<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:2004:AR9162</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T18:19:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AR9162</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2004-12-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">02/5267 NABW</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JWWB 2005, 86</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2004:AR9162">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2004:AR9162</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-04T21:45:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2005-01-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:2004:AR9162 Centrale Raad van Beroep , 21-12-2004 / 02/5267 NABW</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:2004:AR9162:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Kan het besluit tot voortzetting van bijstand met het opleggen aan betrokkene van de verplichting deel te nemen aan een traject (een plan gericht op arbeidsinschakeling) bij Maatwerk Helmond in rechte standhouden?</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:2004:AR9162:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>02/5267 NABW</para>
    <para />
    <para>U I T S P R A A K</para>
    <para />
    <para>in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>[appellant], wonende te [woonplaats], appellant,</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg, gedaagde.</para>
    <para />
    <para>I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Breda van </para>
      <para>28 augustus 2002, reg.nr. 02/1583.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Gedaagde heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>Het geding is behandeld ter zitting van 9 november 2004, waar appellant, met voorafgaand bericht, niet is verschenen, en waar gedaagde zich heeft laten vertegenwoordigen door C.J.C.J. Crombach, werkzaam bij de gemeente Tilburg.</para>
    <para />
    <para>II. MOTIVERING</para>
    <para />
    <para>De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.</para>
    <para />
    <para>Appellant ontvangt al geruime tijd een bijstandsuitkering, laatstelijk ingevolge de Algemene bijstandswet (Abw).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij besluit van 2 april 2002 heeft gedaagde besloten tot voortzetting van de bijstand, waarbij aan appellant de verplichting is opgelegd deel te nemen aan een traject (een plan gericht op arbeidsinschakeling) bij Maatwerk Helmond. Het traject is opgenomen in een als bijlage bij het besluit gevoegd plan, door gedaagde werkpolis genoemd, dat gericht is op het vergroten van de kansen van appellant op de arbeidsmarkt.</para>
      <para>Bij besluit van 27 juni 2002 heeft gedaagde het bezwaar tegen het besluit van 2 april 2002 ongegrond verklaard. Daarbij heeft gedaagde onder meer aangegeven bij de besluitvorming in aanmerking te hebben genomen dat appellant reeds vele jaren vanwege werkloosheid bijstand ontvangt en dat hij moet trachten zoveel mogelijk zelfstandig in het bestaan te voorzien.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het besluit van 27 juni 2002 ongegrond verklaard.</para>
    <para />
    <para>Appellant heeft zich in hoger beroep tegen deze uitspraak gekeerd.</para>
    <para />
    <para>Appellant heeft aangevoerd dat aan het in geding zijnde trajectplan kwaliteitswaarborgen ontbreken aangezien de kwaliteit niet vooraf is gedefinieerd in gespecificeerde en meetbare vorm en er geen adequaat meetplan is opgesteld. Gelet hierop acht appellant het vrijwel zeker dat hij in een situatie wordt gebracht waarbij hij de vereiste basiskwaliteit moet ontberen.</para>
    <para />
    <para>De Raad wijst er in dit verband op dat de Abw niet voorschrijft dat het in artikel 70, derde lid, van Abw bedoelde plan moet beantwoorden aan de door appellant bedoelde maatstaven. De Raad voegt hieraan nog toe dat niet gebleken is dat gedaagde niet in redelijkheid heeft kunnen geraken tot vaststelling van het in geding zijnde trajectplan nu dit, gezien de inhoud ervan, gericht is op vergroting van de kansen van appellant op arbeidsinschakeling.</para>
    <para />
    <para>Appellant kan zich voorts niet verenigen met hetgeen in het plan is opgenomen onder het hoofdje “Geschillen”. De Raad overweegt dienaangaande dat het hier, gelet op hetgeen aldaar is vermeld, niet gaat om een geschillenregeling, maar om een voorziening die ertoe strekt de participatie van appellant bij de totstandkoming en de inhoud van het plan te verhogen. Deze regeling komt dan ook tegemoet aan het bezwaar van appellant dat zijn betrokkenheid bij het trajectplan onvoldoende is gewaarborgd.</para>
    <para />
    <para>Gezien het vorenstaande komt de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking.</para>
    <para />
    <para>De Raad ziet ten slotte geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.</para>
    <para />
    <para>III. BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep,</para>
    <para />
    <para>Recht doende:</para>
    <para />
    <para>Bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
    <para />
    <para>Aldus gewezen door mr. Th.C. van Sloten als voorzitter en mr. R.M. van Male en mr. H.J. de Mooij als leden, in tegenwoordigheid van mr. R. van den Munckhof als griffier, en uitgesproken in het openbaar op 21 december 2004.</para>
    <para />
    <para>(get.) Th.C. van Sloten.</para>
    <para />
    <para>(get.) R. van den Munckhof.</para>
    <para />
    <para>JK/22124</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>