<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2012:BX2231</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-30T23:39:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BX2231</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2012-07-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11-1746 WIA</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2012:BX2231">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2012:BX2231</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T10:31:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2012-07-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2012:BX2231 Centrale Raad van Beroep , 20-07-2012 / 11-1746 WIA</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2012:BX2231:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Er is geen recht op een WIA-uitkering ontstaan omdat appellante minder dan 35% arbeidsongeschikt is. </para>
        <para>De rechtbank heeft juist geoordeeld dat het onderzoek van de bva op zorgvuldige wijze is verricht. Het rapport (van de bva) bevat een samenvatting van de medische bezwaren van appellante en de bespreking daarvan aan de hand van de medische informatie uit het dossier en de gegevens die door hem zijn verkregen tijdens het bijwonen van de hoorzitting. Het door appellante toegezonden rapport van Timmerhuis geeft geen aanleiding daarover anders te oordelen nu de opvatting van Timmerhuis dat voor het linkerbeen verdergaande beperkingen moeten worden aanvaard niet is gebaseerd op door haar verricht medisch onderzoek.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2012:BX2231:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>11/1746 WIA </para>
    <para />
    <para />
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para />
    <para />
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
    <para />
    <para />
    <para>Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Breda van 14 februari 2011, 10/2961 (aangevallen uitspraak)</para>
    <para />
    <para />
    <para>Partijen:</para>
    <para />
    <para>[A. te B.] (appellante)</para>
    <para />
    <para>de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)</para>
    <para />
    <para />
    <para>Datum uitspraak: 20 juli 2012</para>
    <para />
    <para />
    <para>PROCESVERLOOP</para>
    <para />
    <para>Namens appellante heeft mr. P.J. van der Meulen, advocaat, hoger beroep ingesteld. </para>
    <para />
    <para>Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend. </para>
    <para />
    <para>Beide partijen hebben nadere stukken ingediend.</para>
    <para />
    <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 8 juni 2012. Appellante is niet verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door G.A.B. Vermeijden.</para>
    <para />
    <para />
    <para>OVERWEGINGEN</para>
    <para />
    <para>1. Het Uwv heeft bij besluit op bezwaar van 7 juli 2010 (bestreden besluit) bevestigd dat voor appellante met ingang van 14 december 2009 geen recht op een uitkering ingevolge de Wet Werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) is ontstaan omdat appellante minder dan 35% arbeidsongeschikt was op deze datum. Het Uwv heeft het bestreden besluit gebaseerd op een rapport van zijn bezwaarverzekeringsarts van 7 juni 2010 en een rapport van de bezwaararbeidsdeskundige van 6 juli 2010.</para>
    <para> </para>
    <para>2. Het beroep dat appellante tegen het bestreden besluit instelde heeft de rechtbank ongegrond verklaard. Daartoe heeft de rechtbank overwogen dat het Uwv het bestreden besluit heeft kunnen baseren op rapporten van zijn bezwaarverzekeringsarts en bezwaararbeidsdeskundige. </para>
    <para />
    <para>3.1. Appellante heeft in hoger beroep herhaald dat haar lichamelijke klachten onderbelicht zijn gebleven. Voorts heeft zij herhaald dat de door de bezwaararbeidsdeskundige gehanteerde functies op 14 december 2009 om medische redenen niet geschikt voor haar waren. Ter onderbouwing van haar standpunt heeft zij een rapport van haar medisch adviseur M.M.F. Timmerhuis, rga, van 11 april 2011 aan de Raad toegezonden. Hierin is vermeld dat de bezwaarverzekeringsarts onvoldoende rekening heeft gehouden met de belastbaarheid van het linkerbeen. </para>
    <para />
    <para>3.2. In verweer heeft het Uwv verwezen naar de daarop door de bezwaarverzekeringsarts gegeven reactie. Deze houdt in dat onduidelijk is op welke gronden Timmerhuis haar bevindingen baseert. De bezwaarverzekeringsarts heeft gemotiveerd weersproken dat onvoldoende rekening is gehouden met de belastbaarheid. </para>
    <para />
    <para>4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.</para>
    <para />
    <para>4.1. De rechtbank heeft de in beroep ingediende gronden besproken. Met juistheid heeft de rechtbank geoordeeld dat het onderzoek van de bezwaarverzekeringsarts op zorgvuldige wijze is verricht. De bezwaarverzekeringsarts heeft gerapporteerd over zijn onderzoek. Het rapport bevat een samenvatting van de medische bezwaren van appellante en de bespreking daarvan aan de hand van de medische informatie uit het dossier en de gegevens die door hem zijn verkregen tijdens het bijwonen van de hoorzitting. De bezwaarverzekeringsarts heeft voorts de bevindingen van de primaire verzekeringsarts  – die appellante heeft onderzocht op 26 november 2009 – in zijn rapport genoemd. De op basis daarvan door de bezwaarverzekeringsarts getrokken conclusies zijn inzichtelijk en concludent. Hierdoor vormen zij een deugdelijke grondslag voor het vaststellen van de functionele beperkingen van appellante. Het door appellante toegezonden rapport van Timmerhuis geeft geen aanleiding daarover anders te oordelen nu de opvatting van Timmerhuis dat voor het linkerbeen verdergaande beperkingen moeten worden aanvaard niet is gebaseerd op door haar verricht medisch onderzoek. Dit betekent dat de rechtbank terecht tot het oordeel is gekomen dat het Uwv bij het bestreden besluit mocht uitgaan van de belastbaarheid van appellante op 14 december 2009 zoals vermeld in het rapport van de bezwaarverzekeringsarts. </para>
    <para />
    <para>4.2. Daarvan uitgaande, heeft de rechtbank met juistheid geoordeeld dat met de arbeidskundige rapporten voldoende is onderbouwd dat de belasting in de geduide functies destijds appellantes mogelijkheden niet te boven ging. </para>
    <para />
    <para>4.3. Dit brengt mee dat de aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd. </para>
    <para />
    <para>5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para />
    <para>BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
    <para />
    <para />
    <para>Deze uitspraak is gedaan door J. Brand in tegenwoordigheid van Z. Karekezi als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 20 juli 2012.</para>
    <para />
    <para />
    <para>(getekend) J. Brand </para>
    <para />
    <para />
    <para>(getekend) Z. Karekezi</para>
    <para />
    <para />
    <para>IvR</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>