<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2011:BQ1230</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-29T09:46:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BQ1230</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2011-04-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10-3932 WIA</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2011:BQ1230">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2011:BQ1230</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T08:00:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2011-04-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2011:BQ1230 Centrale Raad van Beroep , 13-04-2011 / 10-3932 WIA</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2011:BQ1230:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Afwijzing aanvraag WIA-uitkering: minder dan 35% arbeidsongeschikt. Zorgvuldig medisch onderzoek. Een gebrekkige beheersing van de Nederlandse taal leidt niet tot een functionele beperking voor het bedienen van toetsenbord en muis maar wordt betrokken bij de functieselectie.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2011:BQ1230:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>10/3932 WIA</para>
    <para />
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para />
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <para>U I T S P R A A K</para>
    <para />
    <para>op het hoger beroep van:</para>
    <para />
    <para>[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),</para>
    <para />
    <para>tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 24 juni 2010, 09/3605 (hierna: aangevallen uitspraak),</para>
    <para />
    <para>in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>appellant</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).</para>
    <para />
    <para>Datum uitspraak:13 april 2011.</para>
    <para> </para>
    <para>I. PROCESVERLOOP</para>
    <para />
    <para>Namens appellant heeft mr. W.C. de Jonge, advocaat te Vlaardingen, hoger beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 2 maart 2011. Namens appellant is mr. De Jonge verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. drs. J. Hut. </para>
    <para />
    <para>II. OVERWEGINGEN</para>
    <para />
    <para>1. Bij besluit van 25 juni 2009 heeft het Uwv de aanvraag van appellant om een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen per 17 april 2009 afgewezen. Volgens het Uwv was appellant per die datum minder dan 35% arbeidsongeschikt. Appellant heeft tegen dat besluit bezwaar gemaakt. In verband met dat bezwaar is hij onderzocht door een voor het Uwv werkzame bezwaarverzekeringsarts. Naar aanleiding van diens bevindingen heeft het Uwv het eerder ingenomen standpunt gehandhaafd en is het bezwaar bij besluit van 16 oktober 2009 (bestreden besluit) ongegrond verklaard.</para>
    <para />
    <para>2. Appellant heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep ongegrond verklaard. De rechtbank heeft daartoe overwogen dat het door het Uwv verrichte medische onderzoek zorgvuldig is geweest. Rekening is gehouden met de informatie die van de huisarts was ontvangen. Tevens is gemotiveerd waarom, bij een achteruitgang van diens longfunctie, de voor appellant aangenomen beperkingen nog van toepassing zijn. Naar het oordeel van de rechtbank waren de functionele mogelijkheden van eiser correct vastgesteld. </para>
    <para />
    <para>3. Appellant heeft in hoger beroep, kort gezegd, gesteld dat het Uwv ten aanzien van zijn mogelijkheden meer beperkingen had moeten aannemen. Tevens is door appellant herhaald dat het medisch onderzoek onvoldoende zorgvuldig is geschied en dat de conclusies die uit dat onderzoek zijn getrokken onvoldoende zijn gemotiveerd.</para>
    <para />
    <para>4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.</para>
    <para />
    <para>4.1. De Raad kan zich verenigen met hetgeen de rechtbank heeft vastgesteld en overwogen. Hetgeen appellant in hoger beroep heeft aangevoerd komt in grote lijnen overeen met hetgeen reeds in beroep is gesteld, zodat de Raad verwijst naar de aangevallen uitspraak. Ook de Raad is van oordeel dat het medisch onderzoek zorgvuldig is verricht en dat daarbij alle van de zijde van appellant ingebrachte medische informatie is betrokken en daarop ook gemotiveerd is gereageerd. Het Uwv heeft op goede gronden het standpunt betrokken dat een gebrekkige beheersing van de Nederlandse taal niet leidt tot een functionele beperking voor het bedienen van toetsenbord en muis maar wordt betrokken bij de functieselectie. Beroepsgronden tegen de arbeidskundige kant van de schatting heeft appellant niet geformuleerd.</para>
    <para />
    <para>4.2. De aangevallen uitspraak komt derhalve voor bevestiging in aanmerking.</para>
    <para />
    <para>5. Er bestaat geen aanleiding voor een veroordeling van het Uwv tot een schadevergoeding of in de proceskosten van appellant.</para>
    <para />
    <para>III. BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep;</para>
    <para />
    <para>Recht doende:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bevestigt de aangevallen uitspraak;</para>
      <para>Wijst het verzoek om veroordeling van het Uwv tot schadevergoeding af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Deze uitspraak is gedaan door H.G. Rottier als voorzitter en B.M. van Dun en M. Greebe als leden, in tegenwoordigheid van M.A. van Amerongen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 13 april 2011.</para>
    <para />
    <para />
    <para>(get.) H.G. Rottier.</para>
    <para />
    <para />
    <para>(get.) M.A. van Amerongen.</para>
    <para />
    <para />
    <para>EK</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>