<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CRVB:1993:ZB1895</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-08T13:33:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">ZB1895</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Centrale_Raad_van_Beroep" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Centrale Raad van Beroep</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">1993-05-18</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">WAO 89/53</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0002524&amp;artikel=44&amp;g=1993-05-18">Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering 44</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:1993:ZB1895">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:1993:ZB1895</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-08T13:33:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-06-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CRVB:1993:ZB1895 Centrale Raad van Beroep , 18-05-1993 / WAO 89/53</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CRVB:1993:ZB1895:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Is terecht besloten om met toepassing van artikel 44 van de WAO op de aan eiser ingevolge die wet toegekende uitkering een korting toe te passen wegens door eiser uit de door hem verworven (deeltijd)functie als docent genoten inkomsten?</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CRVB:1993:ZB1895:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>WAO 1989/53</para>
    <para />
    <para />
    <para>U I T S P R A A K</para>
    <para />
    <para />
    <para>in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>[eiser], wonende te [woonplaats], eiser,</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>het bestuur van de Bedrijfsvereniging voor Bank- en Verzekeringswezen,</para>
      <para>Groothandel en Vrije Beroepen, gedaagde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiser is in hoger beroep gekomen van een door de voormalige Raad van Beroep</para>
      <para>te 's-Hertogenbosch onder dagtekening 8 maart 1989 tussen partijen gewezen uitspraak.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij die uitspraak heeft de Raad van Beroep het vanwege eiser bij die raad</para>
      <para>ingestelde beroep tegen de -hier in afschrift aangehechte- voor beroep</para>
      <para>vatbare beslissing van gedaagde d.d. 19 juni 1987 ongegrond verklaard en</para>
      <para>die beslissing   vernietigd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen hebben de Raad onderscheidene stukken doen toekomen, daaronder</para>
      <para>begrepen een bij begeleidend schrijven van eiser d.d. 29 oktober 1992 (met</para>
      <para>bijlagen) toegezonden toelichting op het ingestelde hoger beroep en een</para>
      <para>reactie   daarop van de zijde van gedaagde, neergelegd in een brief van 23</para>
      <para>december 1992 (met bijlagen).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het geding is achtereenvolgens behandeld ter terechtzitting van de Raad</para>
      <para>gehouden op 7 juli 1992 en op 6 april 1993 waar voor gedaagde telkens is</para>
      <para>opgetreden mr. H.J.A. Bos, werkzaam bij het Gemeenschappelijk</para>
      <para>Administratiekantoor. Eiser is ter terechtzitting van 7 juli 1992 niet en</para>
      <para>ter terechtzitting van 6 april 1993 in persoon verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>II. MOTIVERING</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij de hiervoor onder I vermelde bestreden beslissing heeft gedaagde -</para>
      <para>onder meer- besloten met toepassing van artikel 44 van de WAO op de aan</para>
      <para>eiser ingevolge die wet toegekende uitkering een korting toe te passen</para>
      <para>wegens door eiser uit de door hem verworven (deeltijd)functie als docent</para>
      <para>genoten inkomsten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Die beslissing is, zoals onder I aangegeven, bij de aangevallen uitspraak</para>
      <para>vernietigd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eisers bezwaar in hoger beroep, zoals door de Raad mede en met name gelet</para>
      <para>op de   daarop ter terechtzitting verstrekte toelichting verstaan, is</para>
      <para>gericht tegen de in de aangevallen uitspraak -onder meer- neergelegde</para>
      <para>zienswijze van de eerste rechter, inhoudend dat in het onderhavige geval</para>
      <para>bij de vaststelling van de inkomsten uit arbeid als bedoeld in artikel 44</para>
      <para>van de WAO als aftrekbare verwervingskosten uitsluitend in aanmerking komen</para>
      <para>de uit hoofde van eisers docentschap daadwerkelijk te zijnen laste gebleven</para>
      <para>autokosten en dat derhalve de door eiser in verband met de door hem</para>
      <para>destijds volbrachte studie sociologie opgevoerde uitgaven, in totaal</para>
      <para>gesteld op ƒ 34.933,- (studiekosten) plus ƒ 19.669,- (verbouwingskosten studeerkamer)</para>
      <para>buiten beschouwing moeten blijven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De door eiser tegen de zoëven bedoelde -door de Raad als partijen bindend</para>
      <para>beschouwde- overwegingen van de eerste rechter aangevoerde grieven treffen</para>
      <para>naar   's Raads oordeel geen doel en wel reeds om deze reden, dat tussen de</para>
      <para>aan de orde zijnde inkomsten in de zin van voormeld artikel 44 en de door</para>
      <para>eiser te berde gebrachte verbouwings- en studiekosten geen in het kader van</para>
      <para>genoemde bepaling relevant te achten verband aanwezig is. Hierop is van de</para>
      <para>zijde van gedaagde in de door mr. P.J. van Ogtrop opgestelde nota van 3</para>
      <para>januari 1990 met juistheid gewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten gerieve van partijen voegt de Raad aan het vorengaande</para>
      <para>-strikt genomen: ten overvloede- toe dat hij de in de bij de zojuist</para>
      <para>genoemde nota behorende bijlage vervatte berekening met betrekking tot</para>
      <para>voormelde autokosten evenmin voor onjuist kan houden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het vorenoverwogene in aanmerking genomen heeft de Raad in hetgeen door</para>
      <para>eiser ter zake is aangevoerd geen grond gevonden om anders te beslissen dan</para>
      <para>hierna onder III is aangegeven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>III. BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De Centrale Raad van Beroep,</para>
    <para />
    <para>Recht doende:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bevestigt de aangevallen uitspraak voor zover in hoger beroep</para>
      <para>aangevochten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gegeven door mr. P.A.W. Hermans als voorzitter en mr. M.I. 't Hooft</para>
      <para>en mr. Chr. van Voorst als leden, in tegenwoordigheid van mr. M.D.W.</para>
      <para>Smit-van Valkenhoef als griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uitgesproken in het openbaar op 18 mei 1993 door voornoemde voorzitter, in</para>
      <para>tegenwoordigheid van T.W.J.M. Weijers als griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>(get.) P.A.W. Hermans.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>(get.) T.W.J.M. Weijers.      			(get.) M.D.W. Smit-van Valkenhoef.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>