<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2010:BO1722</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-07-16T00:39:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BO1722</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-10-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">09-3427 AOW</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:HR:2011:BU4599" psi:type="http://psi.rechtspraak/cassatie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/latereAanleg">Cassatie: ECLI:NL:HR:2011:BU4599</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2010:BO1722">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2010:BO1722</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T07:07:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-10-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2010:BO1722 Centrale Raad van Beroep , 22-10-2010 / 09-3427 AOW</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2010:BO1722:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Toekenning AOW-uitkering, waarop een korting is toegepast van 92% wegens 47 niet-verzekerde jaren. Op de aan appellant toegekende toeslag op de AOW is een korting toegepast van 54% wegens 28 niet-verzekerde jaren van de echtgenote van appellant. De Svb heeft daarbij de periode van 22 september 1978 tot 27 januari 1982 als verzekerd tijdvak in aanmerking genomen. Uit onderzoek door de Svb is niet komen vast te staan dat appellant in andere dan de als verzekerd aangemerkte tijdvakken verzekerd is geweest op basis van ingezetenschap. Verder is niet gebleken dat appellant in de in geding zijnde periode werkzaam is geweest in Nederland, zodat hij evenmin verzekerd is geweest op grond van het verrichten van arbeid in dienstbetrekking.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2010:BO1722:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>09/3427 AOW</para>
    <para />
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para />
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <para>U I T S P R A A K</para>
    <para />
    <para>op het hoger beroep van:</para>
    <para />
    <para>[Appellant] wonende te Marokko (hierna: appellant),</para>
    <para />
    <para>tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 7 mei 2009, 07/4692 (hierna: aangevallen uitspraak),</para>
    <para />
    <para>in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>appellant</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (hierna: Svb).</para>
    <para />
    <para>Datum uitspraak: 22 oktober 2010</para>
    <para> </para>
    <para>I. PROCESVERLOOP</para>
    <para />
    <para>Appellant heeft hoger beroep ingesteld. </para>
    <para />
    <para>De Svb heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>Het geding is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 24 september 2010. Partijen zijn daarbij niet verschenen.</para>
    <para />
    <para />
    <para>II. OVERWEGINGEN</para>
    <para />
    <para>1.1. Bij besluit van 11 oktober 2006 heeft de Svb aan appellant met ingang van juli 2004 een uitkering op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW) toegekend, waarop een korting is toegepast van 94% wegens 47 niet-verzekerde jaren. Op de aan appellant toegekende toeslag op de AOW is een korting toegepast van 56% wegens 28 niet-verzekerde jaren van de echtgenote van appellant. </para>
    <para />
    <para>1.2. Het door appellant tegen dit besluit ingestelde bezwaar is door de Svb bij besluit op bezwaar van 30 mei 2007 (hierna: bestreden besluit) gegrond verklaard. De Svb heeft daarbij de periode van 22 september 1978 tot 27 januari 1982 als verzekerd tijdvak in aanmerking genomen. Hierdoor wordt de korting op het AOW-pensioen en de toeslag beperkt tot respectievelijk 92% en 54%. </para>
    <para />
    <para>2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. De rechtbank heeft daarbij overwogen dat uit onderzoek door de Svb niet is komen vast te staan dat appellant in andere dan de als verzekerd aangemerkte tijdvakken verzekerd is geweest op basis van ingezetenschap. Verder is niet gebleken dat appellant in de in geding zijnde periode werkzaam is geweest in Nederland, zodat hij evenmin verzekerd is geweest op grond van het verrichten van arbeid in dienstbetrekking.</para>
    <para />
    <para>3.1. In hoger beroep is het geschil volledig toegespitst op de stelling van appellant dat hij in de periode van 1971 tot 1973 in Nederland heeft gewoond en gewerkt en dus ook in die periode verzekerd was voor de AOW. </para>
    <para />
    <para>3.2. De Raad kan zich geheel verenigen met het oordeel van de rechtbank en de daaraan ten grondslag gelegde overwegingen. In aanvulling daarop overweegt de Raad alleen nog dat appellant de stelling dat hij in de periode van 1971 tot 1973 in Nederland heeft gewoond en gewerkt niet nader heeft onderbouwd. </para>
    <para />
    <para>4. Uit het vorenstaande volgt dat het hoger beroep van appellant niet slaagt. De aangevallen uitspraak zal daarom worden bevestigd. </para>
    <para />
    <para>5. De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.</para>
    <para />
    <para>III. BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep;</para>
    <para />
    <para>Recht doende:</para>
    <para />
    <para>Bevestigt de aangevallen uitspraak. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door M.M. van der Kade als voorzitter en E.E.V. Lenos en </para>
      <para>C.G. Kasdorp als leden, in tegenwoordigheid van T.J. van der Torn als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 22 oktober 2010.</para>
    </parablock>
    <para>					</para>
    <para>(get.) M.M. van der Kade.</para>
    <para>					</para>
    <para>(get.) T.J. van der Torn.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de datum van verzending </para>
      <para>beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad der Nederlanden (Postbus 20303, </para>
      <para>2500 EH ’s-Gravenhage) ter zake van schending of verkeerde toepassing van bepalingen </para>
      <para>inzake het begrip kring van verzekerden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>KR</para>
    <para />
    <para>III. DÉCISION</para>
    <para />
    <para>La Centrale Raad van Beroep (Cour d'Appel Centrale),</para>
    <para />
    <para>statue:</para>
    <para />
    <para>confirme la décision attaquée. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Par conséquent, décidée par M.M. van der Kade en qualité de président, E.E.V. Lenos et </para>
      <para>C.G. Kasdorp comme membres, en présence de T.J. van der Torn en qualité de greffier, ainsi que prononcée en public, le 22 octobre 2010. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Les parties disposent d’un délai de six semaines à compter de la date d’envoi pour introduire un pourvoi en cassation contre cette décision devant la Cour de Cassation des Pays-Bas : Hoge Raad der Nederlanden (Postbus 20303, NL 2500 EH  ’s-Gravenhage) au titre de la violation ou de la mauvaise application des dispositions concernant la notion de groupe d’assurés.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>