<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2013:BZ9171</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-06-23T10:02:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-06-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BZ9171</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2013-05-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11-5024 WWB </psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2013:BZ9171">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2013:BZ9171</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-06-22T17:11:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-05-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2013:BZ9171 Centrale Raad van Beroep , 01-05-2013 / 11-5024 WWB </dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2013:BZ9171:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Afwijzing verzoek om terug te komen van een besluit. Er is geen nieuw feit of veranderde omstandigheid.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2013:BZ9171:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>11/5024 WWB </para>
    <para />
    <para />
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para />
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
    <para />
    <para />
    <para>Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Breda van 8 juli 2011, 11/190 (aangevallen uitspraak)</para>
    <para />
    <para />
    <para>Partijen:</para>
    <para />
    <para>[A. te B.] (appellant)</para>
    <para />
    <para>het college van burgemeester en wethouders van Tilburg (college)</para>
    <para />
    <para>Datum uitspraak: 1 mei 2013</para>
    <para />
    <para />
    <para>PROCESVERLOOP</para>
    <para />
    <para>Namens appellant heeft mr. A.B.M. Pessers, advocaat, hoger beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>Het college heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>De zaak is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 19 maart 2013, waar partijen niet zijn verschenen.</para>
    <para />
    <para />
    <para>OVERWEGINGEN</para>
    <para />
    <para>1. De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.</para>
    <para />
    <para>1.1. Appellant ontvangt bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand (WWB). Bij besluit van 20 augustus 2009 heeft het college aan appellant een maatregel opgelegd, inhoudende een verlaging van de bijstand met 50% van de bijstandsnorm over de periode van 1 september 2009 tot en met 31 oktober 2009. Daaraan heeft het college ten grondslag gelegd dat appellant de op hem rustende arbeidsverplichtingen niet is nagekomen.</para>
    <para />
    <para>1.2. Bij brief van 23 september 2010 heeft appellant het college verzocht terug te komen van zijn besluit van 20 augustus 2009 en daarbij gewezen op de uitspraak van de politierechter van 17 september 2010 waarbij appellant is vrijgesproken van poging tot zware mishandeling en bedreiging van een ambtenaar. Met die vrijspraak is naar de mening van appellant de grondslag van het besluit van 20 augustus 2009 komen te vervallen.</para>
    <para />
    <para>1.3. Het college heeft dit verzoek bij besluit van 6 oktober 2010, na bezwaar gehandhaafd bij besluit van 25 november 2010 (bestreden besluit), afgewezen op de grond dat de bedreiging van een ambtenaar niet ten grondslag heeft gelegen aan de verlaging van de bijstand.</para>
    <para />
    <para>2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. </para>
    <para />
    <para>3. Appellant heeft zich in hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak gekeerd. Hij stelt dat sprake is van een novum, dat de grondslag van het bestreden besluit is dat appellant een ambtenaar heeft bedreigd en dat appellant door de politierechter is vrijgesproken van bedreiging waarmee de grondslag aan het bestreden besluit is komen te ontvallen.</para>
    <para />
    <para>4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.</para>
    <para />
    <para>4.1. Voor het in deze zaak van belang zijnde, op artikel 4:6, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) gebaseerde beoordelingskader verwijst de Raad naar onderdeel 2.3 van de aangevallen uitspraak, waarin dat op juiste wijze uiteen is gezet.</para>
    <para />
    <para>4.2. De uitkomst van de tegen appellant ingestelde strafrechtelijke procedure kan op zichzelf wel als een nieuw gegeven worden aangemerkt, maar dit gegeven hoeft in het licht van de vaste rechtspraak van de Raad voor het college geen aanleiding te vormen om terug te komen van zijn besluit van 20 augustus 2009. Volgens die rechtspraak van de Raad (CRvB 29 november 2011, LJN BU6606) is de bestuursrechter in het algemeen niet gebonden aan hetgeen door de strafrechter is geoordeeld. In een strafrechtelijke procedure ligt immers een andere rechtsvraag ter beantwoording voor en is een ander procesrecht van toepassing. Er is geen reden om daarover in de hier voorliggende zaak anders te oordelen. De beslissing van de politierechter in de strafrechtelijke procedure kan dus niet worden aangemerkt als een nieuw feit en/of een veranderde omstandigheid in de zin van artikel 4:6, eerste lid, van de Awb. Daarmee kan in het midden worden gelaten wat de grondslag is van het bestreden besluit.</para>
    <para />
    <para>4.3. Uit 4.2 volgt dat het hoger beroep niet slaagt. De aangevallen uitspraak komt voor bevestiging in aanmerking.</para>
    <para />
    <para>5. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para />
    <para>BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
    <para />
    <para />
    <para>Deze uitspraak is gedaan door A.B.J. van der Ham, in tegenwoordigheid van A.C. Oomkens als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 1 mei 2013.</para>
    <para />
    <para />
    <para>(getekend) A.B.J. van der Ham</para>
    <para />
    <para />
    <para>(getekend) A.C. Oomkens</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>