<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2010:BO1887</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-27T09:00:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BO1887</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-10-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">09-4770 AW</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_ambtenarenrecht">Bestuursrecht; Ambtenarenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2010:BO1887">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2010:BO1887</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T07:07:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-10-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2010:BO1887 Centrale Raad van Beroep , 14-10-2010 / 09-4770 AW</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2010:BO1887:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Aan appellant is door het Uwv een WW-uitkering toegekend en namens de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de aanvullende uitkering uit het BBWO. De aansluitende uitkering uit het BBWO is appellant geweigerd, omdat hij niet voldoet aan de voorwaarde dat zijn diensttijd in het onderwijs tenminste vijf jaar heeft geduurd. Appellant Voldoet niet aan een basisvoor-waarde voor de aansluitende uitkering ingevolge het BBWO. De garantie van de stichting heeft voor hem geen verdere betekenis, nu hij hierop geen aanspraak kan maken.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2010:BO1887:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>09/4770 AW</para>
    <para />
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para />
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <para>U I T S P R A A K</para>
    <para />
    <para>op het hoger beroep van:</para>
    <para />
    <para>[appellant], wonende te [woonplaats], (hierna: appellant),</para>
    <para />
    <para>tegen de uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage van 15 juli 2009, 09/17 (hierna: aangevallen uitspraak),</para>
    <para />
    <para>in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>appellant</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>de Stichting Stedelijk Voortgezet Onderwijs Zoetermeer (hierna: stichting)</para>
    <para />
    <para>Datum uitspraak: 14 oktober 2010 </para>
    <para> </para>
    <para>I. PROCESVERLOOP</para>
    <para />
    <para>Appellant heeft hoger beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>De stichting heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 2 september 2010. Appellant is verschenen, bijgestaan door zijn echtgenote [naam echtgenote]. De stichting heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. S. Ideler-Ouwens, advocaat te Woerden, en M. Mooten en M.P.W. Bal, beiden werkzaam bij de Stichting Stedelijk Voortgezet Onderwijs Zoetermeer.</para>
    <para />
    <para>II. OVERWEGINGEN</para>
    <para />
    <para>1. Op grond van de gedingstukken en het verhandelde ter zitting gaat de Raad uit van de volgende hier van belang zijnde feiten en omstandigheden.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.1. Aan appellant is bij besluit van 21 december 2007 bij zijn ontslag per 5 juni 2007 de navolgende garantie gegeven. </para>
      <para>“Tevens garanderen wij u in verband met het ontslag een ontslaguitkering die gelijk is aan de gebruikelijke WW/BBWO-uitkering indien en voor zover door u niet op de gebruikelijke wijze aanspraak op dergelijke uitkering gemaakt zou kunnen worden. Op deze uitkering zijn de bepalingen van de WW/BBWO van toepassing met uitzondering van artikel 24 WW. Krachtens het voorgaande dient u - indien u geen andere baan heeft gevonden - een WW/BBWO-uitkering aan te vragen bij het Centrum voor Werk en Inkomen in uw woonplaats. Een aan u toegekende WW/BBWO-uitkering zal in mindering worden gebracht op de ontslaguitkering.”</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1.2. Bij het bestreden besluit van 24 november 2008 heeft de stichting onder meer gehandhaafd haar weigering de aansluitende BBWO-uitkering aan appellant te betalen. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het bestreden besluit om niet de aansluitende BBWO-uitkering te verstrekken in stand gelaten.</para>
    <para />
    <para>2. Naar aanleiding van hetgeen partijen in hoger beroep hebben aangevoerd overweegt de Raad het volgende.</para>
    <para />
    <para>2.1. Aan appellant is door het Uwv een WW-uitkering toegekend en namens de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de aanvullende uitkering uit het BBWO. De aansluitende uitkering uit het BBWO is appellant geweigerd, omdat hij niet voldoet aan de voorwaarde dat zijn diensttijd in het onderwijs tenminste vijf jaar heeft geduurd.</para>
    <para />
    <para>2.2. De Raad sluit zich aan bij de uitkomst en de overwegingen van de uitspraak van de rechtbank. De aan appellant verstrekte garantie is beperkt tot de uitkeringen waar appellant - gerekend naar de reguliere voorwaarden inzake leeftijd en arbeidsverleden - aanspraak op zou kunnen maken. Aangezien appellant niet voldoet aan een basisvoor-waarde voor de aansluitende uitkering ingevolge het BBWO kan hij daarop geen aanspraak maken en heeft de garantie van de stichting voor hem geen verdere betekenis.</para>
    <para />
    <para>2.3. De aangevallen uitspraak komt dus voor bevestiging in aanmerking. </para>
    <para />
    <para>3. De Raad acht tot slot geen termen aanwezig toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht inzake proceskosten.</para>
    <para />
    <para>III. BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep;</para>
    <para />
    <para>Recht doende:</para>
    <para />
    <para>Bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
    <para />
    <para>Deze uitspraak is gedaan door M.C. Bruning als voorzitter en J.Th. Wolleswinkel en A.J. Schaap als leden, in tegenwoordigheid van de B. Bekkers als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 14 oktober 2010.</para>
    <para>					</para>
    <para>(get.) M.C. Bruning.</para>
    <para>					</para>
    <para>(get.) B. Bekkers.</para>
    <para />
    <para />
    <para>HD</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>