<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CBB:2023:392</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-25T12:21:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/College_van_Beroep_voor_het_bedrijfsleven" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">College van Beroep voor het bedrijfsleven</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-07-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">23/1372</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#mondelingeUitspraak">Mondelinge uitspraak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#proceskostenveroordeling">Proceskostenveroordeling</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0007952&amp;g=2022-01-01">Winkeltijdenwet</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CBB:2023:392">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CBB:2023:392</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-21T09:42:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CBB:2023:392 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 11-07-2023 / 23/1372</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CBB:2023:392:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Voorlopige voorziening, mondelinge uitspraak. Intrekking ontheffing winkeltijdenwet van een avondwinkel. Er bestaat een grond voor intrekking van de ontheffing, maar het college van B&amp;W heeft onvoldoende aandacht gehad voor de belangen van de ondernemer. De voorzieningenrechter schorst daarom het intrekkingsbesluit, maar verbindt daaraan wel de voorwaarde dat er geen alcohol verkocht mag worden.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CBB:2023:392:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>proces-verbaal uitspraak </para>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="e278c616-ebf7-4b86-8ffb-8b4143194697" depth="1" width="568" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="7a7f867e-5e76-4efb-a4cd-b848e82ecc8b" depth="1" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
    </para>
    <bridgehead role="bold">COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 23/1372</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van 11 juli 2023 op het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak tussen</bridgehead>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam 1] B.V., te [plaats] , ( [naam 1] )</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. A. Kara),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerlen, (B&amp;W)</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. V. van den Heuvel).</para>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 11 september 2017 heeft B&amp;W een ontheffing van de Winkeltijdenwet aan [naam 1] verleend voor het vestigen van een avondwinkel (‘ [naam 2] ’). Met het besluit van 7 juni 2023 (het intrekkingsbesluit) heeft B&amp;W deze ontheffing ingetrokken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [naam 1] heeft bezwaar gemaakt tegen het intrekkingsbesluit. Zij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>B&amp;W heeft een verweerschrift ingediend. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zitting was op 11 juli 2023. Aan de zitting hebben deelgenomen de gemachtigden van partijen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Na sluiting van het onderzoek ter zitting heeft de voorzieningenrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter: </para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>schorst het intrekkingsbesluit tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar; </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verbindt aan de ontheffing van de Winkeltijdenwet de voorwaarde dat er gedurende de gehele openstelling van de avondwinkel (dus ook de reguliere openingstijden) geen alcohol te koop mag worden aangeboden dan wel verkocht en dat dit zichtbaar is voor de klanten;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>draagt het B&amp;W op het betaalde griffierecht van € 365,- aan [naam 1] te vergoeden;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>- veroordeelt B&amp;W in de proceskosten van [naam 1] tot een bedrag van € 1.674,-.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen </title>
    <para />
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>De voorzieningenrechter stelt vast dat er een grond bestaat voor intrekking van de ontheffing. Op grond van artikel 4, aanhef en onder d, van de Winkeltijdenverordening 2019 kan B&amp;W een ontheffing intrekken of wijzigen indien de aan de ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen. Tijdens de integrale controle op 1 november 2022 zijn twaalf busjes traangas aangetroffen achter de toonbank. De voorzieningenrechter vindt het aannemelijk dat dit bestemd was voor de verkoop. Ook is er sterk alcoholhoudende drank aangetroffen. [naam 1] heeft dit ook niet betwist. Dit betekent dat één van de voorschriften niet is nagekomen, namelijk dat in de winkel uitsluitend producten/goederen te koop worden aangeboden en verkocht die normaliter passen in het assortiment van een avondwinkel. <?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>In de belangenafweging heeft B&amp;W echter onvoldoende aandacht gehad voor de belangen van [naam 1] . De burgemeester van Heerlen heeft de avondwinkel namelijk eerder al drie maanden gesloten in verband met de openbare orde. Uit het intrekkingsbesluit blijkt niet dat hier rekening mee is gehouden. Verder heeft B&amp;W onvoldoende onderbouwd dat de (vele) meldingen van overlast die zouden zijn gedaan, te relateren zijn aan de openstelling van de avondwinkel na 22.00. B&amp;W baseert zich op de bestuurlijke rapportage van 18 november 2022, maar heeft geen onderliggende stukken overgelegd. Verder worden de bevindingen van een integrale controle op 17 oktober 2019 aan [naam 1] tegengeworpen, terwijl ook daar geen stukken van zijn overgelegd. Bij de af te wegen belangen neemt de voorzieningenrechter tot slot in aanmerking dat [naam 1] geen bezwaar heeft tegen een ordemaatregel die inhoudt dat zij geen alcohol meer mag aanbieden dan wel verkopen.<?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>De voorzieningenrechter veroordeelt B&amp;W in de door [naam 1] gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op  € 1.674,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 837 ,- en een wegingsfactor 1). Ook moet B&amp;W het door [naam 1] betaalde griffierecht aan haar vergoeden. </para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. J.H. de Wildt, in aanwezigheid van mr. A.A. Dijk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 11 juli 2023.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>w.g. J.H. de Wildt	w.g. A.A. Dijk</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschrift verzonden aan partijen op: </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>