<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2010:BM1223</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-27T02:01:29</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BM1223</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-04-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">09-1555 WAO</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2010:BM1223">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2010:BM1223</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T06:15:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-04-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2010:BM1223 Centrale Raad van Beroep , 14-04-2010 / 09-1555 WAO</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2010:BM1223:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verlaging WAO-uitkering. De Raad kan zich volledig vinden in de verwerping van de medische beroepsgrond door de rechtbank. Naar het oordeel van de Raad biedt de beschikbare medische informatie geen aanleiding voor het standpunt dat er hier sprake is van een uitzonderingsgeval waarbij door meerdere (onafhankelijke) medische deskundigen een vrijwel eenduidige, consistente en naar behoren gemotiveerde opvatting bestaat dat appellante als gevolg van ziekte en gebrek niet in staat is arbeid te verrichten.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2010:BM1223:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>09/1555 WAO</para>
    <para />
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para />
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
    <para />
    <para>U I T S P R A A K</para>
    <para />
    <para>op het hoger beroep van:</para>
    <para />
    <para>[Appellante], wonende te [woonplaats] (hierna: appellante),</para>
    <para />
    <para>tegen de uitspraak van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 4 februari 2009, 08/1007 (hierna: aangevallen uitspraak),</para>
    <para />
    <para>in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>appellante</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).</para>
    <para />
    <para>Datum uitspraak: 14 april 2010</para>
    <para> </para>
    <para>I. PROCESVERLOOP</para>
    <para />
    <para>Namens appellante heeft mr. A.R. van der Veen, werkzaam bij Achmea rechtsbijstand, hoger beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 24 maart 2010. Appellante is met voorafgaand bericht niet verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door M. van Leeuwen.</para>
    <para />
    <para>II. OVERWEGINGEN </para>
    <para />
    <para>1.1. Bij besluit van 29 januari 2008 heeft het Uwv de uitkering van appellante ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) met ingang van 30 maart 2008 herzien naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%.</para>
    <para />
    <para>1.2. Bij besluit van 28 mei 2008 is appellantes bezwaar tegen genoemd besluit gegrond verklaard en is de WAO-uitkering verlaagd naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%.</para>
    <para />
    <para>2. De rechtbank heeft het beroep van appellante ongegrond verklaard. De rechtbank kan zich blijkens de overwegingen van de aangevallen uitspraak verenigen met de medische en arbeidskundige grondslag van het bestreden besluit.</para>
    <para />
    <para>3. In hoger beroep heeft appellante haar standpunt herhaald dat bij de vaststelling van de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) onvoldoende rekening is gehouden met haar vermoeidheidsklachten. Volgens appellante volgt uit de Richtlijn medisch arbeidsongeschiktheids criterium (MAOC) dat in geval van een moeilijk objectiveerbare aandoening het feit dat er geen lichamelijke of psychische oorzaken gemeten of aangetoond kunnen worden niet dat er daarom geen stoornissen, beperkingen of handicaps bestaan. Volgens appellante is het van belang of hun bestaan aannemelijk is te achten. De beschikbare medische informatie geeft volgens haar genoeg aanleiding voor de opvatting dat zij als gevolg van ziekte niet in staat is de geduide functies te vervullen.</para>
    <para />
    <para>4. De Raad overweegt als volgt.</para>
    <para />
    <para>5.1. De Raad kan zich volledig vinden in de verwerping van de medische beroepsgrond door de rechtbank. De in het dossier aanwezige medische gegevens bevestigen niet dat op 30 maart 2008 de beperkingen van appellante ernstiger waren dan in de FML zijn opgenomen. Haar eigen beleving van haar klachten kan, naar vaste rechtspraak, geen aanleiding vormen om verdergaande beperkingen aan te nemen.</para>
    <para />
    <para>5.2. Naar het oordeel van de Raad biedt de beschikbare medische informatie geen aanleiding voor het standpunt dat er hier sprake is van een uitzonderingsgeval waarbij door meerdere (onafhankelijke) medische deskundigen een vrijwel eenduidige, consistente en naar behoren gemotiveerde opvatting bestaat dat appellante als gevolg van ziekte en gebrek niet in staat is arbeid te verrichten.</para>
    <para />
    <para>5.3. Het hoger beroep slaagt niet.</para>
    <para />
    <para>5.4. De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht.</para>
    <para />
    <para>III. BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep,</para>
    <para />
    <para>Recht doende:</para>
    <para />
    <para>Bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
    <para />
    <para>Deze uitspraak is gedaan door R.C. Stam in tegenwoordigheid van M.D.F. de Moor als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 14 april 2010.</para>
    <para>							</para>
    <para>(get.) R.C. Stam.</para>
    <para>							</para>
    <para>(get.) M.D.F. de Moor.</para>
    <para />
    <para>TM</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>