<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2147</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T00:43:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AZ2147</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2006-11-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/6162 WWB, 05/7070 WWB</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2147">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2147</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T00:43:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2006-11-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2147 Centrale Raad van Beroep , 28-11-2006 / 05/6162 WWB, 05/7070 WWB</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2147:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Is appellant als belanghebbende in de zin van de Awb aan te merken?</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2147:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>05/6162 WWB, 05/7070 WWB</para>
    <para />
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para />
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
    <para />
    <para>U I T S P R A A K</para>
    <para />
    <para>op het hoger beroep van:</para>
    <para />
    <para>[appellant] (hierna: appellant),</para>
    <para />
    <para>tegen de uitspraak van de rechtbank Maastricht van 14 september 2005, 04/2200 (hierna: aangevallen uitspraak),</para>
    <para />
    <para>in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>appellant</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerlen (hierna: College)</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 28 november 2006</para>
      <para> I. PROCESVERLOOP</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Namens appellant heeft mr. J.L. Crutzen, advocaat te Heerlen, hoger beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>Het College heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 5 september 2006. Appellant is, met voorafgaand bericht, niet verschenen. Het College heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. P.J.S. Pletzers, werkzaam bij de gemeente Heerlen.  </para>
    <para />
    <para>II. OVERWEGINGEN</para>
    <para />
    <para>Aan appellant en zijn toenmalige echtgenote [H.C.E. V.] is een overbruggingsuitkering in de vorm van leenbijstand toegekend. </para>
    <para> </para>
    <para>Bij besluit van 8 oktober 2004 heeft het College met toepassing van artikel 58, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet werk en bijstand de toegekende leenbijstand tot een bedrag van € 497,34 van [V.] teruggevorderd.</para>
    <para />
    <para>Het namens [V.] tegen het besluit van 8 oktober 2004 gemaakte bezwaar is bij besluit van 7 december 2004 ongegrond verklaard.</para>
    <para />
    <para>Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank - met bepalingen omtrent griffierecht en proceskosten - het namens [V.] tegen het besluit van 7 december 2004 ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en het College opgedragen een nieuw besluit te nemen op het bezwaar van [V.].</para>
    <para />
    <para>Ter uitvoering van de aangevallen uitspraak heeft het College bij besluit van 3 november 2005 opnieuw op het bezwaar beslist en daarbij het bezwaar wederom ongegrond verklaard.</para>
    <para>  </para>
    <para>Appellant heeft zich in hoger beroep gemotiveerd tegen de aangevallen uitspraak gekeerd voor zover daarbij de door [V.] aangevoerde beroepsgronden zijn verworpen.</para>
    <para />
    <para>De Raad komt, ambtshalve, tot de volgende beoordeling.</para>
    <para />
    <para>Ingevolge artikel 18, eerste lid, van de Beroepswet kan hoger beroep worden ingesteld door een belanghebbende en door het bestuursorgaan. </para>
    <para />
    <para>De aangevallen uitspraak heeft betrekking op het besluit van 7 december 2004 op het bezwaar van - uitsluitend - [V.] tegen het besluit van 8 oktober 2004, waarbij - uitsluitend - van [V.] een deel van de aan appellant en [V.] toegekende leenbijstand is teruggevorderd. Noch bij het besluit van 8 oktober 2004 noch bij het besluit van 7 december 2004 is appellant belanghebbende in de zin van artikel 1:2 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). </para>
    <para />
    <para>Hieruit volgt dat het hoger beroep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard.</para>
    <para />
    <para>Ten overvloede overweegt de Raad in dit verband nog, dat indien appellant wel belanghebbende zou zijn, de ontvankelijkheid van het hoger beroep zou afstuiten op artikel 6:13 van de Awb in verbinding met artikel 6:24 van de Awb.</para>
    <para />
    <para>Het beroep dat appellant geacht wordt te hebben ingesteld tegen het besluit van 3 november 2004 - en waarover de Raad gelet op de artikelen 6:18 en 6:19 van de Awb in verbinding met artikel 6:24 van de Awb dient te beslissen - dient eveneens niet-ontvankelijk te worden verklaard, nu appellant ook bij dat besluit geen belanghebbende is.</para>
    <para> </para>
    <para>Voor een veroordeling in de proceskosten is geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para>Voor de goede orde merkt de Raad ten slotte nog op dat het het College vrijstaat - alsnog - een terugvorderingsbesluit ten aanzien van appellant te nemen. </para>
    <para />
    <para>III. BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep;</para>
    <para />
    <para>Recht doende:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk;</para>
      <para>Verklaart het beroep tegen het besluit van 3 november 2005 niet-ontvankelijk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons. De beslissing is, in tegenwoordigheid van A.H. Polderman-Eelderink als griffier, uitgesproken in het openbaar op 28 november 2006.</para>
    <para />
    <para>(get.) T.G.M. Simons.</para>
    <para />
    <para>(get.) A.H. Polderman-Eelderink.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>