<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2006:AY4924</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-24T16:50:10</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AY4924</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2006-07-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">04-2821 WAO</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2006:AY4924">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2006:AY4924</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T00:21:43</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2006-07-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2006:AY4924 Centrale Raad van Beroep , 14-07-2006 / 04-2821 WAO</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2006:AY4924:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Korting op WAO-uitkering. In verband met genoten winst. Zelfstandig tandtechnicus. Huurinkomsten uit verhuur bedrijfsruimte. Fiscale keuze.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2006:AY4924:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>04/2821 WAO</para>
    <para />
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para />
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <para>U I T S P R A A K</para>
    <para />
    <para>op het hoger beroep van:</para>
    <para />
    <para>[appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),</para>
    <para />
    <para>tegen de uitspraak van de rechtbank  Breda van 1 april 2004, 03/1198 (hierna: aangevallen uitspraak),</para>
    <para />
    <para>in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>appellant</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv)</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 14 juli 2006</para>
      <para> I. PROCESVERLOOP</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Namens appellant is hoger beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 2 juni 2006. Appellant is in persoon verschenen, bijgestaan door </para>
      <para>mr. R.J.M. van den Broek, arbeidsjurist bij De Unie te Sittard. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door </para>
      <para>mr. D. Heijnen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>II. OVERWEGINGEN </para>
    <para />
    <para>Het inleidende beroep richt zich tegen het besluit van het Uwv van 20 mei 2003 waarbij het Uwv heeft gehandhaafd zijn besluit van 5 september 2002 tot de verlaging van de betaling over 2000 van de aan appellant toegekende arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) in verband met de door hem over dat jaar genoten winst.</para>
    <para />
    <para>Voor een uitvoeriger weergave van de feiten verwijst de Raad naar de door hem onderschreven en door partijen niet bestreden vaststelling van die feiten in de aangevallen uitspraak. Samengevat komen deze er op neer dat appellant vanaf 1992 werkzaam is als zelfstandig tandtechnicus en daarnaast een WAO-uitkering ontvangt naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80-100%.</para>
    <para />
    <para>De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard. In hoger beroep heeft appellant zijn beroepsgrond herhaald, er toe strekkende dat de fiscale winst over 2000 vóór de korting moet worden geschoond van de daarin begrepen huurinkomsten uit de verhuur van bedrijfsruimte, omdat dit opbrengsten uit vermogen en dus geen voor korting vatbare inkomsten uit arbeid als bedoeld in artikel 44 in de WAO zou betreffen.</para>
    <para />
    <para>Met de rechtbank ziet de Raad deze beroepsgrond niet slagen. Volgens vaste rechtspraak wordt voor de hier van belang zijnde korting van arbeidsinkomsten als hoofdregel aangesloten bij de eigen fiscale keuze van de zelfstandige. Appellant heeft aangevoerd dat personen die (overigens) in gelijke omstandigheden verkeren, maar een andere fiscale keuze hebben gemaakt hun inkomsten uit verhuur van bedrijfsruimte niet zien worden gekort en dat dat een schending van het gelijkheidsbeginsel oplevert. In die rechtspraak ligt evenwel besloten dat een andere fiscale keuze tot onvergelijkbare gevallen leidt, zodat het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt. </para>
    <para />
    <para>Appellant heeft de huurinkomsten als ondernemingswinst opgegeven. De door hem verhuurde bedrijfsruimte maakt deel uit van het bedrijfsvermogen en op die investeringen is gedurende een reeks van jaren in de winst- en verliesrekening afgeschreven. Een bijzondere situatie die noopt tot afwijking van de hoofdregel, doet zich onder deze omstandigheden niet voor.</para>
    <para />
    <para>De aangevallen uitspraak komt daarom voor bevestiging in aanmerking.</para>
    <para />
    <para>Voor een proceskostenveroordeling ziet de Raad geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para>III. BESLISSING </para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep,</para>
    <para />
    <para>Recht doende:</para>
    <para />
    <para>Bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
    <para />
    <para>Deze uitspraak is gedaan door D.J. van der Vos als voorzitter en J.W. Schuttel en R.C. Stam als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van J.P. Mulder als griffier, uitgesproken in het openbaar op 14 juli 2006.</para>
    <para />
    <para>(get.) D.J. van der Vos.</para>
    <para />
    <para>(get.) J.P. Mulder.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>