<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:1997:ZB6713</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-18T15:47:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">ZB6713</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">1997-02-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">96/382 AW</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_ambtenarenrecht">Bestuursrecht; Ambtenarenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0005537&amp;artikel=1:3&amp;g=1997-02-13">Algemene wet bestuursrecht 1:3</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>TAR 1997/60</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:1997:ZB6713">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:1997:ZB6713</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-03-12T14:21:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-03-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:1997:ZB6713 Centrale Raad van Beroep , 13-02-1997 / 96/382 AW</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:1997:ZB6713:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verstrekken van informatie is geen besluit. Doorzendplicht.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:1997:ZB6713:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>96/382 AW                                    O</para>
  <para />
  <para />
  <para>U I T S P R A A K</para>
  <para />
  <para />
  <para>in het geding tussen:</para>
  <para />
  <para>
    [appellant], wonende te [woonplaats], appellant,</para>
  <para />
  <para>en</para>
  <para />
  <para>de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, gedaagde.</para>
  <para />
  <para />
  <para>I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING</para>
  <para />
  <parablock>
    <para>Appellant heeft op de daartoe bij aanvullend beroepschrift</para>
    <para>aangevoerde gronden hoger beroep ingesteld tegen de door de</para>
    <para>Arrondissementsrechtbank te 's-Gravenhage op 30 november 1995</para>
    <para>onder nr AWB 95/2831 AW gegeven uitspraak, waarnaar hierbij</para>
    <para>wordt verwezen.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para>Namens gedaagde is een verweerschrift ingediend.</para>
  <para />
  <parablock>
    <para>Het geding is behandeld ter zitting van 9 januari 1997, waar</para>
    <para>appellant niet is verschenen en gedaagde zich heeft laten</para>
    <para>vertegenwoordigen door M. Smit, werkzaam bij gedaagdes</para>
    <para>ministerie.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <para>II. MOTIVERING</para>
  <para />
  <parablock>
    <para>Appellant heeft gedaagde bij brief van 18 juli 1994 verzocht</para>
    <para>om een schriftelijke verklaring, inhoudende dat zijn</para>
    <para>dienstverband bij het Ministerie van Onderwijs en</para>
    <para>Wetenschappen en zijn dienstverband met de Koninklijke</para>
    <para>Bibliotheek een ononderbroken dienstverband zijn als bedoeld</para>
    <para>in artikel 36, derde lid, van het Besluit werkloosheid</para>
    <para>onderwijs- en onderzoekspersoneel (BWOO).</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Namens gedaagde is bij brief van 5 augustus 1994 mededeling</para>
    <para>gedaan van zijn conclusie dat de tijd voor 1 juni 1990 niet</para>
    <para>kan meetellen voor een eventuele bovenwettelijke</para>
    <para>werkloosheidsuitkering op grond van het BWOO. De brief eindigt</para>
    <para>met de zinsnede: "Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te</para>
    <para>hebben ingelicht".</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Bij besluit van 26 januari 1995 heeft gedaagde overeenkomstig</para>
    <para>het advies van de adviescommissie Interne</para>
    <para>Bezwaarschriftprocedure appellant niet-ontvankelijk verklaard</para>
    <para>in zijn bezwaar tegen de brief van 5 augustus 1994.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Evenals de rechtbank is de Raad van oordeel dat appellant</para>
    <para>terecht niet-ontvankelijk is verklaard in zijn bezwaar en</para>
    <para>overweegt daartoe het volgende.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Artikel 8 van het BWOO bepaalt dat het uitvoeringsorgaan</para>
    <para>vaststelt of een recht op uitkering (ter zake van</para>
    <para>werkloosheid) bestaat, nadat daartoe een aanvraag is</para>
    <para>ingediend. De uitvoering van het BWOO is in artikel 1 van de</para>
    <para>Regeling aanwijzing van de uitvoeringsorganen in de zin van</para>
    <para>het BWOO voor universiteiten, academische ziekenhuizen en</para>
    <para>onderzoekinstellingen opgedragen aan de Minister van</para>
    <para>Binnenlandse Zaken.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Gedaagde heeft in antwoord op appellants brief van 18 juli</para>
    <para>1994 mededeling gedaan van zijn interpretatie van het begrip</para>
    <para>ononderbroken dienstverband in de zin van artikel 36 van het</para>
    <para>BWOO, zulks met betrekking tot een mogelijke toekomstige</para>
    <para>toepassing van die regeling ten aanzien van appellant.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>De Raad ziet niet dat gedaagde met het geven van de informatie</para>
    <para>als hier aan de orde enig rechtsgevolg heeft beoogd of dat</para>
    <para>zulks enige rechtens relevante betekenis heeft voor de</para>
    <para>rechtspositie van appellant.</para>
    <para>Er is geen sprake van een publiekrechtelijke rechtshandeling</para>
    <para>en derhalve geen besluit in de zin van artikel 1:3 van de</para>
    <para>Algemene wet bestuursrecht (Awb), waartegen ingevolge het</para>
    <para>bepaalde in artikel 7:1 en 8:1 van die wet bezwaar en beroep</para>
    <para>kan worden ingesteld, en evenmin van een voor bezwaar en</para>
    <para>beroep vatbare andere handeling als bedoeld in het tweede lid</para>
    <para>van artikel 8:1 van de Awb.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Gelet op het vorenstaande is de Raad van oordeel dat gedaagde</para>
    <para>appellant terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard in zijn</para>
    <para>bezwaar, zodat de aangevallen uitspraak dient te worden</para>
    <para>bevestigd.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>De Raad wil nog opmerken dat hij, anders dan de rechtbank,</para>
    <para>niet ziet dat de in artikel 2:3, eerste lid, van de Awb</para>
    <para>opgenomen verplichting voor het bestuursorgaan tot onverwijlde</para>
    <para>doorzending van geschriften tot behandeling waarvan kennelijk</para>
    <para>een ander bestuursorgaan bevoegd is, aan dat orgaan, zou zijn</para>
    <para>beperkt tot besluiten in de zin van artikel 1:3 van de Awb.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Gelet op het eerderoverwogene ziet de Raad geen aanleiding om</para>
    <para>toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Awb.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <para>III. BESLISSING</para>
  <para />
  <para>De Centrale Raad van Beroep,</para>
  <para />
  <para>Recht doende:</para>
  <para />
  <para>Bevestigt de aangevallen uitspraak.</para>
  <para />
  <parablock>
    <para>Aldus gegeven door mr H.A.A.G. Vermeulen als voorzitter en mr</para>
    <para>Ch. de Vrey en mr W.D.M. van Diepenbeek als leden, in</para>
    <para>tegenwoordigheid van mr A.H. Beijer als griffier en</para>
    <para>uitgesproken in het openbaar op 13 februari 1997.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para>(get.) H.A.A.G. Vermeulen.</para>
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para>(get.) A.H. Beijer.</para>
  <para />
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>HD</para>
    <para>14.02</para>
  </parablock>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>