<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2012:BY4740</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-09-28T17:16:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">ECLI:NL:CRVB:2012:1045</dcterms:replaces>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BY4740</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2012-11-16</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11/5133 WSF-PV</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2012:BY4740">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2012:BY4740</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T11:12:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2012-11-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2012:BY4740 Centrale Raad van Beroep , 16-11-2012 / 11/5133 WSF-PV</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2012:BY4740:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Niet-verschoonbare termijnoverschrijding indienen bezwaarschrift.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2012:BY4740:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>11/5133 WSF-PV </para>
    <para />
    <para />
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para />
    <para />
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
    <para />
    <para />
    <para>Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht van 18 augustus 2011, 10/2382 (aangevallen uitspraak)</para>
    <para />
    <para>Partijen:</para>
    <para />
    <para>[A. te B.] (appellant)</para>
    <para />
    <para>de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (Minister)</para>
    <para />
    <para>Datum uitspraak: 16 november 2012</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Zitting heeft: I.M.J. Hilhorst-Hagen</para>
      <para>Griffier: G.J. van Gendt</para>
      <para>Ter zitting is verschenen: mr. K.F. Hofstee, vertegenwoordiger van de Minister.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
    <para />
    <para />
    <para>Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen:</para>
    <para />
    <para>1. Bij besluit van 23 april 2010 heeft de Minister aan appellant meegedeeld dat ten laste van appellant een vordering wegens meerinkomen is vastgesteld. Het tegen dit besluit op 11 juni 2010 ingediende bezwaarschrift is door de Minister bij besluit van 12 augustus 2010 (bestreden besluit) wegens termijnoverschrijding niet-ontvankelijk verklaard.</para>
    <para />
    <para>2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. De rechtbank heeft daartoe overwogen dat het bezwaarschrift van 11 juni 2010 na afloop van de bezwaartermijn is ontvangen, alsmede dat appellant zijn stelling dat hij reeds eerder, binnen de bezwaartermijn, een bezwaarschrift heeft ingediend, niet aannemelijk heeft gemaakt.</para>
    <para />
    <para>3. De Raad stelt vast dat tussen partijen niet in geschil is dat het bezwaarschrift van 11 juni 2010 buiten de bezwaartermijn is ingediend. Gelet op door partijen ingenomen standpunten is in dit geding dan ook slechts de vraag aan de orde of aannemelijk is geworden dat het door appellant overgelegde bezwaarschrift met dagtekening 22 mei 2010 (tijdig) aan de Minister is verzonden.</para>
    <para />
    <para>4. Bij de beoordeling van deze vraag geldt als uitgangspunt dat de enkele stelling dat een bezwaarschrift is verzonden onvoldoende is om die verzending aan te nemen. Wel heeft de belanghebbende de mogelijkheid de verzending aannemelijk te maken.</para>
    <para />
    <para>5. Evenals de rechtbank, en op dezelfde gronden, komt de Raad in het onderhavige geval tot de conclusie dat appellant er niet in is geslaagd de eerdere verzending van een bezwaarschrift aannemelijk te maken. De overlegging van een kopie van een bezwaarschrift dat 22 mei 2010 als dagtekening heeft is niet voldoende. Het gegeven dat een bepaald document op enig moment is aangemaakt betekent immers niet dat dit is verzonden. De registratie die de gemachtigde van appellant van de verzending van documenten in zijn agenda bijhoudt, is evenmin voldoende, ook niet in combinatie met de overlegging van het afschrift van het bezwaarschrift. Met de handgeschreven aantekening in deze agenda bij 22 mei 2010 wordt niet aannemelijk gemaakt dat verzending van het bezwaarschrift daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Het hoger beroep slaagt dus niet.</para>
    <para />
    <para>6. Voor een proceskostenveroordeling ziet de Raad geen aanleiding.</para>
    <para> </para>
    <para />
    <para>Waarvan proces-verbaal.</para>
    <para />
    <para>De griffier		De voorzitter</para>
    <para />
    <para />
    <para>(get.) G.J. van Gendt	(get.) I.M.J. Hilhorst-Hagen</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>