<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:CBB:2013:277</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-11T03:23:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-12-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/College_van_Beroep_voor_het_bedrijfsleven" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">College van Beroep voor het bedrijfsleven</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2013-12-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB 13/443</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Gravenhage</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBROT:2013:149" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/hogerBeroep" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#overig">Eerste aanleg: ECLI:NL:RBROT:2013:149, Overig</dcterms:relation>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0009950&amp;g=2013-12-18">Telecommunicatiewet</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CBB:2013:277">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CBB:2013:277</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-12-18T11:00:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-12-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:CBB:2013:277 College van Beroep voor het bedrijfsleven , 13-12-2013 / AWB 13/443</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:CBB:2013:277:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De Regeling verlenging en digitalisering commerciële radio-omroep (middengolf en niet-landelijke FM) bevat algemeen verbindende voorschriften waartegen ingevolge de Algemene wet bestuursrecht geen rechtsmiddelen openstaan.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:CBB:2013:277:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>uitspraak </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 13/443 </para>
      <para>15311</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Uitspraak van de meervoudige kamer van 13 december 2013 op het hoger beroep van:</emphasis>
        <?linebreak?>
        <?linebreak?>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Quality RTV B.V.</emphasis>, te Utrecht, appellante</para>
      <para>(gemachtigde: mr. H.W.J. Lambers),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam (de rechtbank) van 8 mei 2013 (ECLI:NL:RBROT:2013:3149; de aangevallen uitspraak) in het geding tussen appellante </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de Minister van Economische Zaken</emphasis> (de minister)</para>
      <para>(gemachtigde: mr. E.P. Koorstra).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop in hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Appellante heeft bij brief van 18 juni 2013 hoger beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De minister heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met toestemming van partijen is het onderzoek ter zitting achterwege gebleven. Op 5 december 2013 heeft het College het onderzoek gesloten.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De grondslag van het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Voor een uitgebreide weergave van het verloop van de procedure, het wettelijk kader en de in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden, voor zover niet bestreden, wordt verwezen naar de aangevallen uitspraak. Het College volstaat met het volgende.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Op 7 juni 2011 is de Regeling verlenging en digitalisering commerciële radio-oproep (middengolf en niet-landelijke FM) (de Regeling) in werking getreden. Het door appellante tegen de Regeling ingediende bezwaar is door de minister bij besluit van 3 november 2011 (het besluit) niet-ontvankelijk verklaard. Tegen dit besluit was het beroep van appellante bij de rechtbank gericht.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De uitspraak van de rechtbank</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft het beroep van appellante tegen het besluit ongegrond verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De standpunten van partijen in hoger beroep</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Appellante heeft aangevoerd dat het bezwaar tegen de Regeling ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard. Het hoger beroep dient louter ter bewaring van de rechten van appellante, om te voorkomen dat de Regeling jegens haar formele rechtskracht zou krijgen als gevolg van het onbenut laten van een rechtsmiddel. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>De minister betoogt dat de Regeling als een algemeen verbindend voorschrift heeft te gelden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling van het geschil in hoger beroep</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <para>Appellante komt in hoger beroep enkel op tegen het oordeel van de rechtbank dat de minister het bezwaar van appellante tegen de Regeling terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2</nr>
      <para>De Regeling bevat naar het oordeel van het College zelfstandige normstellingen die gelden voor alle verkrijgers of houders van de bestaande middengolfvergunningen en niet-landelijke FM-vergunningen die worden verlengd respectievelijk worden verleend met toepassing van de Regeling. De Regeling heeft externe werking en richt zich in beginsel tot een onbeperkte groep van rechtssubjecten waardoor zij geschikt is voor herhaalde toepassing. Daarbij bevat de Regeling algemene regels die verder strekken dan het bepalen van de werkingssfeer van al bestaande algemeen verbindende normen. Met de rechtbank is het College van oordeel dat de Regeling dan ook algemeen verbindende voorschriften bevat. Artikel 8:3, eerste lid, aanhef en onder a, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) sluit beroep tegen een dergelijk besluit uit. De rechtbank heeft met toepassing van artikel 8:2, eerste lid, aanhef en onder a, Awb (oud) het beroep van appellante terecht ongegrond verklaard.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3</nr>
      <para>Het hoger beroep faalt en de aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4</nr>
      <para>Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het College bevestigt de aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Stam, mr. E.R. Eggeraat en mr. M. van Duuren, in aanwezigheid van mr. G.D. Kleijne, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 9 december 2013.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>w.g. R.C. Stam			w.g. G.D. Kleijne</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>