met toepassing van artikel 6:19 van de Algemene wet bestuursrecht bij de beoordeling worden betrokken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Nu het Uwv besluit 1 niet langer handhaaft, moet dit besluit worden vernietigd, evenals de aangevallen uitspraak, waarbij besluit 1 in stand is gelaten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <parablock>
        <para>Aan appellante is inkomensondersteuning toegekend. Op grond van artikel 2:39, eerste lid, van de Wet Wajong heeft de jonggehandicapte pas recht op inkomensondersteuning als recht op arbeidsondersteuning bestaat. Volgens artikel 2:15, tweede lid, kan het recht op arbeidsondersteuning eerst zestien weken na de aanvraag ontstaan. Gezien deze bepalingen kon appellantes recht niet eerder ontstaan dan zestien weken na haar aanvraag van </para>
        <para>15 april 2013, te weten op 5 augustus 2013.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Nu appellantes aanvraag van een uitkering op grond van de Wet Wajong voor het overige is gehonoreerd, moet het beroep voor zover dat wordt geacht te zijn gericht tegen besluit 2 ongegrond worden verklaard.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>3. Er is aanleiding het Uwv te veroordelen in de proceskosten van appellante in beroep en in hoger beroep. Deze kosten worden begroot op € 1.240,- aan kosten voor rechtsbijstand in eerste aanleg en € 992,- voor rechtsbijstand in hoger beroep, tezamen € 2.232,-.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Centrale Raad van Beroep </para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>vernietigt de aangevallen uitspraak;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart het beroep tegen het besluit van 18 november 2013 gegrond en vernietigt dat besluit;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart het beroep tegen het besluit van 22 september 2016 ongegrond;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat het Uwv aan appellante het in beroep en in hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal € 166,- vergoedt;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelt het Uwv in de kosten van appellante tot een bedrag van € 2.232,-</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door M.M. van der Kade als voorzitter en T.L. de Vries en </para>
      <para>M.A.H. van Dalen-van Bekkum als leden, in tegenwoordigheid van L.H.J. van Haarlem als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 4 november 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>	(getekend) M.M. van der Kade</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>	(getekend) L.H.J. van Haarlem</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <bridgehead>NK</bridgehead>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>