<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2010:BL7373</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-27T00:40:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BL7373</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-03-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08-6676 WAO</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2010:BL7373">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2010:BL7373</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T06:05:08</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-03-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2010:BL7373 Centrale Raad van Beroep , 12-03-2010 / 08-6676 WAO</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2010:BL7373:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vaststelling WAO-uitkering (15 tot 25%). De Raad ziet geen aanleiding de motivering van de bezwaararbeidsdeskundige voor onjuist te houden. In hetgeen ook overigens in hoger beroep, zonder nadere onderbouwing, is aangevoerd ziet de Raad geen aanleiding om te oordelen dat de aan de schatting ten grondslag gelegde functies voor appellant niet passend zijn te achten.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2010:BL7373:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>08/6676 WAO</para>
    <para />
    <para />
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para />
    <para />
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <para />
    <para>U I T S P R A A K</para>
    <para />
    <para />
    <para>op het hoger beroep van:</para>
    <para />
    <para>[appellant] (hierna: appellant),</para>
    <para />
    <para>tegen de uitspraak van de rechtbank Roermond van 14 oktober 2008, 08/814 (hierna: aangevallen uitspraak),</para>
    <para />
    <para>in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>appellant</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).</para>
    <para />
    <para />
    <para>Datum uitspraak: 12 maart 2010</para>
    <para />
    <para />
    <para>I. PROCESVERLOOP</para>
    <para />
    <para>Namens appellant heeft mr. Z.M. Alaca, advocaat te Venlo, hoger beroep ingesteld. </para>
    <para />
    <para>Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend. </para>
    <para />
    <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 29 januari 2010. Appellant is verschenen, bijgestaan door mr. Alaca. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door W.J.M.H. Lagerwaard. </para>
    <para />
    <para />
    <para>II. OVERWEGINGEN</para>
    <para />
    <para>1.1. Bij besluit van 16 november 2007 heeft het Uwv geweigerd appellant met ingang van 15 november 2007 in aanmerking te brengen voor een uitkering ingevolge de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen op de grond dat zijn mate van arbeidsongeschiktheid per die datum minder dan 35% bedraagt.</para>
    <para />
    <para>1.2. Bij besluit van 21 april 2008 (hierna: het bestreden besluit) heeft het Uwv het tegen het besluit van 16 november 2007 gerichte bezwaar van appellant gegrond verklaard en vastgesteld dat appellant met ingang van 15 december 2005 recht heeft op een uitkering ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 15 tot 25%. </para>
    <para />
    <para>2. De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. </para>
    <para />
    <para>3.1. Appellant heeft zich in hoger beroep op het standpunt gesteld dat de aan de schatting ten grondslag gelegde functies voor hem niet passend zijn te achten. Daarbij heeft hij – onder meer – aangegeven dat, nu in de functie van productiemedewerker industrie moet worden gewerkt met soldeerapparatuur, er sprake is van een gevaar opleverende plaats, terwijl uit de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) blijkt dat hij is aangewezen op werk zonder verhoogd persoonlijk risico. Tevens is in de functie van wikkelaar, samensteller elektronische apparatuur sprake van werkzaamheden van fijn motorische en repeterende aard, waaruit afgeleid kan worden dat in deze functie een zeer hoog handelingstempo wordt vereist, aldus appellant. </para>
    <para />
    <para>4.1. De Raad overweegt als volgt.</para>
    <para />
    <para>4.2. Vooropgesteld zij dat het geschil in hoger beroep, naar ook ter zitting door partijen is bevestigd, is beperkt tot het oordeel van de rechtbank over de arbeidskundige grondslag van het bestreden besluit.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.3. De Raad stelt vast dat de schatting – zoals blijkt uit de rapportage van de bezwaararbeidsdeskundige J.J. van der Naald van 15 april 2008 – uiteindelijk berust op de functies productiemedewerker industrie (sbc-code 111180), elektronicamonteur </para>
      <para>(sbc-code 267040) en wikkelaar samensteller van elektronische apparatuur </para>
      <para>(sbc-code 267050). Van der Naald heeft deze functies met inachtneming van de door de bezwaarverzekeringsarts P.M.H.J. Tjen opgestelde FML van 10 april 2008 beoordeeld en de mate van arbeidsongeschiktheid berekend op 15 tot 25%. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>4.4. Uitgaande van de juistheid van de door appellant niet bestreden FML van 10 april 2008 is de Raad van oordeel dat de bezwaararbeidsdeskundige gelet op de onder 4.3 genoemde rapportage, bezien in samenhang met de rapportage van 5 maart 2008 en aangevuld bij de rapportages van 8 juli 2008 en 9 februari 2009, genoegzaam heeft gemotiveerd waarom de belasting in de functies geen overschrijding oplevert van de belastbaarheid van appellant. Daartoe overweegt de Raad het volgende. Appellant is, zoals in de FML is aangegeven, aangewezen op werk zonder persoonlijk verhoogd risico. De bezwaararbeidsdeskundige heeft, na overleg met de bezwaarverzekeringsarts, aangegeven dat hiermee is bedoeld dat appellant – nu vanwege zijn aandoeningen sprake kan zijn van duizeligheid en wegrakingen – niet kan werken op gevaar opleverende plaatsen zoals hoogtes, ladders, steigers en dergelijke. In het Resultaat Functiebeoordeling van 14 april 2008 is bij de functie van productiemedewerker industrie vermeld dat wordt gewerkt met soldeerapparatuur waarbij risico bestaat op brandwonden. Volgens de bezwaararbeidsdeskundige vloeit dit risico niet voort uit het werken op een gevaar opleverende plaats, maar uit de enkele omstandigheid dat er wordt gewerkt met soldeerapparatuur. Nu het solderen op de begane grond plaatsvindt en appellant naar believen kan staan en zitten is er geen reden de functie van productiemedewerker industrie als niet passend te beschouwen, aldus de bezwaararbeidsdeskundige. </para>
    <para />
    <para>4.5. De Raad vermag, gelet op de rapportage van de bezwaararbeidsdeskundige van 8 juli 2008, voorts niet in te zien dat in de functie van wikkelaar, samensteller van elektronische apparatuur sprake is van een hoog handelingstempo. Uit de Resultaat functiebeoordeling blijkt dat weliswaar sprake is van het in een vlot tempo pakken en plaatsen van kleine componenten, echter dit aspect dient te worden onderscheiden van een hoog handelingstempo. Daarbij tekent de Raad aan dat de verzekeringsarts appellant op het aspect hand- en vingergebruik – welk aspect in de desbetreffende functie hier aan de orde is – niet beperkt heeft geacht. Mocht in deze functie sprake zijn van een verhoogd handelingstempo, dan had de arbeidskundig analist een dergelijke belasting als zodanig op het Resultaat Functiebeoordeling vermeld. Nu hiervan geen sprake is, ziet de Raad geen aanleiding de motivering van de bezwaararbeidsdeskundige voor onjuist te houden. In hetgeen ook overigens in hoger beroep, zonder nadere onderbouwing, is aangevoerd ziet de Raad geen aanleiding om te oordelen dat de aan de schatting ten grondslag gelegde functies voor appellant niet passend zijn te achten. </para>
    <para />
    <para>4.6. Het onder 4.2 tot en met 4.5 overwogene leidt tot het oordeel dat het Uwv op goede gronden heeft vastgesteld dat appellant met ingang van 15 december 2005 recht heeft op een WAO-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 15 tot 25%. Het hoger beroep slaagt niet. De aangevallen uitspraak komt voor bevestiging in aanmerking. </para>
    <para />
    <para>5. De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht in zake vergoeding van de proceskosten. </para>
    <para />
    <para />
    <para>III. BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep,</para>
    <para />
    <para>Recht doende:</para>
    <para />
    <para />
    <para>Bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door G. van der Wiel als voorzitter en I.M.J. Hilhorst-Hagen en J.P.M. Zeijen als leden, in tegenwoordigheid van A.E. van Rooij als griffier. </para>
      <para>De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 12 maart 2010.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>(get.) G. van der Wiel.</para>
    <para />
    <para />
    <para>(get.) A.E. van Rooij.</para>
    <para />
    <para />
    <para>EK</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>