<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2010:BO9564</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T04:43:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BO9564</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-12-16</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10-3376 AW</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>TAR 2011/98</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2010:BO9564">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2010:BO9564</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T07:26:54</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2011-01-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2010:BO9564 Centrale Raad van Beroep , 16-12-2010 / 10-3376 AW</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2010:BO9564:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Functiewaardering. De gronden die appellante aanvoert tegen de waardering op het gezichtspunt contact zijn dezelfde als in de vorige procedure. De Raad heeft over die waardering reeds een duidelijk oordeel gegeven. Door bij het bestreden besluit de niet onhoudbaar geachte score van 2 punten voor contact te handhaven heeft het college een juiste uitvoering gegeven aan de vorige uitspraak van de Raad. In het kader van de onderhavige procedure kan appellante de reeds gevoerde discussie niet overdoen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2010:BO9564:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>10/3376 AW</para>
    <para />
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para />
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
    <para />
    <para>U I T S P R A A K</para>
    <para />
    <para>op het hoger beroep van:</para>
    <para />
    <para>[Appellante], wonende te [woonplaats], (hierna: appellante),</para>
    <para />
    <para>tegen de uitspraak van de rechtbank Middelburg van 29 april 2010, 09/284 (hierna: aangevallen uitspraak),</para>
    <para />
    <para>in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>appellante</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Terneuzen (hierna: college)</para>
    <para />
    <para>Datum uitspraak: 16 december 2010</para>
    <para />
    <para>I. PROCESVERLOOP</para>
    <para />
    <para>Appellante heeft hoger beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>Het college heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>Het geding is behandeld ter zitting van 2 december 2010. Appellante is verschenen, bijgestaan door Th. B. Jacobs, juridisch adviseur en [naam N.], werkzaam als [naam functie A] bij de gemeente Terneuzen. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door G. Maas, werkzaam bij de gemeente Terneuzen.</para>
    <para />
    <para>II. OVERWEGINGEN</para>
    <para />
    <para>1. Voor een uitgebreidere weergave van de in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden wordt verwezen naar de uitspraak van de Raad van 20 maart 2008, 06/7025 AW, LJN BC8589. De Raad volstaat met het volgende.</para>
    <para />
    <para>1.1. Appellante is werkzaam als [naam functie A] bij de gemeente Terneuzen. Bij besluit van 29 september 2004 heeft het college de waardering van die functie vastgesteld. Het daartegen gemaakte bezwaar heeft het college besluit van 28 juni 2005 ongegrond verklaard. De rechtbank heeft bij uitspraak van 27 oktober 2006 het standpunt van het college onderschreven. </para>
    <para />
    <para>1.2. Bij uitspraak van 20 maart 2008 heeft de Raad die uitspraak en het besluit van 28 juni 2005 vernietigd en het college opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen met inachtneming van de uitspraak. Gezien de vaagheid van de functiebeschrijving kon de functiewaardering op het gezichtspunt handelingsvrijheid naar het oordeel van de Raad niet in stand blijven. De toegekende score voor het gezichtspunt contact achtte de Raad niet onhoudbaar. Ter uitvoering van de uitspraak van de Raad heeft het college de functiebeschrijving van de functie [naam functie A] uitgebreid. Appellante is met deze beschrijving akkoord gegaan. </para>
    <para />
    <para>2. Na het advies van de externe functiewaarderingsdeskundige heeft het college bij besluit van 10 maart 2009 (hierna: bestreden besluit) het gezichtspunt handelingsvrijheid opgewaardeerd en daaraan de score van 3 punten gekend. Voor het overige zijn de toegekende scores gehandhaafd, waaronder die voor contact. Appellante kan zich vinden in de toegekende score voor handelingsvrijheid. Zij is echter van opvatting dat de score van 2 punten voor het gezichtspunt contact niet houdbaar is.</para>
    <para />
    <para>3. De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak het beroep van appellante tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. De rechtbank heeft daarbij overwogen dat de Raad over dit gezichtspunt in de vorige beroepszaak al een oordeel heeft gegeven. Daarmee staat, aldus de rechtbank, in rechte vast dat 2 punten voor het gezichtspunt contact een toereikende waardering is.</para>
    <para />
    <para>4. Naar aanleiding van hetgeen partijen in hoger beroep naar voren hebben gebracht, overweegt de Raad het volgende. </para>
    <para />
    <para>4.1. Naar het oordeel van de Raad heeft de rechtbank bij de aangevallen uitspraak terecht overwogen dat de gronden die appellante aanvoert tegen de waardering op het gezichtspunt contact dezelfde zijn als in de vorige procedure. De Raad heeft over die waardering reeds een duidelijk oordeel gegeven. Door bij het bestreden besluit de niet onhoudbaar geachte score van 2 punten voor contact te handhaven heeft het college een juiste uitvoering gegeven aan de vorige uitspraak van de Raad. In het kader van de onderhavige procedure kan appellante de reeds gevoerde discussie niet overdoen.</para>
    <para />
    <para>5. Uit het vorenstaande volgt dat het hoger beroep van appellante niet slaagt en dat de aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.</para>
    <para />
    <para>6. De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht inzake vergoeding van proceskosten.</para>
    <para />
    <para>III. BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep;</para>
    <para />
    <para>Recht doende:</para>
    <para />
    <para>Bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
    <para />
    <para>Deze uitspraak is gedaan door K. Zeilemaker, in tegenwoordigheid van K. Moaddine als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 16 december 2010.</para>
    <para />
    <para>(get.) K. Zeilemaker.</para>
    <para />
    <para>(get.) K. Moaddine.</para>
    <para />
    <para>HD</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>