<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CBB:2023:27</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-01-17T12:16:41</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-01-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/College_van_Beroep_voor_het_bedrijfsleven" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">College van Beroep voor het bedrijfsleven</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-01-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">21/1146</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0030250&amp;g=2022-12-22">Wet dieren</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CBB:2023:27">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CBB:2023:27</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-01-16T13:13:45</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-01-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CBB:2023:27 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 17-01-2023 / 21/1146</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CBB:2023:27:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>11e van een serie uitspraken. Beroep van de veehouder is gericht tegen het besluit van de minister van LNV om zijn bezwaar tegen een brief over de uitkomst van een hercontrole niet-ontvankelijk te verklaren. Tijdens die hercontrole is geconstateerd dat aan een eerdere last onder bestuursdwang was voldaan, zodat er geen bestuursdwang hoefde te worden toegepast. De minister heeft de veehouder vervolgens met een brief over de uitkomst van die hercontrole geïnformeerd. Het College is, net als de minister, van oordeel dat de brief niet gericht is op rechtsgevolg. De brief brengt immers geen wijziging aan in de eerdere last onder bestuursdwang, er wordt geen bestuursdwang toegepast en er worden ook geen (andere) maatregelen getroffen. Dit betekent dat de brief geen besluit is in de zin van de Awb en dat de minister het daartegen gerichte bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard. Beroep ongegrond.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CBB:2023:27:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>uitspraak </para>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="5ff2e78c-9c01-4f41-b516-ae9b6e53b917" depth="1" width="568" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="e32bf22d-dfc7-46ba-bcc3-2c935747f05b" depth="1" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
    </para>
    <bridgehead role="bold">COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummers: 21/1146</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 januari 2023 in de zaak tussen<?linebreak?></bridgehead>
    <bridgehead role="bold">
      [veehouder] , te [plaats] , appellant,</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, verweerder,</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. B.M. Kleijs).</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 23 april 2021 heeft verweerder een last onder bestuursdwang opgelegd waarbij appellant een aantal maatregelen is opgelegd. Op 1 juli 2021 hebben toezichthouders </para>
      <para>van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) een (her)controle uitgevoerd op het bedrijf van appellant.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij brief van 2 juli 2021 heeft verweerder appellant over de uitkomst van die (her)controle geïnformeerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen de brief van 2 juli 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij besluit van 2 september 2021 heeft verweerder het bezwaar van appellant niet-ontvankelijk verklaard. Tegen dat besluit heeft appellant beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 19 oktober 2022. </para>
      <para>De zaak is behandeld samen met de zaken nummers 20/566 t/m 20/571, 20/617, 20/763, 20/860, 21/166 t/m 21/169, 22/225 en 22/1788.</para>
      <para>Appellant is verschenen. Voor appellant zijn ook verschenen [naam 1] , [naam 2] , [naam 3] en [naam 4] .</para>
      <para>Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Voorts zijn voor verweerder verschenen mr. J.W.J. Reuvers en mr. A.H. Spriensma. Ook is verschenen mr. M.A. Sijbrandij van het COKZ.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen </title>
    <para />
    <para>1. Verweerder heeft het bezwaar van appellant niet-ontvankelijk verklaard omdat volgens verweerder geen sprake is van een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Volgens die bepaling wordt onder een besluit verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling.</para>
    <para>2. Het College overweegt het volgende. Op 1 juli 2021 heeft een hercontrole plaatsgevonden met als doel om te controleren of appellant had voldaan aan een eerdere, op 23 april 2021 opgelegde last onder bestuursdwang, waarbij appellant in verband met enkele overtredingen maatregelen waren opgelegd. Uit het daarvan opgemaakte rapport van bevindingen blijkt dat op 1 juli 2021 is geconstateerd dat aan de last was voldaan, zodat er geen bestuursdwang hoefde te worden toegepast. Verweerder heeft appellant vervolgens met een brief van 2 juli 2021 over de uitkomsten van de hercontrole van 1 juli 2021 geïnformeerd.</para>
    <para>Het College is, net als verweerder, van oordeel dat de brief van 2 juli 2021 niet gericht is op rechtsgevolg. De brief brengt immers geen wijziging aan in de last onder bestuursdwang van 23 april 2021, er wordt geen bestuursdwang toegepast en er worden ook geen (andere) maatregelen getroffen. Dit betekent dat de brief van 2 juli 2021 geen besluit is in de zin van de Awb en dat verweerder het daartegen gerichte bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard.</para>
    <para />
    <para>3. De slotsom is dat het beroep ongegrond is.</para>
    <para />
    <para>4. Verweerder hoeft geen proceskosten te vergoeden.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het College verklaart het beroep ongegrond.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. R.W.L. Koopmans, in aanwezigheid van mr. J.M.M. Bancken, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 17 januari 2023.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>w.g. R.W.L. Koopmans	w.g. J.M.M. Bancken</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>