<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:1996:ZB6393</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T17:31:08</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">ZB6393</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">1996-08-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">95/2622 AAW/WAO</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0005537&amp;artikel=8:64&amp;g=1996-08-28">Algemene wet bestuursrecht 8:64</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0005537&amp;artikel=8:64&amp;g=1996-08-28">Algemene wet bestuursrecht 8:64</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0005537&amp;artikel=8:64&amp;g=1996-08-28">Algemene wet bestuursrecht 8:64</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0002170&amp;artikel=26&amp;g=1996-08-28">Beroepswet 26</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>AB 1997, 60</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:1996:ZB6393">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:1996:ZB6393</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-08T13:48:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2007-10-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:1996:ZB6393 Centrale Raad van Beroep , 28-08-1996 / 95/2622 AAW/WAO</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:1996:ZB6393:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Rechtbank heeft ex art 8:64.1 Awb onderzoek geschorst; ex art 8:64.3 Awb wordt na</para>
        <para> schorsing zaak op een nadere zitting hervat; i.c. niet gebeurd.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:1996:ZB6393:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>95/2622 AAW/WAO                              O</para>
    <para />
    <para />
    <para>U I T S P R A A K</para>
    <para />
    <para />
    <para>in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>[appellante], appellante,</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>het bestuur van de Bedrijfsvereniging voor Bank- en</para>
      <para>Verzekeringswezen, Groothandel en Vrije Beroepen,</para>
      <para>gedaagde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>I.ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij besluit van 18 januari 1994 heeft gedaagde de aan</para>
      <para>appellante krachtens de Algemene</para>
      <para>Arbeidsongeschiktheidswet en de Wet op de</para>
      <para>arbeidsongeschiktheidsverzekering toegekende uitkeringen,</para>
      <para>die werden berekend naar een mate van</para>
      <para>arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, met ingang van 3</para>
      <para>maart 1994 ingetrokken op de grond dat haar</para>
      <para>arbeidsongeschiktheid per die datum moet worden gesteld</para>
      <para>op minder dan 15%.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De arrondissementsrechtbank te Rotterdam heeft bij</para>
      <para>uitspraak van 5 maart 1995 het door appellante tegen</para>
      <para>voormeld besluit ingestelde beroep ongegrond verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Appellante is bij beroepschrift (met bijlage) van 3 april</para>
      <para>1995 in hoger beroep gekomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens gedaagde is een verweerschrift (met bijlage),</para>
      <para>gedateerd 10 oktober 1995, ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het geding is behandeld ter zitting van de Raad op</para>
      <para>31 juli 1996. Appellante is daar verschenen, vergezeld</para>
      <para>door haar echtgenoot, H. van der Ent. Gedaagde heeft zich</para>
      <para>-zoals aangekondigd- niet laten vertegenwoordigen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>II. MOTIVERING</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Raad ziet aanleiding om in de eerste plaats te</para>
      <para>onderzoeken of de aangevallen uitspraak van de rechtbank</para>
      <para>op juiste wijze is tot stand gekomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Blijkens de gedingstukken is het door appellante bij de</para>
      <para>rechtbank ingestelde beroep door de rechtbank behandeld</para>
      <para>ter zitting van 27 januari 1995. Naar is vermeld in het</para>
      <para>van die zitting opgemaakte proces-verbaal, heeft de</para>
      <para>toenmalige gemachtigde van appellante, mr H.A.</para>
      <para>Bravenboer, advocaat te Spijkenisse, op de ochtend van de</para>
      <para>zitting per fax nog een gedingstuk ingediend. Op de</para>
      <para>zitting had gedaagde zich niet laten vertegenwoordigen.</para>
      <para>In deze gang van zaken heeft de rechtbank aanleiding</para>
      <para>gevonden om het onderzoek in deze zaak te schorsen.</para>
      <para>Vervolgens heeft de rechtbank de aangevallen uitspraak</para>
      <para>gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De Raad overweegt het volgende.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft met toepassing van artikel 8:64,</para>
      <para>eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht (hierna:</para>
      <para>Awb) het onderzoek geschorst.</para>
      <para>Ingevolge artikel 8:64, derde lid van de Awb wordt na een</para>
      <para>schorsing een zaak op een nadere zitting hervat in de</para>
      <para>stand waarin zij zich bevond. Ingevolge artikel 8:64,</para>
      <para>vijfde lid van de Awb kan de rechtbank bepalen dat de</para>
      <para>nadere zitting achterwege blijft. Voorwaarde voor de</para>
      <para>uitoefening van de laatste bevoegdheid is dat partijen</para>
      <para>hiervoor toestemming hebben gegeven.</para>
      <para>Deze toestemming ontbreekt in het onderhavige geval.</para>
      <para>Daarom heeft de rechtbank de aangevallen uitspraak gedaan</para>
      <para>in strijd met artikel 8:64 van de Awb. Derhalve komt de</para>
      <para>aangevallen uitspraak voor vernietiging in aanmerking.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aangezien appellante erover heeft geklaagd dat haar door</para>
      <para>de gang van zaken de mogelijkheid van weerwoord bij de</para>
      <para>rechtbank is ontnomen, acht de Raad het aangewezen om met</para>
      <para>toepassing van artikel 26, eerste lid, aanhef en onder b</para>
      <para>van de Beroepswet de zaak terug te wijzen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen alsmede op het</para>
      <para>bepaalde in artikel 25, eerste lid van de Beroepswet</para>
      <para>stelt de Raad vast dat het door appellante in hoger</para>
      <para>beroep gestorte griffierecht door gedaagde dient te</para>
      <para>worden vergoed.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Raad acht termen aanwezig om op grond van van artikel</para>
      <para>8:75 van de Awb gedaagde te veroordelen in de</para>
      <para>proceskosten van appellante in hoger beroep. Deze kosten</para>
      <para>worden begroot op f 36,15 aan reiskosten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>III. BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep,</para>
    <para />
    <para>Recht doende:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vernietigt de aangevallen uitspraak;</para>
      <para>Wijst de zaak terug naar de rechtbank te Rotterdam;</para>
      <para>Verstaat dat gedaagdes bedrijfsvereniging aan appellante</para>
      <para>het gestorte recht van f 150,- vergoedt;</para>
      <para>Veroordeelt gedaagde in de proceskosten van appellante in</para>
      <para>hoger beroep tot een bedrag groot f 36,15, te betalen</para>
      <para>door gedaagdes bedrijfsvereniging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gegeven door mr C.G.L. Plomp als voorzitter en</para>
      <para>mr A. Beuker-Tilstra en mr L.J.A. Damen als leden, in</para>
      <para>tegenwoordigheid van B.C. Rog als griffier, en</para>
      <para>uitgesproken in het openbaar op 28 augustus 1996.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>(get.) C.G.L. Plomp.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>(get.) B.C. Rog.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>HD/RH</para>
      <para>26.08</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>