<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2006:AX8859</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-24T16:44:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AX8859</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2006-06-09</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">03-1582 AWBZ</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2006:AX8859">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2006:AX8859</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T00:10:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2006-06-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2006:AX8859 Centrale Raad van Beroep , 09-06-2006 / 03-1582 AWBZ</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2006:AX8859:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Termijnstelling voor bezwaar en beroep is van openbare orde. Geen verschoonbare reden voor overschrijding bezwaartermijn.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2006:AX8859:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>03/1582 AWBZ</para>
    <para />
    <para>Centrale Raad van Beroep</para>
    <para />
    <para>Meervoudige kamer</para>
    <para />
    <para>U I T S P R A A K</para>
    <para />
    <para>op het hoger beroep van:</para>
    <para />
    <para />
    <para>[appellante], wonende te [woonplaats] (België), (hierna: appellante),</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen de uitspraak van de rechtbank Arnhem van 4 maart 2003, 01/186</para>
      <para>(hierna: aangevallen uitspraak),</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>appellante</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>OHRA Ziektekostenverzekeringen N.V., gevestigd te Arnhem, </para>
      <para>(hierna: het bestuursorgaan).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Datum uitspraak: 9 juni 2006.</para>
    <para />
    <para />
    <para>I. PROCESVERLOOP</para>
    <para />
    <para>Bij besluit van november 1999 heeft het bestuursorgaan aan appellante meegedeeld dat haar inschrijving in het kader van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) met ingang van 1 januari 2000 wordt beëindigd.</para>
    <para />
    <para>Tegen dit besluit is namens appellante bij brief van 17 februari 2000 bezwaar gemaakt.</para>
    <para />
    <para>Bij besluit van 20 december 2000 heeft het bestuursorgaan het bezwaar gegrond verklaard.</para>
    <para />
    <para>Bij uitspraak van 4 maart 2003 heeft de rechtbank o.m. het besluit van 20 december 2000 vernietigd en het bezwaar van 17 februari 2000 tegen het besluit van november 1999 alsnog niet-ontvankelijk verklaard. Voorts heeft de rechtbank bepaald dat haar uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit van 20 december 2000. </para>
    <para />
    <para>Tegen deze uitspraak is namens appellante bij brief van 1 april 2003 hoger beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>Het bestuursorgaan heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>Daarna zijn van elk der partijen nog stukken ontvangen. Deze zijn aan de andere partij toegezonden.</para>
    <para />
    <para>De Raad heeft het geding behandeld ter zitting van 31 mei 2006, waar partijen niet zijn verschenen.</para>
    <para />
    <para />
    <para>II. OVERWEGINGEN</para>
    <para />
    <para>In dit hoger beroep is uitsluitend de vraag aan de orde, of de rechtbank het bezwaar van appellante tegen het besluit van november 1999 terecht alsnog niet-ontvankelijk heeft verklaard.</para>
    <para />
    <para>De Raad beantwoordt deze vraag bevestigend en stelt zich achter de overwegingen van de aangevallen uitspraak. De daarin weergegeven wettelijke regeling van de termijnstelling voor bezwaar en beroep is van openbare orde. Dit brengt mee dat deze op straffe van niet-ontvankelijkverklaring in acht behoort te worden genomen.</para>
    <para />
    <para>Aangezien vast staat dat het besluit met als dagtekening november 1999 op de 15e van die maand aan appellante is verzonden, heeft zij de wettelijke bezwaartermijn van zes weken overschreden en het bezwaarschrift derhalve niet op tijd ingediend. </para>
    <para />
    <para>Hetgeen namens appellante in hoger beroep is aangevoerd (onder meer dat zij in de veronderstelling verkeerde dat de bezwaartermijn drie maanden was), bevat geen grond waarop redelijkerwijs kan worden geoordeeld dat zij bij het indienen van het bezwaar niet in verzuim is geweest. Ook overigens is van enige grond daartoe niet gebleken. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bezwaar is derhalve terecht door de rechtbank niet-ontvankelijk verklaard. </para>
      <para>De aangevallen uitspraak komt voor bevestiging in aanmerking.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Voor een proceskostenveroordeling op grond van art. 8:75 van de Awb acht de Raad geen termen aanwezig.</para>
    <para />
    <para>III. BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep,</para>
    <para />
    <para>Recht doende:</para>
    <para />
    <para>Bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
    <para />
    <para>Aldus gegeven door M.L. 't Hooft als voorzitter en G.M.T. Berkel-Kikkert en A.W.M. Bijloos als leden, in tegenwoordigheid van R.L. Rijnen als griffier, en uitgesproken in het openbaar op 9 juni 2006.</para>
    <para />
    <para>(get.) M.L. ’t Hooft.</para>
    <para />
    <para>(get.) R.L. Rijnen.</para>
    <para />
    <para>BKH 090606</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>